Nerd moet Iran macht bezorgen

Iran ziet wetenschappelijke ontwikkeling als sleutel tot zijn grootste ambitie: supermacht in de regio worden. Met het einde van de internationale sancties in zicht komt die droom een flinke stap dichterbij.

Madjied Iranigah (24) heeft er zin in. De robot die hij en zijn teamgenoten hebben ontwikkeld, moet het opnemen tegen robot Alice, die door een aantal studenten Kunstmatige Intelligentie van de Rijksuniversiteit Groningen is gebouwd. Een van hen is Anton Mulder (25). "We strijden alleen tegen het Iraanse team want dat uit China is niet komen opdagen." Maar dat is uitdagend genoeg, want Iran wordt door hem als een serieuze tegenstander beschouwd. En dat terwijl het land in zijn ontwikkeling flink is tegengewerkt door de internationale sancties. Iran kon hierdoor bijvoorbeeld nooit meedoen aan de Europese competities.

Bij de Robocup Open, die deze week in Teheran wordt gehouden, strijden robots van Iraanse en buitenlandse teams tegen elkaar. Robots die met elkaar voetballen, of taken zo goed mogelijk moeten uitvoeren, zoals een blikje cola voor je uit de koelkast halen. De Iraanse deelnemers zijn universiteitsstudenten maar ook ervaren middelbare scholieren. Robots bouwen is in Iran zo populair geworden dat het vak zelfs al op veel basisscholen wordt gegeven. Je bent immers nooit te jong om je technologisch te ontwikkelen, meent de Iraanse regering.

"Iran is een van de sterke landen", zegt Madjied Iranigah. "Vóór de islamitische revolutie van 1979 was ons land op technologisch en wetenschappelijk terrein ook sterk. Dat werd na de revolutie minder en het bereikte een dieptepunt tijdens en na de oorlog tegen Irak (1980-1988). Iran is door die oorlog achterop geraakt. Maar de laatste vijftien jaar is het land weer opgeklommen. De huidige regering van president Rohani maakt echt werk van wetenschappelijke groei en stopt daar veel geld in."

De technologische vooruitgang die Iran de afgelopen jaren heeft geboekt op het gebied van robots bouwen, staat dan ook niet op zichzelf. Het land heeft in die periode op veel wetenschappelijke terreinen een enorme ontwikkeling doorgemaakt, bijvoorbeeld op het gebied van nano- en nucleaire technologie.

Nanotechnologie

En dat sluit volledig aan bij de ambities van de islamitische republiek. De leiders hebben het welbekende credo 'kennis is macht' ter harte genomen. Geestelijk leider ayatollah Khamenei liet in januari tijdens zijn bezoek aan een tentoonstelling over nanotechnologie weten dat "Iran iedere dag wetenschappelijk sterker moet worden om de nodige macht te verkrijgen om zijn vijanden op verschillende gebieden te weerstaan". Volgens hem zijn de technologische en wetenschappelijke activiteiten van Iran de afgelopen vijftien jaar dertien keer zo snel gegroeid als gemiddeld in de wereld. Ook bekritiseerde hij de westerse landen die door middel van internationale sancties de groei van Iran proberen af te remmen.

De Iraanse leiders zien wetenschappelijke vooruitgang namelijk als de sleutel tot uitbreiding van hun macht in de regio. En dat is precies Irans grootste ambitie: supermacht in de regio worden. Al in april 2006, toen het Iran was gelukt om uranium te verrijken, riep voormalig president Ahmadinejad: "Ik verkondig officieel dat Iran bij de club van nucleaire landen hoort. Wij zijn geen tweederangsnatie. Wij zijn hard op weg om een supermacht te worden."

Nu er vorige week een voorlopig nucleair akkoord is bereikt tussen Iran en de westerse grootmachten, is die Iraanse droom een flinke stap dichterbij gekomen. Wanneer de sancties zullen verdwijnen in ruil voor een inperking van Irans nucleaire programma, zal Iran zich immers veel sneller en makkelijker kunnen ontwikkelen. Het nieuwe raamakkoord vormt een mijlpaal in de betrekkingen tussen Teheran en Washington, die sinds 1979 vijandig zijn. Vanaf de gijzelaarscrisis van dat jaar, waarbij revolutionaire gardisten tweeënvijftig personeelsleden van de Amerikaanse ambassade in Teheran 444 dagen in gijzeling hielden, hebben de Verenigde Staten en Iran alle diplomatieke banden met elkaar verbroken en betitelen elkaar als 'Grote Satan' en 'As van het Kwaad'.

Ondanks de concessies die Iran in dit voorlopig akkoord moet doen, werd het in het land door de meerderheid van de bevolking, politici en analisten ontvangen als een grote overwinning. Want met de overeenkomst wordt het nucleaire programma weliswaar aan banden gelegd, maar kan Iran nog steeds uranium verrijken.

Het Westen popelt

Maar de winst voor Iran zit hem natuurlijk in de opheffing van de sancties. Iran zou na zo'n opheffing per dag al snel zo'n miljoen vaten olie extra kunnen produceren en de positie van het tweede - na Saudi-Arabië - olieproducerende land ter wereld kunnen heroveren. De Iraanse minister van olie, Majid Namdar Zangeneh, heeft onlangs laten weten dat Iran een paar maanden na een opheffing van de sancties al weer 3,8 miljoen vaten olie per dag zou kunnen produceren.

De economie, die door de sancties zwaar is aangetast, krijgt dan de kans helemaal op te bloeien. Westerse bedrijven staan in de startblokken om weer handel te drijven met Iran, een lucratieve markt met een overwegend jonge bevolking van bijna 76 miljoen. Ook dat verstevigt de internationale machtspositie van Iran.

Iran is opgetogen dat het land na zo'n lange periode van internationale isolatie weer meedoet op het politieke wereldtoneel. Vooral het feit dat het land zijn poot stijf heeft gehouden en de westerse grootmachten heeft doen inzien dat het als ondertekenaar van het non-proliferatieverdrag recht heeft op uraniumverrijking voor vreedzame doeleinden, wordt als een groot succes gezien en afgezet tegen het 'zwakke beleid' van de sjah, die volgens de huidige machthebbers slechts een marionet van het Westen was.

Dat Iran de supermacht van de regio moet worden, staat voor de Iraanse leiders buiten kijf. Wat betreft Irans ambities op het gebied van de betrekkingen met het Westen, bestaat er binnen het Iraanse machtsblok echter verschil van mening. Geestelijk leider ayatollah Ali Khamenei, die het laatste woord heeft in Iran, heeft meerdere malen - ook onlangs nog - duidelijk gemaakt dat een deal tussen Iran en het Westen beperkt blijft tot de nucleaire zaak en zeker geen aanhaling van vriendschappelijke banden betekent. Zo blijft hij de Verenigde Staten bestempelen als 'het meest onbetrouwbare land ter wereld'.

Dit staat in schril contrast met de visie van president Hassan Rohani en die van veel andere Iraanse politici. Die hopen dat het voorlopig akkoord op alle vlakken zal leiden tot betere relaties met het Westen. "Onze dialoog is niet alleen nucleair", zei Rohani in een toespraak vlak na de bekendmaking van het voorlopig akkoord. "Het is niet zo dat het hierbij blijft. Dit is een eerste stap tot productieve interactie met de wereld. Met die landen waarmee we kille banden onderhouden, willen we warmere banden. We willen een einde aan de spanning en vijandigheid."

Bloednerveus

De toenemende invloed van Iran maakt andere landen in de regio bloednerveus. Israël natuurlijk, maar ook bijvoorbeeld Saudi-Arabië, dat bang is zijn positie als regionale grootmacht te verliezen aan Iran, dat over een groot leger en ideologisch gedreven paramilitaire vrijwilligersmilities beschikt. Deze angst heeft ook een religieuze dimensie; de islamitische republiek Iran is het enige land ter wereld waar sjiieten de overgrote meerderheid uitmaken. Het raamakkoord kon op een voorzichtige openbare lofprijzing van Saudi-Arabië rekenen, maar in werkelijkheid is het het overwegend soennitische land een doorn in het oog dat Iran de nieuwe katalysator in de regio is en daar sjiitische milities zoals Hezbollah steunt, alsmede de Syrische regering van Bashar Assad. Ook de toenemende Iraanse invloed in Irak - Iran helpt Irak succesvol in de strijd tegen Islamitische Staat - stemt de buurlanden niet blij. En in het conflict in Jemen beschuldigt Saudi-Arabië Iran ervan steun te verlenen aan de sjiitische Houti-rebellen die de door Saudi-Arabië gesteunde president Hadi hebben verdreven. Iran ontkent dit maar de Arabische wereld verwijt het land dat het zich te veel opwerpt als helper van sjiitische geloofsgenoten en zich daarbij mengt in interne, Arabische aangelegenheden.

Saudi-Arabië wil zijn nucleaire programma, dat sinds 2007 stilstaat, weer nieuw leven inblazen door onder meer tien kernreactoren te bouwen. Officieel wil het land slechts nucleaire energie voor vreedzame doeleinden produceren. Maar critici zijn bang dat Saudi-Arabië, uit angst voor Iraanse overheersing, met behulp van Pakistan aan de ontwikkeling van atoomwapens zal gaan werken en er een nucleaire wapenwedloop zal ontstaan in het Midden-Oosten.

De regering van president Rohani wil kortom dat Iran een land is dat ertoe doet op het wereldtoneel, dat serieus genomen wordt en niet (al te) afhankelijk is van het Westen maar hiermee wel goede banden onderhoudt en intensief handel drijft. Een militair sterk land dat zijn culturele en religieuze identiteit bewaart en op technologisch en wetenschappelijk gebied toonaangevend wordt. Een land dat niet langer als extremistische paria wordt gezien maar als vertegenwoordiger van een gematigde islam die als redder of tenminste als helper van de wereld optreedt in de strijd tegen het soennitisch terrorisme.

Beetje vrijheid

Het zijn grote ambities die moeilijk waargemaakt kunnen worden en die bovendien ook niet allemaal even hartstochtelijk worden gedeeld door de gewone Iraniërs. De meesten van hen willen slechts een gezonde economie, wat meer persoonlijke vrijheid en betere banden met de wereld.

Madjied Iranigah kijkt de ontwikkelingen nog even aan. "Rohani heeft ons weer hoop gegeven. Ik wilde altijd in het buitenland gaan wonen, en nu denk ik er toch over om hier te blijven. Maar eerst maar eens zien hoe onze robot het er vanaf brengt!"

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden