Niemand houdt meer van de omroep

Hilversum wil af van de bemoeizucht van de politiek. Politici zijn wispelturig en behoorlijk bemoeizuchtig. ’Laat het even over aan de professionals’, is de eendrachtige mening uit alle bestuurskamers van de omroepen.

Hilversum weet eigenlijk niet zo goed waaraan ze het te danken heeft. Maar in de publieke opinie, bij Kamerleden, bij journalisten, overal heerst chagrijn over de publieke omroep. „We moeten een kwart bezuinigen. In geld evenveel als de kunstsector. Toch denk ik dat je niemand kunt vinden die medelijden heeft met de omroepen”, zegt WNL-directeur Fons van Westerloo. „Dat hebben ze met de kunst wel.”

De omroep zit op dit moment behoorlijk in het verdomhoekje. De nieuwe regering besloot plots dat er van het budget van 800 miljoen wel 200 miljoen af kan.

De omroep doet wel een poging het tij te keren. Gisteren kregen alle woordvoerders in de Tweede Kamer met media in hun portefeuille een brief van de gezamenlijke omroepen. De boodschap: bezuinigen in deze mate op omroepen betekent een gigantische kaalslag in programma’s. Maar of het helpt? „Het lijkt of we alleen nog vrienden hebben bij de PvdA en onder een paar CDA’ers”, zegt Avro-directeur Willemijn Maas. „Misschien komt dat doordat we onszelf slecht op de kaart heben gezet. Ik merk dat het publiek, maar ook de Kamer, weinig feiten kent over de omroep.”

Van Westerloo: „In het verleden was de band van de omroep met de politiek sterk, té sterk. Dat is nu niet meer.”

Wat de reactie op de brief zal zijn, moet aanstaande maandag blijken. Dan wordt in de Tweede Kamer de mediabegroting behandeld. Bij de omroepen hoopt men nog dat de Kamer zal schrikken van de mededeling dat een bezuiniging van 200 miljoen onmogelijk is zonder in de programma’s te snijden. Voorzitter Henk Hagoort van de Nederlandse Publieke Omroep deed al suggesties: misschien moeten de omroepen stoppen met programma’s als ’Bananasplit’ of de Champions League. „Maar ik weet nog goed hoe er werd gemord toen het eredivisievoetbal bij de commerciëlen zat”, zegt Maas. Anderen herinneren zich nog de maatschappelijke ophef die in 2006 ontstond toen het spelletje ’Lingo’ van de buis dreigde te verdwijnen. Zelfs Jan Peter Balkenende, destijds premier, bemoeide zich ermee.

De stemming is uiterst negatief, maar tegelijkertijd hebben de omroepen niet de indruk dat er aan alle onvrede een stevige visie ten grondslag ligt. „Ik ben met Henk Hagoort naar de PVV geweest”, vertelt Van Westerloo. „Die willen echt alles opheffen.” Meer uit emotie dan uit inzicht, leerde hij. „Als je aan ze vraagt: en hoe moet het dan met kindertelevisie? Dan blijkt dat ze daar niet over hebben nagedacht. De waarheid is: je kunt niet alles aan de commerciëlen overlaten. Die doen veel niet. Er blijft een belangrijke taak voor de publieke omroep. Je kunt ook niet besluiten om alleen hogere cultuur te brengen. Je wordt dan snel een reservaat.” Van Westerloo kan het weten. Hij was ook directeur bij SBS en RTL.

De publieke omroep zit in een onmogelijk parket. Willen ze voldoende reclame-inkomsten binnenhalen, dan moeten ze programma’s brengen voor een groot publiek. Maar tegelijkertijd mogen ze het terrein van het pure amusement niet betreden. De opdracht is cultuur en educatie te brengen, en daarbij zoveel mogelijk Nederlanders te bereiken. Eén oplossing slechts schetst de regering: lukt het niet om 200 miljoen te korten, dan moet er maar een net minder komen. Maar dat is een schijnoplossing volgens de omroepen.

Coen Abbenhuis, directeur van de NCRV: „Een net schrappen, lost niets op. Je kunt minder programma’s laten zien, je verliest kijkers en de reclame-inkomsten zullen dalen. Vervolgens leidt dat weer tot nieuwe bezuinigingen en verdere verschraling.”

Met grote instemming zegt Abbenhuis’ collega Cees Korvinus van de Vara: „Als je het publiek goed wil informeren, zijn drie netten noodzakelijk. Eén net schrappen leidt tot ernstige beperking van de impact en versmalling van de publieke omroep.”

Alleen Van Westerloo is er minder zeker van: „Misschien is de uitkomst wel dat we uiteindelijk op twee netten zullen zitten.” Maar ook hij wil daar niet op vooruit lopen. Het kan misschien wel anders, maar dan moet er eerst goed en grondig over worden nagedacht. En liefst niet door opportunistische politici in Den Haag, maar door de mensen die er verstand van hebben. Abbenhuis: „We willen meepraten over een vereenvoudiging van het bestel, maar je moet het kind niet met het badwater weggooien.”

Vandaar dat de omroep de politici vraagt om zich koest te houden. Om, zoals Lennart van der Meulen van de VPRO het stelt, het zwaard van Damocles weg te halen. De omroepen willen graag studeren op een omroepbestel dat toekomstbestendig is, maar zonder dat daaraan een prijskaartje hangt. „Die 200 miljoen die in 2015 bezuinigd moet worden gaat echt veel te ver”, zegt Van der Meulen.

De omroepen willen ruimte. Avro-baas Willemijn Maas werkte in het onderwijs, voor zij bij de Avro terechtkwam. De ’regeldruk’– de druk die uitgaat van steeds wisselende opdrachten vanuit het ministerie– in die wereld wordt altijd hoog genoemd. „Hier vind ik het eigenlijk sterker. De politiek heeft de neiging om ernstig te sturen. Dat is onrustig, maar erger vind ik dat het schadelijk is voor de kwaliteit. Omroepen zijn een soort speelbal van de politiek.” Van Westerloo van WNL: „Het was misschien beter geweest als het beleid wat meer eenduidig was geweest.”

Het is allemaal gezegd met een sterk gevoel voor understatement. Want wie in het krantenarchief nazoekt naar de beleidsveranderingen op mediagebied de afgelopen jaren, staat versteld. 2005: bezuiniging en meer coördinatie. 2008: de omroep krijgt juist meer geld, omdat er geïnvesteerd moet worden in themakanalen en internetsites. Een jaar later: dat bedrag wordt gehalveerd. In internetsites moet nu gesnoeid. En ook de meeste themakanalen zijn ongewenst. En waar de Nederlandse Publieke Omroep (NPO) nu ’bureaucratisch’ heet, was het eerst juist ’efficiënt’.

Nog een voorbeeld: minder omroepen. Nu 21, straks 15, was de afspraak nog in januari. Nu, tien maanden later, moeten het er 8 worden. Er zit zelfs een behoorlijk verschil tussen de ’prestatie-afspraken’ die staatssecretaris Van Bijsterveldt in mei 2010 met de omroepen maakte en de dingen die diezelfde Van Bijsterveldt, nu als minister zegt. „Stevige ambities zijn noodzakelijk”, schreef ze een half jaar terug, Met de omroepen sprak ze af dat er meer vrouwen en allochtonen in beeld zouden komen. Dat geldt nu als ongewenst voorkeursbeleid.

De wispelturigheid in beleid was ook de reden dat het Commissariaat voor de Media daarover in juni van dit jaar nog aan de bel trok. „De omroep leeft in permanente onzekerheid over de bestedingsruimte.” Dat was nog voor deze regering, die de hele boel weer op de schop wil nemen.

Het is een situatie die de omroepen in de toekomst willen voorkomen. „Ik hoop eigenlijk dat er tijd en ruimte is om de zaak vanaf de andere kant te bekijken”, zegt Van Westerloo. „Nu gaat het steeds over wel of niet de Champions League, wel of niet amusement. Ik zou willen bestuderen wat je per se wèl wil doen. Dan kijk je even niet naar die 200 miljoen en kom je op een aardig lange lijst. Maar het kan nog best meer opleveren dan wat de minister wil.”

Coen Abbenhuis, directeur NCRV, hoopt dat de overheid even op afstand kan gaan staan. „Het huidige systeem kan de politiek ertoe verleiden om zich wel erg inhoudelijk te bemoeien met de publieke omroep”, zegt hij.

Er is één lichtpuntje: Europa. Niet alleen in Nederland staat de omroep onder druk, maar ook daarbuiten. ’Berlusconi-achtige toestanden’, wordt niet voor niets vaak in Hilversum gezegd als Den Haag weer iets bedacht heeft. Cees Korvinus, voorzitter van de Vara: „Europa maakt zich zorgen over politieke invloed op de publieke omroep en de aangekondigde bezuinigingen”, zegt hij. „In het Europese parlement is net een motie aangenomen dat een brede publieke omroep op alle platforms aanwezig dient te zijn, dus ook op internet. En dat de omroep politiek onafhankelijk is doordat een gegarandeerd budget door de overheid beschikbaar wordt gesteld.”

De opstelling van Europa sterkt de omroepen, die besloten hebben dat ze eendrachtig zullen pogen ’zelf aan de bal te willen blijven’, aldus Maas. „Wij zeggen: geef ons het bedrag en heb vertrouwen in de professionals.” Aan de politiek de vraag of ze dat durven over te geven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden