'Niemand beseft hoe pesten kan ingrijpen in het gezinsleven'

Het meest vernederende dat Tineke van Tilborg overkwam in de periode dat ze uit alle macht probeerde haar gepeste dochter te hulp te komen, was de brief van de schooldirecteur. Hij schreef: “Als u zelf eens tot rust zou komen, zal het in uw het gezin wel beter gaan.”

Ze vertelt het met monotone stem, maar met een snelheid die haar emoties verraadt. Haar inmiddels 13-jarige dochter Annemarie heeft het flink te verduren gehad op de basisschool. Van Tilborg zelf raakte haast overspannen van de tegenwerking van de leiding van de twee scholen waar Annemarie het mikpunt van pesterijen was. Toen het gepest eindelijk, op de vierde basisschool, over was haalde Van Tilborg opgelucht adem. Om kort daarna opnieuw een strijd aan te gaan. “Ik dacht: Dit mag geen kind in Almere meer overkomen.”

Ze begon een werkgroep van verontruste ouders, die inmiddels is uitgegroeid tot een vereniging van lotgenoten die ook bemiddelt tussen ouders van gepeste kinderen en scholen die het probleem bagatelliseren. “Het is als een virus”, zegt Van Tilborg in haar huis in Almere. “Ik ben jarenlang zo intensief met het onderwerp pesten bezig geweest, dat ik - al ging het Annemarie op een gegeven moment goed - nog alles las en uitknipte dat over pesten ging.”

In november vorig jaar was er in de media volop aandacht voor het pesten op school. Vier landelijke ouderverenigingen - de openbare, katholieke, christelijke en algemeen bijzondere - presenteerden samen een Nationaal onderwijsprotocol tegen het pesten. Een aanwijzing voor scholen en ouders hoe het getreiter gezamenlijk kan worden aangepakt.

Centraal in die aanpak staat het 'pestcontract'. Een afspraak tussen leerkrachten en leerlingen dat pesten not done is. Er kwamen scholingscursussen voor leerkrachten en speciale ouderavonden. Want, zeiden de deskundigen, de actie is alleen effectief als school en ouders samenwerken.

“Prachtig natuurlijk”, zegt Van Tilborg, “maar ik had net zo'n periode achter de rug waarin ik van iedereen die ik erop aansprak tegenwerking ondervond. Directeuren, besturen, onderwijsinspectie, maatschappelijk werkster, schoolbegeleidingsdienst. Allemaal mensen die me aanhoorden en zich bij de mening van de school neerlegden. 'Het valt wel mee', 'We kunnen niets doen', 'Ze doet het toch goed op school'. Daarbij werd volledig voorbij gegaan aan hoe Annemarie zich voelde. En hoe wij er als gezin bijna onderdoor gingen.”

Tineke van Tilborg reageerde destijds op een oproep van de lokale radio om telefonisch te reageren in een uitzending over pesten. Ze deed haar verhaal en kreeg veel reacties van ouders van gepeste kinderen die net als zij nul op rekest kregen van de schoolleiding. Zelfs de wijkagent sprak haar daarover aan. Hij merkte ook op straat hoe het getreiter uit de hand kon lopen.

“Afgelopen december zette ik een advertentie in de plaatselijke kranten om te komen tot een soort lotgenotencontact tussen ouders. Een schouder om op uit te huilen. Wat heb ik die zelf gemist! Zelfs bij familie kon ik mijn emoties niet kwijt omdat anderen niet beseffen hoe diep het gepest kan ingrijpen in je leven. Op de eerste bijeenkomst kwamen twintig mensen. Er bleek duidelijk behoefte aan onderling contact.”

Pas toen Annemarie in groep drie van de basisschool zat - toen nog in Schiedam - kwamen haar ouders erachter dat ze, steeds door een zelfde groepje meiden, gemeen werd gepest. “Ze kwam een dag thuis met de mededeling dat ze dichter bij het bord moest zitten omdat ze anders niet goed kon lezen wat er stond. Ik ging met haar naar de opticien. Die stuurde ons door naar de oogarts omdat ze volgens hem een gezichtsvermogen van slechts vijftig procent had. Zomaar opeens. We schrokken enorm en dachten al aan tumoren in haar hoofd.”

De specialist constateerde geen bijzondere afwijkingen in Annemarie's gezichtsvermogen. Hij stelde wel een onverwachte vraag: “Hoe gaat het op school?”

Toen kwam de aap uit de mouw. “Annemarie is altijd een heel open kind geweest”, zegt Van Tilborg. “Ze vertelde altijd veel, maar niet dat ze gebukt ging onder het gesar. Ik had het ook niet door. Pas nu merk ik hoe het in zijn werk ging. Het was steeds hetzelfde kind dat begon. Natuurlijk zal het ook aan Annemarie zelf hebben gelegen. Ze was te lief, te weinig weerbaar. Ik probeerde daar thuis ook wat aan te doen, maar wilde dat de school ook de pester zou aanspreken op haar gedrag. Zeker van een christelijke school mag je dat toch verwachten.”

De schooldirecteur wilde daar echter niet aan. Het ging om een kind van populaire ouders, meent Van Tilborg, waar hijzelf erg tegenop keek. Hij wilde die mensen niet afvallen. “En ouders van pesters geloven je gewoon niet. Logisch misschien. Geen enkele ouder wil er aan dat zijn kind een enorme pestkop is.” Op de naastgelegen katholieke basischool ging het beter met Annemarie totdat het gezin, jammer genoeg voor haar, naar Almere verhuisde.

“Weer kozen we voor een christelijke school voor Annemarie en haar twee jaar jongere broertje. En de ellende begon opnieuw. Weer één bepaalde pester, een moeder die niet reageerde en de school die niets ondernam. Wij zijn gelovig en hebben steeds bewust voor christelijk onderwijs gekozen. Maar nu kijk ik vooral naar de sfeer in een school en zal het me een worst wezen welke richting die heeft.”

De katholieke school waar Van Tilborg haar kinderen vervolgens wilde inschrijven won eerst informatie in bij de directeur van de christelijke school en “hoefde ons toen niet”, vertelt Van Tilborg. Op de openbare basisschool waar de kinderen terechtkwamen heeft Annemarie het de laatste anderhalf jaar die ze nog moest “fantastisch” gehad.

Tineke van Tilborg steekt haar duim omhoog. “Zo'n school, zo'n tijd heeft ze daar gehad. Maar eigenlijk vind ik dat nog het ergst: dat de gepeste uiteindelijk moet oprotten. Dat zeg ik nu heel ruw. Maar zo voel ik het. Daarmee bevestig je de pester toch in zijn gedrag.”

Volgens de Vereniging voor openbaar onderwijs (VOO), die nascholingscursussen voor leerkrachten en ouderavonden over pesten organiseert, zijn veel scholen in het land met het Nationaal onderwijsprotocol aan de slag gegaan. De gehele oplage van het 'pestpakket' dat scholen konden aanvragen (50 000 pakketten) is op. Binnenkort komt er een herdruk en gaat de VOO met de landelijke ouderverenigingen inventariseren hoeveel scholen met een ondertekend pestcontract werken. Een reclamecampagne van Sire (Stichting ideële reclame) zal in maart nog eens extra de aandacht vestigen op het pestprobleem op scholen.

“Er blijven scholen die de ernst van het pesten niet inzien”, zegt Van Tilborg. “Basisscholen en scholen in het voortgezet onderwijs. Ik hoor het hier om me heen. Ik weet van drie leerlingen die een zelfmoordpoging hebben ondernomen omdat ze het niet meer zagen zitten door het gepest op school. Onze vereniging wil erbij helpen om met ouders, kind en school samen naar oplossingen te zoeken.”

In de drie maanden sinds Van Tilborg voor het eerst publiciteit zocht met haar oproep in een plaatselijk krant heeft zij al in drie gevallen bemiddeld tussen ouders en scholen. “Als ouder ben je soms te emotioneel om even afstand te kunnen nemen en je mogelijkheden op een rijtje te zetten of informatie in te winnen bij een onderwijsinspectie of een leerplichtambtenaar (als je kind niet meer naar school wil).”

“Ik kan die afstand nu wel nemen en regel ook een afspraak voor ouders met de schoolleiding. Ze voelen kennelijk toch een druk van ons als vereniging. Het is toch anders dan wanneer ouders afzonderlijk het probleem willen aankaarten. Eén moeder die wil praten over haar kind dat gepest wordt is makkelijker af te wimpelen dan iemand van een vereniging die weet dat er nog meer speelt op zo'n school.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden