Niemand kan zeggen dat Nederland de Malinezen in de steek laat

Ex-minister van defensie Jeanine Hennis (rechts) tijdens een bezoek aan Mali. Beeld ANP

De vooraf gevreesde klacht dat Nederland Mali in de steek zou laten, klinkt nauwelijks nu Defensie de missie per 1 mei stopt. Nederland nam geen verantwoordelijkheid voor één provincie en droeg taken geleidelijk over aan bondgenoten. Die aanpak werkte. 

Toen het kabinet in 2013 besloot militairen naar Mali te sturen, wilde het voorkomen tot in lengte van jaren verantwoordelijkheid te dragen voor de toestand van dit land. De coalitie van VVD en PvdA koos er voor door in heel Mali verkenningen uit te voeren, en niet verantwoordelijk te zijn voor de veiligheid van één provincie. Dan ligt het politiek gevoeliger om weer weg te gaan als die regio nog steeds in chaos is, zo was het idee. Ook wordt Nederland dan verantwoordelijk gehouden als burgers toch iets overkomt, zoals in Srebrenica. Het succes van de nieuwe aanpak bewijst zich nu. Nederland vertrekt zonder dat de klacht klinkt dat Mali aan zijn lot wordt overgelaten.

Een ander Nederlands idee was de missie ‘modulair’ op te bouwen. Dan kon Nederland stap-voor-stap helikopters, drones of analisten terugtrekken, terwijl een ander land dat specifieke deeltje van de missie overnam. Het werkte. Duitsland nam eerst een aantal modules over en heeft nu een leidende rol in de missie. Canada en Roemenië leveren nu helikopters, terwijl Denemarken en Tsjechië commando’s hebben gestuurd. Vanuit Haags perspectief is dit een groot succes, want Nederland vertrekt zonder de VN met een gapend gat op te zadelen.

De militairen die Nederland leverde brachten bijzondere vaardigheden mee. In 2014 gingen commando’s, helikopters, drones en inlichtingenanalisten naar de Sahel. Het was de eerste keer dat een VN-missie een aparte inlichtingentak kreeg, zoals normaal is bij moderne militaire operaties. Politiek gezien leverde dit krediet op, want Nederland voerde een succesvolle lobby om in 2018 in de VN-veiligheidsraad plaats te nemen. Een van de campagnethema’s was dat rijke landen vaker mee moeten doen aan VN-missies.

Beeld Trouw

Geen nieuwe missie

In het verleden wilden Nederlandse politici, diplomaten en militairen, nadat een voorgaande missie voorbij was, snel weer een nieuwe buitenlandse opdracht aangaan. De krijgsmacht is er om te gebruiken, zo was de gedachte. Dit keer is de kans groot dat dit uitblijft. Door zulke operaties in het buitenland is een groot deel van de krijgsmacht niet goed getraind en uitgerust, zo concludeerde de Algemene Rekenkamer eerder. Omdat de luchtmachthelikopters druk waren in Mali, konden de infanteristen van de Luchtmobiele Brigade bijvoorbeeld niet goed oefenen. En als telkens een deel van een eenheid op missie is, kan die hele eenheid niet als één geheel aan grote Navo-oefeningen meedoen. Voor de krijgsmacht markeert het vertrek uit Mali dan ook het einde van een tijdperk. Sinds de oorlogen in voormalig Joegoslavië is het leger stelselmatig bezig geweest met buitenlandse interventies in verzwakte staten. Van Eritrea (2000) en Irak (2003-2005) tot de Afghaanse provincies Uruzgan (2006-2010) en Kunduz (2011-2013). Daar komt nu een einde aan. Defensie kan zich gaan toeleggen op oefeningen voor een mogelijk conflict met een sterke militaire tegenstander zoals Rusland.

Weinig risico

De deelname aan een VN-missie in Afrika stond haaks op de Haagse wens dat militairen weinig risico mogen lopen. In 2016 kwamen twee Nederlanders om bij een mortierongeluk nabij het stadje Kidal. Toen de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OOV) later kritisch was over de opslag van de granaten en de medische zorg rond Kidal, traden minister Jeanine Hennis en generaal Tom Middendorp terug. 

Later staakte Nederland de militaire operaties in dat deel van Mali definitief uit ontevredenheid over de kwaliteit van een VN-hospitaal uit Togo. Na het rapport van de OVV had de Kamer nogmaals geëist dat militairen altijd in de buurt van goede traumazorg moesten zijn. Bij zijn aftreden merkte Middendorp juist op dat deze eis bij een missie in de uitgestrekte Sahel niet altijd haalbaar is.

Volgens de OOV nam defensie teveel risico’s in Mali. Maar strenge veiligheidsregels passen soms niet bij oorlog, weet het Franse leger uit ervaring. De Haagse kritiek op het Togolese hospitaal kwam daar hard aan.

Lees ook: 

Strenge veiligheidsregels passen soms niet bij oorlog

De Onderzoeksraad voor Veiligheid vindt dat Defensie teveel risico’s nam met militairen in Mali. Maar strenge veiligheidsregels passen soms niet bij oorlog, zo weet het Franse leger uit ervaring.

In het ‘ondermaatse’ ziekenhuis van Kidal kwam de Nederlandse kritiek hard aan

Het is even een ongemakkelijk moment tussen de Nederlandse bezoekers en de baas van het ziekenhuis van de Verenigde Naties in de Malinese stad Kidal. “Excuses dat ik onverwachts om een rondleiding vroeg”, zegt commandant der strijdkrachten Rob Bauer tegen de Togolese kolonel Moukari-Toure. Die glimlacht en zegt dat het voor hem geen probleem was. Opluchting bij de Nederlanders dat het misverstand uit de wereld is.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden