Niet als in de film

Binnen een week bezochten honderdduizend mensen 'De Nieuwe Wildernis' - de film die de Oostvaardersplassen laat zien als een ruige steppe. De werkelijkheid is óók mooi, maar iets minder spectaculair.

Een beetje stil kwam ik uit de bioscoop, na het zien van de film 'De Nieuwe Wildernis'. Niet vanwege het tragische lot van de hoofdrolspeelster (een zwart veulen), ook niet vanwege het forse aantal doden (zelden zoveel sterfgevallen in één film gezien), maar omdat ik achterbleef met het gevoel dat er nogal wat leven leeft waarvan ik geen weet heb.

Anderhalf uur aanschouwde ik dieren tijdens de meest dramatische momenten in hun bestaan, begeleid door teerhartige zinnen als "de winter is meedogenloos", en "op de plek waar het leven zo intens gevierd wordt, is de dood net zo belangrijk", op vaderlijke toon uitgesproken door Albert Heijn-boegbeeld Harry Piekema - ik genoot ervan.

Deze 'nieuwe wildernis', de Oostvaardersplassen, kende ik alleen uit de trein van Amsterdam naar het noorden. Tussen Almere en Lelystad rijd je van een woonwijk, waarvan de straten namen dragen van striphelden, abrupt het dorre, kaalgevreten woestijnland in. Het droge land ontlokt treinreizigers kreten als "on-Nederlands!", of "net de steppe!", of (even vaak gehoord) "net de savanne!"

Na de film wil ik de nieuwe wildernis in het echt zien. Ik ben niet de enige, op de mooie septemberzaterdag. Bij het gloednieuwe Buitencentrum, het begin van mijn fietstocht, staan de auto's geparkeerd tot ver buiten de vakken. Een dag later zal Staatsbosbeheer laten weten dat het leuk is dat we er zijn, maar dat we niet allemaal tegelijk moeten komen.

Langs het spoor waarover de trein naar het noorden voorbijraast, fiets ik naar het Kotterbos. Ik sta stil bij grote zilverreigers, die spierwit afsteken tegen het beige landschap. Als ik langzamer ga fietsen ontwaar ik een kikkertje zo groot als mijn duim, torretjes die nog snel de overkant van het pad proberen te halen en een muisje dat die overkant niet haalde. 't Is niet helemaal de wildernis uit de film, maar mooi is het hier wel. Toch wil ik méér. De zeearend; een beest dat als bijnaam 'de vliegende deur' heeft, wil ik zeker zien.

Bij het Natuurbelevingscentrum trekt de kudde konikpaarden veel bekijks, tientallen liefhebbers aanschouwen op afstand de trage bewegingen van de dieren. Eén van de paarden heeft zich afgezonderd van de groep. Vroeger was dit gewoon een paard bij een vennetje, sinds de film roept het beest vragen op. Waarom staat het daar alleen, hoe is de relatie met zijn familie? Ook een kadaver van een edelhert ziet er niet meer hetzelfde uit. Nu weet ik dat er uitgebreid familieberaad en -leed vooraf gegaan is aan het besluit een verzwakte soortgenoot achter te laten om te sterven.

Onderweg naar de Oostvaardersdijk tref ik een vogelaar met een camera. Hij kwam hier al vóór de film uit was, zegt hij. Hij staat hier soms dagenlang, alleen maar te kijken. De vogelaar raakt niet uitgepraat over flora en fauna, maar maakt slechts zelden een zin die hij is begonnen, af. Steeds onderbreekt hij zijn verhaal omdat er een beest voorbijkomt. "Er zit ook geluid in... - Kijk, een baardmees, luister, 'ping-ping', hoor je? - ...er zit ook geluid in de stilte", zegt hij. "Je moet openstaan voor het onverwachte." De man wijst naar een buizerd die vecht tegen een kraai, naar een torenvalk en hij vertelt over de vossen die hier in overvloed rondlopen. Dáár, in de bosschages, duiken ze vaak op, wijst hij. De rest van de tocht - een taai stuk over de kale, winderige Oostvaardersdijk - let ik goed op, maar een vos zie ik niet. Een vliegende deur evenmin. Auto's wel, die zoeven voorbij. In de film bleven ze vakkundig buiten beeld, net als windmolens en Almeerse hoogbouw.

Doordat ik alleen maar om de Oostvaardersplassen heen fiets en niet tot de kern doordring, is de realiteit wat minder wild dan de film. Maar daarvoor is het ook de realiteit. De film biedt een mooi, romantisch verhaal bij de werkelijkheid en alleen al de wetenschap dat hier zoveel leven leeft, maakt deze fietstocht tot een belevenis.

Naar de nieuwe wildernis

Routebeschrijving
De fietsroute 'Over de bodem van de zee' (35 kilometer) komt uit het boekje 'Nieuwe Wildernis', een gloednieuwe uitgave van de ANWB, met daarin twintig wandel-, fiets- en kanoroutes, in afstand variërend van 6 tot 35 kilometer. Alle routes zijn beschreven in rauwe, ruige, ongerepte gebieden, waaronder De Slufter op Texel, de Noordsvaarder op Terschelling en het Lauwersmeer.

Start- en eindpunt
Start- en eindpunt is het Buitencentrum Oostvaardersplassen (Kitsweg 1, Lelystad). Het startpunt is moeilijk met het openbaar vervoer te bereiken.

Mail en win
Wilt u ook door Nieuwe Wildernis fietsen, wandelen of trekken? Trouw en de ANWB geven tien exemplaren weg van de ANWB Wandelgids 'Nieuwe Wildernis' (euro 13,95). Wilt u een exemplaar winnen, stuur dan vóór 19 oktober een mail met uw adresgegevens naar tijd@trouw.nl en vermeld in het onderwerp van uw mail 'Nieuwe Wildernis'. Onder de inzendingen verloot Trouw tien exemplaren van de 'ANWB Wandelgids Nieuwe Wildernis'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden