Netjes gevangen

De Urker familie De Boer vist duurzaam. Het is lastig erkennen dat ze vroeger niet erg milieuvriendelijk bezig waren, maar vissen met een keurmerk loont.

Als Jacob Kramer de eetzaal van hotel Seaside in het Deense vissersdorpje Thyboron binnenloopt met pleisters tegen zeeziekte, houden vooral zijn mannelijke gasten zich stoer. Een uur later, bij het betreden van de Urker vistrawler PD 147 en met de Noordzee dan letterlijk voor ogen, vallen zelfs de ergste diehards voor dit eenvoudige middel voor achter de oren. Het mag niet baten. Op golven van ruim een meter gaan, eenmaal onderweg, velen groen en geel benedendeks naar de kooien.

Bij de Urker vissermannen - zo noemen ze zichzelf - is er geen sprake van leedvermaak, eerder medelijden. Schipper Jan de Boer kijkt, te midden van zijn vele beeldschermen met allerlei informatie, regelmatig bezorgd in het rond als in zijn forse stuurhut de een na de ander wordt getroffen. Jacob Kramer is blij dat hij dit keer buiten schot blijft. "Het is elke keer anders. Zelfs ervaren vissermannen zijn wel eens de pineut. Je kunt het nooit voorspellen, maar ik voel me nu goed."

Als de twee enorme netten zijn uitgeworpen gaat de boot een stuk langzamer varen en houdt het geschommel grotendeels op. "Dat hoort bij deze vorm van duurzame visserij", zegt Kramer, die directeur is van het Urker visbedrijf Ekofish. "Voorheen met de boomkor moest je 10 knopen varen om die zware boom over de grond te kunnen voortslepen. De boom is vervangen door touwen en nu slepen de netten iets boven de grond, daarvoor is lang niet zo veel power nodig."

Het zijn vooral de kosten die de Urker familie De Boer in 2006 doet besluiten radicaal anders te gaan vissen. De scholvissers krijgen steeds minder geld voor hun product. De noodzaak om met steeds grotere schepen steeds meer te vangen loopt uiteindelijk stuk op de brandstofkosten. Kramer: "Toen deze grote trawler nog was uitgerust met een boom aan beide zijden, verbrandde de familie De Boer 60.000 liter brandstof per week. Die brandstof werd duurder en duurder. Dat betekende hard werken, soms wel 36 uur achtereen, en niets verdienen. Dat is natuurlijk niet vol te houden."

De 45 meter lange PD 147 wordt voor 2,2 miljoen euro omgebouwd. De bomen verdwijnen en achterop komt een installatie met een twinrig, twee netten die achter de boot aanslepen. De netten zweven boven de grond. Touwen aan de zijkant ervan slepen over de bodem en doen de schollen schrikken. Die schieten omhoog en zwemmen iets voor het net uit. Kramer: "Omdat de boot maar 3 knopen vaart, in plaats van 10 knopen met de boomkor, zwemt de vermoeide schol uiterst langzaam het net in. Dat zie je ook af aan de vis. Die blijft heel en mooi glanzend. Voorheen met de snellere boomkor werd die urenlang in het net gezandstraald waardoor er vaak een gemankeerde vis overbleef."

De twinrig-visserij leren de broers De Boer van Deense collega's. "Ik weet nog wel dat we dit voor het eerst deden", zegt schipper Jan de Boer. "De netten waren al lang uitgegooid, maar we bleven langzaam varen. Toen zeiden wij: Wanneer gaan we nou eens vissen? Waarop die Deense schipper zei dat we daar al lang mee bezig waren. Wel saai, maar goed het heeft resultaat."

Hoewel de boomkor voor de visserman veel meer spektakel inhoudt - de twinkeling in de ogen van Jan de Boer spreekt boekdelen - overwint toch het verstand. De nieuwe vismethode levert een forse besparing op in het brandstofverbruik: Van 60.000 naar 20.000 liter per week. Als de broers De Boer echter nog een extraatje willen voor hun schol van hoge kwaliteit, geeft de visafslag niet thuis. Daarop besluiten ze hun eigen afzetmarkt te creëren. Dat betekent in 2007 het begin van de Ekofish Group.

Zoekend naar nieuwe klanten stuit Ekofish op de Zwitserse supermarktketen Coop, die voorop loopt met de verkoop van duurzame producten. Daar horen de De Boers dat schol op de rode lijst staat en waarschijnlijk uit de supermarkt gaat verdwijnen. Coop wijst Ekofish op het duurzame MSC-label, dat een leidende rol gaat spelen bij de inkoop van supermarkten. Daarop zoekt Ekofish contact met het Wereld Natuur Fonds en MSC. Dat zet de Urker vissersfamilie opnieuw aan het denken. Nu niet over kosten, maar over de maatschappelijke acceptatie van hun activiteiten.

Ze passen hun netten aan. De maaswijdte wordt 12 centimeter, zodat er amper bijvangst zit bij de schollen. Ze gaan niet meer vissen in gebieden waar de vis paait en opgroeit, ze mijden kwetsbare ecosystemen en houden zich aan de seizoenen. Dat samen met de nieuwe vismethode en de belofte die te blijven verbeteren, zorgt in twee jaar tijd voor het MSC-label. In 2009 zijn de Urkers de eerste scholvisserij met dat keurmerk.

Jacob Kramer ziet als uitvoerend directeur van Ekofish de voordelen. "Het is onze licentie om ook in de toekomst te blijven produceren. Dat wordt alleen maar belangrijker. En het legt ons geen windeieren. De vangsten met die nieuwe vismethode zijn even goed, we besparen veel brandstof en de vis is van hoge kwaliteit. Nu we het zelf verkopen krijgen we gemiddeld tien procent premie. We zetten onze schol vooral - 80 procent - af in het buitenland, Duitsland, Zweden, Zwitserland. Nederlandse consumenten zijn veel minder bereid om voor onze MSC-vis te betalen. Ekofish groeit jaarlijks met 20 procent."

De vissermannen zelf kennen deze cijfers ook, maar hebben gevoelsmatig nog wel moeite met de stap. Schipper Jan de Boer over de twee zielen in zijn borst: "Ik snap dat we moeten doen wat we doen, maar ik vind het erg moeilijk om te erkennen dat ik al die jaren - ik zit dertig jaar op de boot - fout bezig ben geweest. Dat is nog een stap te ver. Voor onze kinderen is het vanzelfsprekender."

Deze aarzelingen weerhouden Kramer er niet van door te pakken. "Nu we netjes vissen gaan straks stemmen op over dierenwelzijn. Daar kun je de donder op zeggen. Om daarop vooruit te lopen hebben we hier aan boord van de PD 147 een verdovingsmachine geïnstalleerd. Die verdooft de schol gelijk vanuit het net door een elektrische stroom. Onderzoek heeft laten zien dat hij dan gerust aan boord of elders gefileerd kan worden."

Voor de verre toekomst zijn er plannen om nieuwe vissersschepen van Ekofish multifunctioneel in te richten. Kramer: "We zoeken naar een methode om de vissersboot in een dag te kunnen ombouwen tot bij voorbeeld een vrachtboot. Voor de maanden dat we niet varen ligt de boot aan de kade. Als hij kan worden ingezet voor bijvoorbeeld vervoer van materialen naar olieplatforms en windmolenparken maken we hem nog te gelde."

Ook over de andere kant van de keten wordt nagedacht. "We zijn met ontwerpers bezig om de schol zo te presenteren - als een wrap bij voorbeeld - dat hij met name voor jongeren een trendy hapje wordt. De schol is toch vooral een 'grijs' visje."

Dat blijkt niet in het ruim van de PD 147 waar Klaas de Boer op de terugweg naar Thyboron als een volleerde kok zijn vers gevangen scholletjes krokant frituurt. Bij zijn inmiddels 'genezen' gasten, grijs of niet, gaan ze erin als koek.

Duurzame schol
De Ekofish Group stamt uit 2007. De kern ervan wordt gevormd door het visserijbedrijf van de familie de Boer. Zij brengen twee schepen in. In totaal runt Ekofish vijf schepen. Het eerste doel is terugdringen van het brandstofgebruik, de grootste kostenpost in de visserij. Later gaat ook duurzaamheid een rol spelen. In 2009 mag Ekofish als eerste scholvisserij het MSC-label voor duurzame vis gebruiken.

Om beter aan de wensen van de klanten te voldoen neemt de groep ook de regie in de keten over. De visafslag wordt voortaan gemeden. Voor vissers, die gewend zijn de vangst 'blind' op de kade te zetten, is dat een grote stap. Samenwerking loont. Ekofish maakt afspraken met verwerkers, invriezers, transporteurs, waardoor ze voorrang krijgen bij het verwerken en vervoeren van de vis. Ekofish levert aan supermarkten, cateringbedrijven en restaurants. Korte lijnen willen de Urkers. Zit er een speciale vis in het net, zoals nu een heilbot, dan zoekt een coördinator aan wal meteen een geschikte afnemer.

Verouderde vloot
De Nederlandse visserij zette vorig jaar 236 miljoen euro om. De winst bedroeg 15 miljoen. De winst is vooral geboekt in de garnalensector. In de platvissector (vooral schol en tong), ruim de helft van het totaal, is het rendement minimaal. Voor dit jaar wordt een winst verwacht in de totale vissector van tussen de 0 en 10 miljoen euro. Dat blijkt uit cijfers van het Landbouw-economisch Instituut (LEI).

Volgens een recent LEI-onderzoek is de vloot sterk verouderd. Er is te weinig geïnnoveerd de laatste tien jaar. Met name de boomkorvissers hebben het moeilijk. Bij dalende visprijzen en stijgende brandstofprijzen wordt de noodzaak om te vernieuwen des te urgenter. Er moet versneld worden geïnvesteerd in nieuwe boten, nieuwe vismethoden en in duurzaamheid, stelt het LEI. Ook moet er aandacht komen voor samenwerking, zowel tussen vissers onderling als tussen de partijen binnen de keten. Vernieuwende initiatieven als Ekofish en Vers van de Visser worden daarbij ten voorbeeld gesteld.

De voornaamste drempels voor vernieuwing zijn naast de mentaliteit van de vissermannen die vaak 'op-zichzelf' zijn, de financiering en regelgeving. Banken zijn terughoudend met geld uitlenen, met name als het gaat om vernieuwing die zich nog moet bewijzen. Wat regelgeving betreft hopen de scholvissers dat de pulsvisserij snel in de EU wordt toegestaan. Deze vorm van visserij, waarbij de schol met behulp van elektrische pulsen wordt opgeschrikt en de netten niet meer over de grond slepen, moet de boomkor vervangen. Dat bespaart de sector in 2014 zo'n 60 miljoen liter brandstof. Tegen de prijzen van vandaag betekent dat 40 miljoen euro.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden