Analyse

Nee, dit eredivisieseizoen zal niet als een bijzondere de boeken in gaan

PSV'er Hirving LozanoBeeld ANP Pro Shots

PSV’er Lozano, Ajacied Ziyech, Feyenoorder Berghuis, geen van allen was beslissend. Dat was het collectief van PSV. Nu moet er terrein in Europa worden herwonnen.

Nee, de vandaag afgesloten competitie van het voetbalseizoen 2017-2018 zal niet als een bijzondere de boeken in gaan. Kon een spannende apotheose in voorbije jaren meer dan eens de nodige compensatie bieden voor het magere niveau, deze editie liep leeg als een lekke bal. Op de voorlaatste speeldag waren alle grote beslissingen gevallen. Sterker, PSV was drie ronden voor het einde al kampioen geworden, met tien punten voorsprong toen op Ajax.

Goed, dat mocht op een bepaalde manier bijzonder heten: het op veel plaatsen matig getalenteerde PSV dat zich de lamme rivaal zo eenvoudig van het lijf hield. Die prestatie van vooral trainer Cocu is voldoende beschreven en geprezen. Nu zij voor een evenwichtige geschiedschrijving nog vastgelegd dat het lang als saai bekritiseerde PSV in de laatste weken van het seizoen (toen het er nog om ging) wel degelijk beter en, ja, iets mooier ging voetballen. Het toonde - in Nederland moet het kleine worden geëerd - dat ook niet de grootste ploeg zich aan een vaste hand kan ontwikkelen.

Wat dat voor de nabije toekomst waard kan zijn, voor een seizoen met hopelijk weer Europees voetbal, is een vraag voor later in dit stuk. Eerst het rijtje van nu nog even af, het traditionele rijtje.

Beste spelers

Ook over Ajax is voldoende gezegd en geschreven. Met enige afstand de hoogste begroting van het land en voor de vierde achtereenvolgende keer geen kampioen. Twee trainers aangesteld, eerst Keizer en daarna Ten Hag, die beiden niet de indruk konden wekken de zaak in de hand te hebben, in de mate dan waarin dat op dat niveau mag worden verwacht. De beste spelers van het land, volgens de algemene inschatting vooraf, waren weer niet in staat zich de besten te tonen, wat langzamerhand de vraag toch mag opwerpen of ze dat wel zijn.

Feyenoord zakte in de competitie wel erg ver weg. Dat het niet zo goed zou gaan als in het memorabele kampioensjaar, was te voorzien en te verklaren. Een loodzware poule in de Champions League, waarschijnlijk toch mede door die belasting veel blessures: het was niet te dragen voor de ploeg die als kampioen al moeilijk een bijzondere kon worden genoemd, die energieke spelers was kwijtgeraakt (Kuijt, Karsdorp, Elia ook) en er nieuwe uit de subtop van de eredivisie (met alle onzekerheid van dien) voor had teruggekregen. Maar een gat van meer dan twintig punten ergens onderweg met PSV, dat was te gortig, daar kon de bekerwinst bepaald niet tegenop wegen.

AZ kwam ertussen, op de derde plaats. Met leuk voetbal, het leukste van het land werd her en der gezegd, maar voetbal is een puntensport. AZ kon in de rechtstreekse duels niet op tegen de topclubs. Dat is een patroon inmiddels, maar hoe erg kan dat zijn? Een derde plaats, zich even tussen de gevestigde orde dringen, is mooi voor zo’n subtopper, en incidenteel is het voor AZ al niet eens meer. Het was in de vier seizoenen onder trainer Van den Brom de tweede keer dat AZ zo hoog eindigde, voorwaar een respectabele aantekening op zijn cv.

Leuk was in de eerste competitiehelft ook het voetbal van PEC Zwolle, onder de in Nederland teruggekeerde trainer Van ’t Schip. Niemand hoefde hem te vertellen dat het zo niet kon blijven, maar de val was net even te diep: uiteindelijk werden de play-offs voor Europees voetbal gemist.

Pluim

Een aparte vermelding mag niet uitblijven voor Excelsior, dat zich met een minimale begroting voor de vierde keer op rij handhaafde in de eredivisie, en voor trainer Van der Gaag in het bijzonder, die het clubje naar nota bene de elfde plaats leidde. Ook een pluim voor het gepromoveerde VVV en zijn trainer Steijn, die zich ook al ver voor het einde niet meer druk hoefden te maken.

Niet zij degradeerden, niet Roda JC en Sparta die nog nacompetitie mogen spelen, maar FC Twente, de kampioen van 2010. In de totale ineenstorting rolde in Enschede de ene na de andere kop, van de trainers Hake en Verbeek, van directeur Van Halst. De selectie, met tal van op papier aardige spelers die voor degradatievoetbal ongeschikt bleken, was dieper beschouwd die van een club die tot het bittere einde te groot dacht.

Hoe nu verder? In het nogal eenkennige Enschede zou alleen oud-trainer Rutten redding kunnen brengen, heette het, maar die bedankte vriendelijk.

Ook op hoger niveau prangt de vraag: hoe verder? Eenieder kon zijn favoriet er in de eredivisie uit pikken: PSV-aanvaller Lozano, Ajacied Ziyech, Berghuis of Van Persie van Feyenoord, AZ’er Jahanbakhsh. Maar geen van allen was beslissend in de teamsport. Dat was het collectief van PSV.

Meer dan daardoor werd 2017-2018 toch getekend door een in het vroegste stadium aangebrachte diepe kerf: het gemis van Europees voetbal. Het zou een loos seizoen worden, was door de uitschakeling van PSV en Ajax al duidelijk: Europees voetbal is voor wezenlijke ontwikkeling onmisbaar. Daar moet terrein herwonnen worden en daarvoor zou het loze jaar dan toch een les kunnen bieden: die van PSV en Cocu dat het niet anders kan dan met een bundeling van in Nederland onvermijdelijk beperkte krachten.

ADO Den Haag en Heerenveen naar play-offs

ADO Den Haag en Heerenveen plaatsten zich op de slotdag van de eredivisie voor de play-offs om Europees voetbal, als de nummers zeven en acht in de eindrangschikking.

FC Utrecht en Vitesse waren al verzekerd van de barrage. PEC Zwolle, op de achtste plaats vóór de laatste ronde, viel buiten de boot door een 6-0 nederlaag bij AZ.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden