Nederlandse steun voor mensenrechten is oppervlakkig

Kinderen demonstreren tegen Geert Wilders, na zijn 'meer of minder Marokkanen'-toespraak. Ondervraagde PVV'ers vinden dat Wilders meer rechten heeft dan moslims.Beeld anp

Nederlanders steunen in grote meerderheid universele mensenrechten zoals vrijheid van meningsuiting. Maar: zodra er concrete voorbeelden worden genoemd, krabbelen Nederlanders terug.

Volgens een onderzoek van de Universiteit van Utrecht, in samenwerking met het Nationaal Comité 4 en 5 mei, is de steun voor universele mensenrechten slechts oppervlakkig. Zo zegt 79 procent van de ondervraagden dat mensen in Nederland in alle gevallen recht hebben op basisbehoeften als voldoende eten, dak boven het hoofd en gezondheidszorg. Op de vraag of asielzoekers daar recht op hebben, antwoordde nog minder dan de helft met een 'ja'. Hoe het zit met uitgeprocedeerde asielzoekers, het onderwerp waar het kabinet onlangs bijna over struikelde, is niet gevraagd.

Een ander voorbeeld ligt op het terrein van discriminatie. Zo geeft 65 procent van de onderzochte Nederlanders aan in alle gevallen tegen discriminatie te zijn. Tegelijkertijd vindt slechts een derde van de respondenten dat werkgevers een vrouw niet mogen weigeren tijdens een sollicitatie als zij zwanger is.

Vrijheid van meningsuiting
In Nederland vindt, volgens het Utrechtse onderzoek, een meerderheid dat er een absoluut recht is op vrijheid van meningsuiting: iedereen mag zeggen wat hij of zij wil. Daarentegen vindt slechts een kwart dat moslims het recht hebben om op straat korans uit te delen. Hetzelfde geldt voor de negatieve uitspraken van Geert Wilders over de Koran. Een kwart vindt dat die door de beugel kunnen.

Volgens de Utrechtse onderzoeker Sabrina de Regt wordt dit verschil maar voor een deel verklaard door de neiging van mensen om sociaal wenselijk te reageren op algemeen geformuleerde rechten. Volgens haar ligt er ook eigenbelang ten grondslag aan antwoorden bij concrete voorbeelden. "Zo vinden PVV'ers dat Wilders meer rechten heeft dan moslims en zijn vrouwen gevoeliger voor vrouwenrechten dan mannen."

Volgens De Regt lijkt dat een logische gedachtegang, maar dat maakt de zaak niet minder zorgelijk. "Indien mensen zich vooral zorgen maken over mensenrechten als persoonlijk belang, dan kunnen rechten voor minderheden in de knel komen."

4 en 5 mei
Het onderzoeksprogramma van de Utrechtse universiteit en het Nationaal Comité 4 en 5 mei heeft ook gekeken naar de houding van Nederlanders van niet-Nederlandse afkomst ten aanzien van herdenking en bevrijding. Zo bleek dat Nederlanders met een Antilliaanse, Indonesische en Surinaamse achtergrond niet minder waarde hechten aan 4 en 5 mei dan autochtone Nederlanders.

Anders ligt dat bij mensen van Turkse en Marokkaanse afkomst. Zij hangen minder de vlag buiten op 4 en 5 mei en houden minder vaak twee minuten stilte tijdens de Dodenherdenking.

Opmerkelijk is dat allochtonen die wel naar de Dodenherdenking gaan, hierbij meer gevoelens van nationale verbondenheid ervaren met andere Nederlanders dan autochtone Nederlanders. Volgens onderzoekers komt dat doordat allochtonen die meedoen, dat heel bewust doen en dat associëren met de Nederlandse identiteit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden