Net echt: op reis naar Mars

(Trouw) Beeld
(Trouw)

Dit voorjaar beginnen zes mannen aan hun reis naar Mars. Virtuele reis: hun module blijft in Moskou staan. De Russen testen wat anderhalf jaar waarlijk eenzame opsluiting met mensen doet.

’Oké, begin maar.”Jerome Clevers zit met ontbloot bovenlijf op een hometrainer, met een mondkap voor en zijn borst behangen met draden. Hij begint te trappen of zijn leven ervan afhangt. Aleksandr Soevorov werpt een goedkeurende blik op een monitor. „We analyseren hier het geluid dat de longen voortbrengen tijdens een rustige en een geforceerde ademhaling.”

Soevorov (59) is een van de begeleiders van het Mars500-project, dat in Moskou zijn beslissende fase ingaat. Zes vrijwilligers uit Rusland, Europa en China laten zich voor 520 dagen hermetisch opsluiten in een model van een ruimteschip om een bemande ruimtevlucht naar Mars na te bootsen. Dat is de tijd die nodig is om naar de rode planeet te vliegen, een landing te maken op het Mars-oppervlak en daarna weer terug te keren naar de aarde.

De Belg Jerome Clevers (29) is aangewezen door de Europese ruimtevaartorganisatie ESA. Samen met de Italiaan Diego Urbina (27) en de Fransen Arc’hanmael Gaillard (34) en Romain Charles (31) is hij geselecteerd uit enkele duizenden belangstellenden. Twee van hen zullen straks toetreden tot de zeskoppige bemanning van de virtuele Marsmissie. Clevers is in het dagelijks leven ingenieur bij een helikopterfabriek in het Franse Bayonne.

„Ik ben altijd geïnteresseerd geweest in alles wat met ruimtevaart te maken heeft”, zegt Clevers. „In 2008 gaf ik me op voor de astronautenselectie van de ESA, maar helaas was ik toen te jong. Toen ik zag dat ze kandidaten zochten voor het Mars500-project heb ik me meteen aangemeld.”

Clevers en zijn collega’s drinken thee in een geïmproviseerde kantine in een grote hal van het Moskouse Instituut voor Biomedische Problemen (IMBP). In de hal staan de modules die het ruimteschip moeten voorstellen dat de lange reis naar Mars gaat ondernemen. In een lange, zilverkleurige cilinder bevinden zich de woonvertrekken, met zes individuele kamers voor de bemanningsleden, een eet- en een woonkamer en een keuken. Via een gangetje kom je in de medische module, waar de ploegleden veel tijd zullen doorbrengen met het uitvoeren van experimenten. Er is ook een opslagmodule en twee broeikassen. In een grote bruine loods bevindt zich een gesimuleerd Mars-oppervlak, compleet met zand en stenen. Twee leden van de ploeg zullen in ruimtepakken de loods bezoeken na de ’landing’.

„De lucht zal gedurende die 520 dagen worden hergebruikt”, zegt Clevers. „Niet het water, want dat zou veel te duur worden. Het betekent dat we iedere dag nauwgezet het CO2-niveau moeten controleren, de temperatuur en de druk.”

Vorig jaar is in deze zelfde hal een vergelijkbaar experiment uitgevoerd, dat 105 dagen duurde. De verschillen met het huidige experiment zijn niettemin aanzienlijk, zegt begeleider Aleksandr Soevorov. „Het duurt nu veel langer. Een mens stelt zich altijd in op een bepaalde duur. Ooit leek een ruimtevlucht van een maand lang. Later werden de vluchten verlengd tot een half jaar en toen Valeri Poljakov meer dan 400 dagen vloog, scheen het hem ook toe dat de laatste maand erg lang duurde.”

De bemanning zal ook meer aan zichzelf overgeleverd zijn dan bij eerdere experimenten, vooral ook omdat de communicatie met het vluchtleidingscentrum plaatsvindt met dezelfde vertraging als tijdens een echte vlucht. Soevorov: „Ze moeten zelfstandig alle beslissingen nemen, alle handelingen verrichten, onderzoek doen. De mogelijkheden van contacten zijn aanzienlijk beperkt, er zullen vrijwel geen rechtstreekse gesprekken zijn. Er wordt een vlucht naar een verre planeet gesimuleerd waarbij de tijd nodig voor communicatie steeds langer wordt.” Daarbij komt dat alle voor de vlucht noodzakelijke voorraden aan boord moeten zijn. „Iets nasturen is in feite niet mogelijk”, aldus Soevorov.

De ervaring van het vorige experiment heeft geleerd dat de bemanningsleden zich beter moeten voorbereiden op de meer dan negentig experimenten die ze aan boord van de modules moeten uitvoeren.

Geen van de kandidaten lijkt op te zien tegen de naderende beproeving. Volgens Soechrob Kalamov (37), een chirurg van Tadzjiekse afkomst, hebben de deelnemers in korte tijd al een sterke band opgebouwd. „Ons verbindt één ding”, zegt hij. „Dat is ons streven anderhalf jaar daarbinnen te gaan zitten. Niemand heeft ons met de stok hierheen gejaagd, als volwassen mensen zijn we vrijwillig hierheen gekomen, we weten heel goed wat we doen.”

Een overlevingstocht afgelopen winter heeft de teamgeest gesterkt. Bij een temperatuur van negen graden onder nul werden de kandidaten gedumpt in een afgelegen bos en voor twee dagen aan hun lot overgelaten. „Het is een vast onderdeel van de astronautentraining”, zegt Romain Charles. „We moesten van een parachute een eigen onderkomen bouwen, een vuur maken om te koken, soldatenrantsoenen eten. Het was zwaar, maar het heeft ons erg geholpen om onze Chinese en Russische vrienden beter te begrijpen.”

Het Mars500-project is niet het enige experiment op weg naar een mogelijke toekomstige vlucht naar Mars. De Amerikanen organiseren geregeld ’Marsreizen’ in de woestijn van Utah, die enkele weken duren. Diego Urbina is er al eens geweest. Het is een wereld van verschil, omdat de periode veel korter is en directe communicatie met de buitenwereld mogelijk blijft. Een van de centrale problemen van zo’n langdurige reis komt niet aan bod: hoe weersta je de psychologische druk van anderhalf jaar lang opgesloten zijn in een kleine ruimte, waar je nooit uit kunt en waarbuiten ook vrijwel niets is te zien?

„Dat is voor mij de grootste uitdaging”, zegt Jerome Clevers. „Wij hebben zelfs geen nepramen waardoor je als het ware naar buiten zou kunnen kijken en de zon, de maan of Mars zou kunnen zien. Ook al was het maar een beeld op een monitor, dan nog zou dat een ander gevoel geven. Nu zal je blik altijd stuiten op een van de jongens, een deur of een muur. En dat 520 dagen lang.”

Het Mars500-project is de langste simulatievlucht die ooit is ondernomen. Voor het eerst zijn de omstandigheden van een interplanetaire vlucht tot in detail nagebootst. Er zijn twee uitzonderingen: kosmische straling en gewichtloosheid worden niet gesimuleerd. „Daar hebben we andere oplossingen voor”, zegt Aleksandr Soevorov. „Straling onderzoeken we via experimenten op dieren, en op basis daarvan ontwikkelen we nieuwe methoden die mensen moeten beschermen. En voor onderzoek naar gewichtloosheid hebben we hier een bad, waarin iemand enkele dagen kan liggen en daarbij ervaart wat het is om langdurig gewichtloos te zijn.”

Het IMBP is in ruimtevaartkringen wereldwijd een begrip. Binnen de muren van dit instituut hebben vrijwel alle Russische astronauten zich voorbereid op hun verblijf in de ruimte. „Wij zijn natuurlijk geen astronauten, maar we hebben via dit instituut toch een raakvlak met hen”, zegt Soechrob Kalamov. „En met dit langdurige experiment zijn wij in ieder geval de eerste. Die roem straalt ook op ons af en dat is prettig. Zeker als over een jaar of twintig, dertig de mensen daadwerkelijk naar andere planeten zullen vliegen.”

(Trouw) Beeld AFP
(Trouw)Beeld AFP
Romain Charles, één van de kandidaten voor het Mars500-project, bereidt zich voor op de missie. (FOTO ESA) Beeld
Romain Charles, één van de kandidaten voor het Mars500-project, bereidt zich voor op de missie. (FOTO ESA)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden