'Nee' tegen referendum is 'ja' tegen sancties

De auteurs zijn leden van het Europees Parlement voor het CDA.

Vandaag zal de blanke bevolking van Zuid-Afrika zich door middel van een referendum moeten uitspreken over de vraag: Steunt u de voortzetting van het hervormingsproces dat president De Klerk begon op 2 februari 1990 om door middel van onderhandelingen tot een nieuwe grondwet te komen?

Ons werkbezoek (van 24 februari tot 6 maart) aan Zuid-Afrika werd sterk beinvloed door de aankondiging, op de dag van onze aankomst, van dit referendum. Vanaf de eerste minuut werden wij geconfronteerd met een massale campagne, ondersteund door vrijwel alle media in Zuid-Afrika.

Optimisme

Enerzijds troffen wij een enorm optimisme aan over de uitslag van het referendum. Vrijwel iedereen voorspelde een overwinning van zo'n 65 procent voor de ja-stemmers. Ter beinvloeding van het resultaat in positieve zin voerde het particuliere bedrijfsleven een enorme publiciteitscampagne. Grote advertenties op vrijwel iedere linkerpagina van elke krant: een foto van een gesloten en verlaten fabrieksterrein, met daaronder teksten als: "Indien u dit wilt, stem dan vooral neen" . "Indien u de terugkeer van de sancties wilt en een totale isola tie van Zuid-Afrika, dan moet u 'neen' stemmen" . Idem foto's van het winnende cricketteam in Australie of van de winnaar van de Zuidafrikaanse Grand Prix, met daaronder de opmerking: "Indien u wilt dat dit de laatste Grand Prix op Zuidafrikaanse bodem is, of indien u Zuid-Afrika nooit meer van Australie wilt zien winnen, stem dan vooral neen" .

Anderzijds lieten velen hun optimistische voorspelling onmiddellijk volgen door de opmerking dat een onverhoopte negatieve uitslag zou betekenen dat men samen met zijn gezin het eerste vliegtuig richting Europa zou nemen. Een Zuid-Afrika, terugkerend naar apartheid en waarschijnlijk op de drempel van een burgeroorlog, is ook voor de meeste blanke Zuidafrikanen een onaanvaardbaar vooruitzicht.

Het komt ons voor dat ondanks geluiden als zou het hervormingsproces in Zuid-Afrika het 'point of no return' allang gepasseerd zijn, het referendum juist het bewijs van het tegendeel is. De zwarte bevolking wijst de gedachte af dat het in dit stadium nog mogelijk is dat blanken alleen beslissen over de toekomst van Zuid-Afrika, maar eist uit realiteitsoverwegingen een volmondig 'ja' van de blanke bevolkingsgroep. Europa zal duidelijk moeten zijn over de gevolgen van een 'nee'-stemming. Een vandaag uitgesproken 'neen' betekent dat morgen internationaal 'ja' wordt gezegd tegen herstel van de sancties, ook de culturele, inclusief de misschien voor veel Zuidafrikanen wel allerbelangrijkste, de sportboycot. Toch overheerste bij ons de indruk dat het referendum met een positief resultaat zal worden afgesloten. Op de langere termijn komt dan de vraag weer naar voren hoe we als EG kunnen bijdragen aan de oplossing van de problemen waarmee Zuid-Afrika geconfronteerd zal worden bij het ongedaan maken van de gevolgen van de apartheid. Hoe Europa kan bijdragen aan de integratie van Zuid-Afrika in de regio, in Zuidelijk Afrika.

Het grootste deel van de zwarte bevolking van Zuid-Afrika is arm, even arm als in de omliggende Afrikaanse landen. Ruim 40 procent is werkloos. Het percentage volwassenen dat niet kan lezen en schrijven ligt hoger dan in menig Afrikaans land. Een hele generatie heeft scholing geweigerd en zal dat waarschijnlijk nooit meer inhalen.

Schizofrenie

Tegelijkertijd is Zuid-Afrika veel ontwikkelder en rijker dan de andere Afrikaanse landen. Een uitstekende infrastructuur, enorme bodemschatten (kolen, uranium, kobalt, vanadium en goud), een goede landbouwsector, een zeer goed opgeleide blanke bevolking en steden die in Europa niet zouden misstaan. Deze schizofrenie in de Zuidafrikaanse samenleving maakt snelle, gemakkelijke oplossingen onmogelijk. Slechts op langere termijn lijkt soelaas mogelijk.

Buitenlandse investeringen op grote schaal zullen ertoe moeten bijdragen dat de zwarte bevolking een reeel perspectief geboden wordt. Daartoe zal het noodzakelijk zijn dat het ANC een duidelijk economisch programma op tafel legt zonder te dreigen met nationalisering. De top van het ANC zal de werkvloer op de hoogte moeten stellen van de veranderde inzichten over de organisatie van de economie. De vakbondsleden in de kolenmijnen met wie wij spraken, verkeerden bijvoorbeeld nog in de veronderstelling dat regeren, of meeregeren, nationaliseren zal betekenen. Zij verbonden daaraan bijna utopische verwachtingen over enorme aantallen banen, die daardoor automatisch zouden ontstaan. Bovendien bleken zij te menen dat de blanke regering de blanke burgers voorziet van plastic geld, creditcards, waarmee gratis gewinkeld kan worden en dat dit cadeautje straks ook de zwarte burger ten deel zal vallen. Zulke toekomstdromen over het nieuwe Zuid-Afrika maken de problemen niet geringer. Welke regering zal ooit tegemoet kunnen komen aan een dergelijk verwachtingspatroon?

Steun voor onderwijs en trainingsprogramma's voor de zwarte bevolking en vooral voor huisvesting, mag niet uitblijven. Met alle goede wil van de (nieuwe) Zuidafrikaanse regering zal het onmogelijk blijken op de begroting de gelden te vinden die hiervoor nodig zijn. De noodzaak van de hulp kan worden geillustreerd door de demografische cijfers waarmee Zuid-Afrika zich geconfronteerd ziet. Van de zwarte bevolking is 60 procent jonger dan 15 jaar. Hun onderwijs staat op zulk laag peil, dat zelfs al waren er banen, het nog zeer moeilijk zou zijn deze aanstormende generatie een plaats te geven in een hoge eisen stellend modern bedrijfsleven. Gevreesd moet worden dat voor deze generatie nooit voldoende banen gecreeerd kunnen worden. En als de situatie langzamerhand verbetert, is het de vraag of er voldoende werkende mensen zullen zijn om voor hun oude dag te betalen. Een generatie van geboren verliezers en daardoor een blijvende bron van ontevredenheid.

Investeringen laten nog op zich wachten. Ondernemers investeren niet graag in een zo onzekere situatie. Zuid-Afrika zal moeten overgaan tot liberalisering van handel en industrie. Het zal zich daarbij aan de internationale overeenkom sten moeten houden (bijv. GATT, multivezelakkoord).

Tot nu toe dwongen de sancties het land te mikken op een zekere mate van zelfvoorziening. Tegelijkertijd werd de industrie op allerlei manieren beschermd, onder andere door zeer hoge invoerheffingen. Daardoor is het bedrijfsleven niet in staat op de wereldmarkt te concurreren. Het feit dat de looneisen van de zwarte bevolking niet gepaard gaan met hogere produktiviteit, verslechtert nog eens extra de concurrentiepositie. De inflatie is hoog, de prijzen stijgen. De export bestaat uit grondstoffen in plaats van arbeid scheppende (half)fabrikaten.

Brede steun

Naar onze mening moet de internationale steun voor het democratiseringsproces zich zo breed mogelijk richten. Waar de EG zich lange tijd heeft beperkt tot de Kagiso-trust als instrument om de hulp door te sluizen, ontstaat langzamerhand het inzicht, dat het beter is de hulp te spreiden over zoveel mogelijk organisaties, zoals de Raad van kerken en de rrooms-katholieke bisschoppenconferentie. Op die manier is het mogelijk om de hulp over stad en platteland te spreiden.

Het is van het grootste belang vooral geen nieuwe ongelijkheden te creeren. Zo veel mogelijk moeten de Zuidafrikanen gelijke rechten en kansen krijgen, die hun basis vinden in een grondwet met een belangrijke mensenrechtenparagraaf, gebaseerd op de rechten van het individu. Dit veronderstelt dat zowel de Conservatieve partij als de PAC (Communistische partij) gaat deelnemen aan het proces van democratisering.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden