Column

Nee, genitale verminking heeft niets te maken met de islam

Beeld anp

Zo. Het jaarlijkse aandachtsgolfje rond de Internationale Dag tegen Genitale Verminking is weer voorbij. Begin februari is het steevast raak: ineens duiken overal verhalen op over het leed dat meisjesbesnijdenis heet. Dat gaat langs vaste lijnen.

Meestal komt er een slachtoffer en/of bestrijder aan het woord. In elk stuk lees je welke besnijdenisvarianten er zoal zijn: van een klein prikje in de clitoris tot de gruwelijkste vorm, die van het complete weghakken en dichtnaaien. En steevast staat er ter geruststelling bij dat de ingreep 'niets te maken heeft' met de islam. Want weten wij wel dat er miljoenen moslims zijn die de praktijk net zo verafschuwen als het Westen dat doet? En weten wij wel dat meisjesbesnijdenis tevens voorkomt onder Afrikaanse en Midden-Oosterse christenen?

Dat klopt natuurlijk. Maar vorige week wierp een concurrerend ochtendblad nieuw licht op deze eeuwige mantra.

Angst voor angst
De Volkskrant ontdekte dat de cijfers die Unicef gebruikt verre van compleet zijn. Dat ook moslimmeisjes in bijvoorbeeld enkele Golfstaten en Aziatische landen de ingreep ondergaan vind je in de officiële statistieken niet terug - om de banale reden dat de betreffende overheden 'weinig interesse' tonen in de materie en "vrezen hun vingers te branden aan een religieus beladen kwestie". Volgens een ngo-medewerker wil een lobby van internationale bestrijders bovendien dat meisjebesnijdenis 'een Afrikaans probleem' blijft. "Huiver voor 'islamofobie' speelt volgens hem een rol." (Angst voor de angst, ik was geloof ik niet de enige die even moest glimlachen.) Als dat klopt, dan zouden de wereldwijde statistieken over vrouwelijke genitale verminking nog huiveringwekkender uitpakken dan ze nu al zijn.

Nu was bekend dat het gebruik ook in bijvoorbeeld Indonesië voorkomt - niet in de extreem wrede, maar in de zogeheten 'milde' variant. Uit een reportage in NRC Handelsblad van enkele jaren geleden bleek dat 'de meeste Indonesiërs' menen dat het hier een islamitisch voorschrift betreft. Hardnekkig blijven families geloven "dat hun dochter pas een echte moslima is na een besnijdenis". Een wettelijk verbod, ingesteld in 2006, mocht niet baten. In zijn oneindige wijsheid kwam het ministerie van gezondheid daarop met een 'richtlijn' waarin staat tot hoever besnijders mogen gaan. (Onwillekeurig doet het denken aan ons eigen gedoogbeleid: het mag niet, maar het mag.) Dit uiteraard tot groot ongenoegen van vrouwenorganisaties en andere activisten die vinden dat de Indonesische regering aldus verwarring zaait, en een abjecte traditie in stand houdt.

Politiek-religieuze zaak
Vorige week wist de Volkskrant evenwel te melden dat de situatie in Indonesië "alleen maar erger lijkt te worden". Een reden noemde het dagblad ook: de opmars van de vrome islam. Fundamentalistische geestelijken maken de gelovigen wijs dat het gebruik verplicht is, hun gematigder broeders bevelen het aan als 'een goede religieuze traditie'. Zo wordt meisjesbesnijdenis in dit land meer en meer 'een politiek-religieuze zaak'.

Inderdaad, nergens in de Koran staat dat de Allerhoogste behagen schept in het verminken van vrouwelijke genitaliën. Maar doet dat ertoe voor al die miljoenen meisjes die de ingreep uit Zijn naam hebben ondergaan, voor de miljoenen die het nog te wachten staat? Dáár zou ik nou bij het volgende aandachtsgolfje wel eens wat over willen lezen.

 
Nergens in de Koran staat dat de Allerhoogste behagen schept in het verminken van vrouwelijke genitaliën. Maar doet dat ertoe voor al die miljoenen meisjes die de ingreep uit Zijn naam hebben ondergaan?
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden