Niemand weet wat voltooid leven is

Een mens moet zich ontplooien, leerden ons de jaren zestig. Het leven is een project, leerden ons de neoliberalen. Zo kwamen we op een vaag idee van 'voltooid leven'. Maar je leven hoeft geen kunstwerk te zijn, zegt Frits de Lange .

Frits de Lange (1955) is hoogleraar ethiek aan de Protestantse Theologische Universiteit.

Klaar met leven, levensmoe, voltooid leven - de discussie rondom actieve levensbeëindiging wordt steeds meer in termen gevoerd waar een dokter niet voor heeft doorgeleerd. Als de arts een invoelend mens is, heeft hij of zij van 'ondraaglijk lijden' nog een beetje verstand, maar de vraag wanneer een leven compleet is behoort niet tot zijn specialisme. Dat hoeft ook niet, zeggen de voorstanders van een ruimer euthanasiebeleid: dat maken oude mensen zelf wel uit. Zij interpreteren de recente vrijspraak van Albert Heringa, die in 2008 zijn moeder hielp sterven, als een volgende stap in de goede richting.

We lijken weer een beetje dichter bij de erkenning dat een voltooid leven voldoende grond is voor hulp bij zelfdoding, al dan niet door de dokter. Vijf jaar nadat de initiatiefgroep Uit Vrije Wil en het Burgerinitiatief Voltooid Leven begonnen met hun lobby om hulp bij zelfdoding mogelijk te maken voor ouderen die geen mogelijkheden meer zien hun leven 'in een voor hen zinvolle vorm voort te zetten', en die het gevoel krijgen 'zichzelf te overleven', is de term voltooid leven gemeengoed geworden. Wie zover is, mag dood, is de suggestie. En hij of zij mag anderen vragen daarbij te helpen.

Aan de vraag wat een voltooid leven eigenlijk is, brandt niemand zijn vingers. Els van Wijngaarden sprak voor haar promotieonderzoek met 25 ouderen die zeiden dat hun leven voltooid is, maar zich eigenlijk eenzaam of overbodig voelen en bang zijn voor afhankelijkheid. Zij lijden aan het leven, zegt Van Wijngaarden, maar voltooid?

"De verhalen in het onderzoek zijn schrijnend", reageert Rob Jonquière van de Nederlandse Vereniging voor Vrijwillige Euthanasie (NVVE). "Maar mensen kunnen en mogen zelf de afweging maken of hun intense eenzaamheid dragelijk is." Dat is de liberale oplossing voor existentiële bestaansvragen: ze met een beroep op individuele keuzevrijheid en autonomie laten verdampen.

Is dit filosofische gemakzucht? Ik vermoed dat we niet goed weten waar we het over hebben bij 'voltooid leven'.

Eerst het begrip zelf. De termen klaar met leven, levensmoe en voltooid leven worden door elkaar gebruikt, als synoniemen. We zouden preciezer in ons woordgebruik moeten zijn.

Wie 'levensmoe' is, ontbreekt het aan de fysieke of mentale kracht om zijn leven nog verder te kunnen leiden. Vermoeidheid is een natuurlijke gesteldheid, die je ervaart of niet. Je kunt die wel een beetje met rust, goede voeding of met een pil beïnvloeden, maar moeilijk wegnemen als je heel oud bent. Jonge studenten geriatrie oefenen in een loodzwaar pak hoe het voelt om een oud lijf te hebben. Een bril die je zicht beperkt, oordopjes die je minder doen horen, banden die je gewrichten stijf en stram maken, en gewichten die je mee moet zeulen en je uit balans brengen: je wordt er hondsmoe van. Een hoogbejaarde oudere staat elke dag in zo'n pak op, en gaat ermee naar bed.

De term 'klaar met leven' daarentegen verwijst niet naar een ervaringsfeit, maar naar een persoonlijke beslissing, een keuze. Deze suggereert dat het leven een klus is die je moet klaren. Wat de inhoud ervan is, doet er niet toe. 'Leven' kan van alles zijn, maar het gaat erom dat je er klaar mee bent. Je hebt 'er' genoeg van, je hebt het helemaal gehad. Ouderen die de greep op hun leven verloren hebben, zo constateren onderzoekers, kunnen door het ontwikkelen van een doodswens onbewust of bewust de controle over hun leven weer proberen terug te krijgen. Klaar met leven is als keuze voor de dood tegelijk een ultieme greep naar zelfsturing. Het is de paradoxale overwinning van de suïcidant: door je leven zelf te beëindigen, bevestig je voor een laatste keer dat het jouw leven is.

De uitdrukking 'voltooid leven' ten slotte, duidt op nog weer iets anders.

De term omschrijft de reden waarom iemand de beslissing meent te kunnen nemen klaar met leven te zijn. 'Mijn leven is voltooid' is geen natuurlijk ervaringsfeit, noch een persoonlijke keuze, maar een ethisch waardeoordeel over je geleefde leven tot nu toe.

Deze gedachte dat je leven compleet kan zijn, is geladen met filosofische en levensbeschouwelijke vooronderstellingen die de discussie rondom de tragiek van de hoge ouderdom vertroebelen. Er zitten verschillende betekenislagen in. Om te beginnen de voorstelling van het leven als een natuurlijke cyclus, van opgaan, blinken en verzinken. Die is nagenoeg universeel. De menselijke levensloop kent een cyclus, zoals de natuur haar seizoenen en de planeten hun omloop. De cirkel is rond in de hoge ouderdom. In de kinds geworden grijsaard ziet men het kind dat hij is geweest. Eind en oorsprong van het leven schuiven in elkaar. De kringloop is voltooid.

Typisch westers en modern wordt de idee van een voltooid leven pas gebruikt in de zin van de ontwikkelingspsycholoog Erik H. Erikson. Zijn boektitel 'The Life Cycle Completed' staat bij hem voor een levensloop waarin je alle fasen (Erikson onderscheidt er acht, van prille jeugd tot hoge ouderdom) goed doorloopt en afsluit. In de laatste fase moet je, om te voorkomen dat je wanhopig eindigt, ze allemaal hernemen en tot een geheel integreren. Het gaat om coherentie in je levensverhaal. Als het rond is, mag en kun je gaan. Je leven is voltooid.

Erikson vertaalt daarmee het negentiende-eeuwse romantische Bildungsideaal in psychologische termen: de geslaagde levensloop is een harmonisch kunstwerk. Feministische filosofen hebben later in Eriksons ontwikkelingsideaal de geslaagde blanke carrièreman uit de middenklasse herkend, de selfmade burger die altijd de regie had en voldaan terugkijkt op zijn leven. Een leven als een carrière waaraan de hoge ouderdom niets meer kan toevoegen, maar alleen nog maar afbreuk kan doen. Helemaal als je er nog Alzheimer bij krijgt.

Vanaf de jaren zestig van de vorige eeuw doordringt het romantische verlangen van de groeiende en bloeiende mens een hele generatie. Het maakt zich breed in de cultuur als zelfontplooiing bij de babyboomers. Dit zelfontplooiingsideaal voedt het spreken over een voltooid leven met een derde impuls. Elk individu is een zelf met potenties, die ontdekt en ontwikkeld moeten worden. Je moet daarvoor wel aan jezelf blijven werken. De zelfontplooiers van weleer zijn inmiddels oud geworden, en werken nu aan hun zelfvoltooiing. Ze halen nog het laatste uit zichzelf, wat erin zit. En als dat op is, is het voor hen ook over.

We zouden kunnen denken dat het ideaal van een voltooid leven ook verleden tijd is als deze generatie straks is uitgestorven. Maar inmiddels put de idee ook uit een andere, veel krachtiger bron. De softe romantiek van de jaren zestig heeft plaatsgemaakt voor een harde ondernemersmentaliteit in onzekere tijden. Michel Foucault beschreef hoe het neoliberalisme burgers vandaag noodgedwongen tot projectontwikkelaars van hun eigen leven maakt. Vroeger moest je kapitaal hebben, nu moet je het zijn. Elk individu is zijn eigen onderneming, met zijn talenten en cv als te investeren kapitaal. De levensloop wordt een project, dat kan mislukken en slagen. De levensloop wordt voorwerp van rationele planning, waarin je jezelf doelen stelt die je kunt en wilt halen.

Was het oude Bildungsideaal iets voor een kleine elite, een ideaal dat de jaren zestig door de babyboomer werd gedemocratiseerd tot zelfontplooiing, nu, in het globale kapitalisme, moet iedereen een ondernemende burger zijn die projectmatig denkt over zijn leven.

Ik meen dat de voltooidlevengedachte ondenkbaar is zonder deze wijdvertakte wortels in het neoliberale idee van het leven als project, het jaren zestigideaal van de zelfontplooiing en de carrières van twintigste-eeuwse burgermannen. Drie dieptelagen in de westerse cultuur, die elkaar versterken in de mythe van de zelfvoltooiing.

Het ideaal is een van de laatste illusies die de hoogbejaarde Duitse filosoof Odo Marquard, meester van de scepsis, wil ontmaskeren. Nu niet door streng denkwerk, maar door te beseffen wat het betekent om heel oud te zijn. Hij brengt op zijn 85ste de dagen het liefst slapend door, maar grijpt af en toe nog de pen voor zinnen als: "Mijn leven zal een fragment blijven. Het zal noch aan deze, noch aan gene zijde van de dood worden voltooid. Ik ben niet bezig het te voltooien, maar het is eenvoudig binnenkort aan zijn eind gekomen, niet bij zijn doel."

Sterven is de onderbreking, de afbreking van onze levensreis, schrijft Marquard. We komen niet thuis in de dood. De dood is stoorzender en onderbreker, geen voleinder. Hij is sterker dan al onze menselijke teleologieën. De idee van een voltooid leven is een Vollendungsillusion. In de christelijke cultuur was het God die de geschiedenis zou voltooien, in de Verlichting werd het de mensheid zelf die dat zou doen. Nu onze cultuur is geseculariseerd en de geschiedenisfilosofie van Hegel en Marx heeft afgedaan, creëert de neoliberale ideologie toch nog weer een illusie: we voltooien nu onszelf als individu, door ons eigen levensproject te plannen, te realiseren en af te maken. Voltooid leven is onze nieuwe, seculiere eschatologie.

Waar is Marquard zoal mee bezig, behalve met slapen en eten? Zijn hoge ouderdom wordt door een permanent 'gebrek aan intellectuele eetlust' gekenmerkt, maar hij heeft er helemaal geen last van. Hij kijkt nu graag naar vogels. En dan zijn er nog "een paar kleinigheden, waar ik plezier aan beleef. De kleinkinderen die komen, en mijn familie. Ja, die moeten ook komen, maar niet te vaak."

Het achterlaten van de idee van zelfvoltooiing heeft blijkbaar een bijkomend, weldadig effect. Je hoeft van je oude dag niet ook nog een project te maken. Dat ontspant. Natuurlijk, je moet als het even kan schoon schip maken. Maar er hoeft niks krampachtig afgemaakt te worden, te worden geharmoniseerd of gladgestreken. Je leven hoeft geen kunstwerk te worden. Zolang je van het licht en de warmte geniet en het eten je blijft smaken kun je gewoon van de ene in de andere dag leven. Beleven trouwens de meeste hoogbejaarden niet zo ook hun oude dag? Ze leven zoals de mysticus Meister Eckhart zich een vroom leven voorstelde, een leven 'zonder waarom'.

De filosoof John D. Caputo kwam tot de volgende definitie van mens zijn: "We weten niet wie we zijn - en precies dat zijn we."

Die wetenschap zou ons iets terughoudender kunnen maken wanneer het penibel wordt rondom het levenseinde. Hulp bij levensbeëindiging op grond van een voltooid leven veronderstelt dat de arts of een naaste zich absoluut moet conformeren aan de absolute zelfkennis van de oudere. Dat zijn precies twee beweringen te veel. Wat 'zelf' is in de zelfkennis, wat 'voltooid' is in voltooid leven - we weten het eigenlijk niet zo zeker.

Een beetje van dit soort postmoderne 'onbeslisbaarheid' zou niet misstaan in het ethische debat over voltooid leven.

We beeldhouwen ons leven tot

het af is

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden