Netwerken alternatief voor ouderwetse zionistische idealen

Door kolonisatie en emigratie hebben veel volken in andere delen van de wereld gemeenschappen in de verstrooiing zien ontstaan, waarvan de leden nog sentimentele banden onderhouden met het land van hun voorouders. De joden hebben dit proces in omgekeerde richting meegemaakt.

Bijna tweeduizend jaar was voor hen de diaspora de norm. Een eeuw geleden begonnen de joden zich te hervestigen in het land van hun voorouders en hieruit is uiteindelijk een souvereine politieke eenheid gegroeid.

Tot de dag van vandaag, 47 jaar na de stichting van de staat Israël, woont de grote meerdereid van de joden echter nog steeds buiten de joodse staat. In steeds alarmerender bewoordingen rapporteren demografen en andere deskundigen dat het jodendom in de diaspora in verval is. Dit geldt vooral voor de joodse gemeenschap in de Verenigde Staten. Hoewel deze met 5,5 miljoen leden nog altijd de grootste en rijkste joodse gemeenschap buiten Israël is, neemt zij in omvang af en zou ze de volgende eeuw zelfs helemaal verdwenen kunnen zijn.

In de afgelopen tien jaar is het aantal Amerikanen dat zich jood noemde - al dan niet religieus - gedaald met 400 000. Het aantal gemengde huwelijken bedraagt op het ogenblik liefst 52 procent, de meeste kinderen die uit deze verbintenissen voortkomen worden niet meer joods opgevoed. In gezinnen die in naam nog joods zijn is de joodse identiteit meestal twijfelachtig. Uit studies is gebleken dat de meerderheid van de joods-Amerikaanse babyboomers (geboren tussen 1945 en 1965 en dus ná de Holocaust en de stichting van de staat Israël) geen enkele band heeft met een synagoge, noch lid is van een of andere joodse organisatie. Als deze generatie al weinig of niets meer weet van haar herkomst, moet de gemeenschap wel verder inkrimpen, is de verwachting.

Gezien deze stand van zaken hoeft het geen verbazing te wekken dat ook de belangstelling voor Israël terugloopt. Onlangs schreven de Israëlische geleerden Chaim Ben Sjachar en Arjé Carmon, dat Israël langzamerhand haar centrale plaats in leven van de joodse gemeenschap in de diaspora verliest en dat daardoor ook de reflex van automatische solidariteit met Israël verdwijnt. Minder dan 30 procent van de babyboomers is ooit in Israël geweest; 70 procent van de na-oorlogse generatie voelt zich niet of nauwelijks tot Israël aangetrokken.

De vervreemding is wederzijds. De gemeenschappen in de diaspora zijn bang dat de Israeliërs zo nationalistisch worden, dat ze niet meer in de gaten hebben dat er ook buiten Israël nog joden wonen, klaagde Sjosjanna Cardin, een prominente Amerikaanse jodin onlangs. “Er is geen sprake van echte dialoog; we gebruiken dezelfde taal, maar we bedoelen verschillende dingen. Wij in de VS begrijpen de Israëliers niet en andersom.” Professor Arthur Hertzberg, toonaangevend historicus op het gebied van het Amerikaanse jodendom, liet zich in soortgelijke termen uit. Israël en de diaspora groeien uit elkaar bij gebrek aan een gemeenschappelijke taal en cultuur.

Deze problemen spelen al jaren, maar sindskort zijn er in Israël concrete plannen om er iets aan te doen. Het eerste revolutionaire idee kwam van de vice-minister van buitenlandse zaken Jossi Beilin, die voorstelde de ouderwetse, ruim honderdjarige Bond van Zionisten te vervangen door een democratisch georganiseerd 'Beit Jisrael' (Huis van Israël). Deze eigentijdse organisatie zou de in de Zionistenbond ingebakken onevenwichtigheid moeten doorbreken. “Sinds de stichting van de staat Israël is de relatie tussen Israël en de joden in de diaspora eenzijdig, één-dimensionaal en op het ontvangen van hulp gericht”, schreven Ben Sjachar en Carmon. “Israël dicteerde de agenda en bestelde met een arrogante houding wat het nodig had, onder het motto 'dat zijn jullie ons verschuldigd'. 'Beit Jisrael' zou ervoor moeten zorgen dat hiervoor een samenwerking op basis van gelijkwaardigheid in de plaats komt.

Hoeksteen van het programma van minister Beilin is het voornemen om tienduizenden joodse tieners uit de hele wereld naar Israël te halen, bijvoorbeeld in de zomermaanden, om hun met de neus op hun joodse identiteit te drukken en hen 'in te enten' tegen de gevaren van de assimilatie. Het geld hiervoor zou moeten komen van de betrokken joodse gemeenschappen en uit particuliere fondsen. Beilin heeft tot ergenis van de buitenlandse fondsenwervers bovendien geopperd dat zij de 500 miljoen dollar die zij nu jaarlijkse naar Israël sturen beter kunnen besteden aan joodse opvoeding in de diaspora.

Ben-Sjachar en Carmon hebben een nog verdergaand plan gepubliceerd voor de revitalisering van het jodendom in de diaspora en het aanhalen van de banden met Israël. Dit 'Jeruzalem 1997-plan' is gebaseerd op het moderne idee van netwerken. Er moet een wereldwijd netwerk van joodse éducation permanente komen, met gebruikmaking van de laatste snufjes op communicatiegebied. Kabeltelevisie, satellietverbindingen, computerprogramma's en Internet moeten joden in Israël en elders in de gelegenheid stellen samen te studeren en samen aan de cultuur deel te nemen.

Het Jeruzalemplan voorziet ook in de stichting van een joodse Open Universiteit, een internationale universiteit in Israël, in de eerste plaats bedoeld voor joodse studenten uit het buitenland, en gezamenlijke instituten op het gebied van wetenschap, cultuur en filosofie. Verder zou er een centrum voor de ontwikkeling van educatieve software moeten komen, met vestigingen in Israël, de VS, Europa en Latijns-Amerika. Ook het geld hiervoor zou moeten komen door de geleidelijke overheveling van de giften die Israël krijgt, en van de Israëlische overheid. In het jaar 2000 zou het netwerk 600 miljoen dollar tot zijn beschikking moeten hebben.

Beide plannen gaan ervan uit dat Israël het zich op de drempel van de 21e eeuw wel kan permitteren de bijdragen van joden uit het buitenland voor andere doeleinden dan voor de opbouw van het land te bestemmen. Het oude zionistische ideaal van het bijeen brengen van de ballingen is immers overleefd en onrealistisch. (Minder dan 1 procent van de Amerikaanse joden heeft zich in Israël gevestigd). Dus kan de diaspora beter worden versterkt dan worden kaalgeplukt.

In Israël is tot nu toe zowel welwillend nieuwsgierig als boos op deze initiatieven gereageerd. Ze confronteren de joden in ieder geval met de realiteit van de komende jaren en het laatste woord zal er nog wel niet over gezegd zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden