Netanjahoe, ooit zijn ondergeschikte, bekleedt zetel die Levi begeert

TEL AVIV - Dat hij het ver zou schoppen in de wereld wist zijn moeder al op de dag dat David Levi, Israëls minister van buitenlandse zaken, in Rabat, Marokko, het daglicht zag. Want de kleine David was, zestig jaar geleden, besneden ter wereld gekomen.

De ongeruste vader ging onmiddellijk de rabbijn om raad vragen. Deze wilde het kind met eigen ogen aanschouwen. En na een grondig onderzoek kwam hij tot de conclusie dat David voorbestemd was koning dan wel minister te worden. De traditie wil namelijk dat Mozes en koning David ook besneden ter wereld waren gekomen. Zijn ouders begrepen het niet helemaal. Zou hun zoon dan minister in Marokko worden? De staat Israël bestond toen nameijk nog niet eens.

Sindsdien hebben zijn aanhangers David Levi vaak en luid toegezongen met het bekende lied 'David koning Israëls'. Maar echt tot koning - naar Israëlische maatstaven het equivalent van premier - heeft David Levi het nooit geschopt. Gewild had hij dat wel. Bij het vertrek van Menachem Begin, tot dan de eeuwige leider van de Likoed-partij, had Levi zichzelf openlijk aangeprezen als waardig opvolger van de grote leider.

Levi nam, zeker in die tijd, een uitzonderlijke positie in. Jarenlang gold hij als de meest vooraanstaande vertegenwoordiger van het 'Tweede Israël', de immigranten uit de Arabische landen, een positie die hij de afgelopen jaren is kwijtgeraakt. Het vormt één uitleg voor zijn felle verzet tegen de bezuinigingsplannen van de regering en de uiterste consequentie daarvan: zijn dreigen met aftreden. Want Levi wil zich opnieuw profileren als de voorvechter van de achtergestelden en zo met zijn Gesjer-partij politiek terrein herwinnen.

Makkelijk heeft Levi het nooit gehad in de Israëlische politiek. Jarenlang was hij mikpunt van flauwe grappen, een soort Belgenmoppen, waarin de draak werd gestoken met zijn vermeende gebrek aan intelligentie. Onterecht. Wel was Levi jarenlang een buitenbeentje, zeker temidden van de uit Oost-Europa afkomstige leiders van de Cheroet, de voorloper van de Likoed. Ook zijn gezwollen taal was en is voer voor de satirici. Het verhaal wil dat hij zijn redenaarskunst zou hebben aangeleerd door Menachem Begin te imiteren.

Op 19-jarige leeftijd was David Levi vanuit Marokko naar Israël geëmigreerd. Net als de meeste immigranten uit Arabische landen werd hij ergens ver van het centrum neergeplant, in een zogeheten 'ontwikkelingsstadje'. In het geval van Levi was dat Beet Sjean, een nog altijd duf plaatsje in de ondraaglijk hete Jordaanvallei. Levi werkte als dagloner in een kibboets, daar ook begon hij zijn politieke carrière, als organisator van de arbeiders bij hun eis tot betere arbeidsomstandigheden. Via de vakbond klom hij verder op. In zijn eeuwige rebellie tegen het establishment verkoos Levi zich aan te sluiten bij de toen nog verguisde oppositie onder leiding van Begin.

Ook binnen die partij zou hij zich nog tal van malen profileren als rebel. Al bleef zijn voornaamste kenmerk zijn streven naar erkenning. En als naar zijn mening zijn partijgenoten hem weer eens niet serieus genoeg namen, speelde Levi de beledigde, en trok hij zich terug in Beet Sjean, waar hij, inmiddels vader van elf kinderen, altijd is blijven wonen, trouw aan zijn achterban. Dan speelde hij onvindbaar voor ministers, premiers en pers.

Ook de afgelopen dagen, bij de discussie over de begroting, had Levi zich teruggetrokken in zijn 'fort'. En weinigen die de dreigementen over aftreden serieus namen. Tenslotte was Levi kampioen in het dreigen met aftreden, om dan vervolgens weer eieren voor zijn geld te kiezen. Zoals die keer dat hij ruzie had met de toenmalige premier Sjamir en weigerde deel te nemen aan de grote Midden-Oosten-conferentie in Madrid. In plaats daarvan stal ene Benjamin Netanjahoe daar de show, toen nog vice-minister van buitenlandse zaken, onder Levi. Levi stond echter weer op het vliegveld om de delegatie bij terugkeer uit Madrid te verwelkomen. Al heeft hij het Netanjahoe nooit vergeven dat deze hem toen al achter zijn rug om bedroog, en met Sjamir samenspande.

Hoe dan ook heeft Levi nooit kunnen verkroppen dat Netanjahoe, zijn ondergeschikte van toen, nu zijn baas is, de premierszetel bezet die Levi voor zichzelf gereserveerd had. Maar dat laatste heeft hij gemeen met zowat de hele Likoed-top. Wel is Levi soms ongekend fel in zijn verzet tegen de premier. Legendarisch is het televisiedebat, waarin Levi Netanjahoe voor aal en opgeblazen Napoleon uitmaakte. Dit nadat Netanjahoe Levi in bedekte termen ervan had beschuldigd hem te willen chanteren met een cassette waarin zijn overspel was vastgelegd.

Tot vlak voor de verkiezingen van 1996 leek het er zelfs op dat de breuk tussen de twee onherstelbaar was. Levi was uit de Likoed getreden en had zijn eigen partij opgericht. Maar toch, vlak voor de verkiezingen keerde Levi alsnog op zijn schreden terug en sloot hij een lijstverbintenis met de Likoed.

Het was een politieke keuze: de wederzijdse minachting tussen beide heren is nooit verdwenen. Ook dat was gisteren duidelijk toen Levi tijdens een dramatische persconferentie met een papier zwaaide, met een reeks van toezeggingen, vijf maanden geleden getekend door Benjamin Netanjahoe, maar nimmer nagekomen. “Bij deze regering (lees: bij deze premier), heeft een handtekening geen waarde, heeft een verplichting geen betekenis...”, bulderde Levi. “Deze regering leidt naar nergens.”

Zware woorden, maar in de Israëlische politiek en zeker in Levi's vocabulaire niet ongewoon. Vandaar dat ook gisteravond niemand nog met zekerheid durfde te voorspellen dat het dit keer ernst is, dat Levi nu echt Netanjahoe de wacht aanzegt, waardoor de dagen van de regering zouden zijn geteld.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden