Nederlandse kunstenaars gedijen uiteindelijk in India

NEW DELHI - Het hanteren van een kwast is niet de kunst. Zorgen dat er op tijd een kwast voorradig is, de juiste nog wel, dat is lastiger. Drie Nederlandse kunstenaars hebben de afgelopen twee maanden in India ervaren wat het betekent de producenten te zijn van artefacten, van kunst als maak-werk. Geen onverdeeld genoegen.

KEES BROERE

Rob Birza, Berend Strik en Bastienne Kramer kwamen naar India op uitnodiging van de Foundation for Indian Artists, de stichting van galeriehoudster Eegje Schoo, die ooit in New Delhi ambassadrice is geweest. Wekenlang hebben zij samengeleefd en gewerkt met drie Indiase collega's, Bhupen Khakhar, Mrinalini Mukherjee en N. N. Rimzon.

De resultaten van het gezamenlijk verblijf in Sankriti Kendra, een werk- en verblijfplaats voor kunstenaars, zijn te zien in de National Gallery of Modern Art in de Indiase hoofdstad New Delhi. De expositie, 'Het andere zelf', komt in mei gereduceerd naar het Stedelijk museum in Amsterdam.

“De National Gallery nam een gok”, vertelt Els Reijnders, de coördinator van de tentoonstelling. “Het gaat immers om origineel werk. De mensen kwamen blanco, zonder werk naar Sankriti Kendra. De uitkomst van het project was volstrekt onzeker.” Het Indiase museum staat bovendien niet bekend als de plek waar dagelijks moderne westerse kunst te bewonderen valt.

De logistiek van het project bleek nog de grootste problemen op te leveren. Zo kwam Bastienne Kramer naar India met grote lappen tentdoek. Het zeil is de stof voor haar 'kathedraal-tent', een soort bungalowtent met twee torens aan de voorkant. Het is de ruimte van moderne nomaden, zwervers in een wereld waarin afstanden steeds minder betekenis hebben.

“De tent is hier in elkaar gezet”, zegt Kramer. Dat is te zien. De stof - in India vrijwel onbekend - is hier en daar aan elkaar genaaid op een wijze die Nederlandse professionals woedend zou maken. Daardoor echter heeft het zo typisch westerse ding onmiskenbaar Indiase karakteristieken gekregen. Het sacrale krijgt iets gemoedelijks, het plechtige blijkt te berusten op improvisatie.

Berend Strik is op de expositie vertegenwoordigd met een groot en een kleiner borduurwerk. Strik schilderde de voorstelling, Indiërs hebben deze ingevuld met diverse, soms eeuwenoude borduurtechnieken. De foto's uit het atelier laten zien welk een klus dit is geweest. Vijftien paar handen aan een lange tafel. Strik aan het hoofd ervan, als overzag hij een geborduurde laatste avondmaaltijd.

Het Nederlandse drietal heeft in februari een reis door India gemaakt, bedoeld ook om inspiratie op te doen voor het werk dat in de beslotenheid van Sankriti Kendra is gemaakt. De afgelopen twee maanden hadden zij bovendien behalve met de drie Indiase kunstenaars, talrijke ontmoetingen met andere Indiase collega's.

Geduld

Strik is inmiddels toe aan ander werk, in een andere omgeving. Hij neemt aan dat het verblijf in India zijn toekomstig, vrij werk zal beïnvloeden. Dat organiseren niet de sterkste kant van zijn gastland is, zal hij ook niet vergeten. En over schone zaken gesproken: geduld, geduld, geduld.

Rob Birza lijkt van het trio het minst te zijn gehinderd door de soms hevige botsing met een andere cultuur. Zijn produktiviteit is als steeds enorm geweest. In de National Gallery zijn schilderijen te zien en beeldeninstallaties in diverse technieken. Voor het eerst heeft Birza ook gewerkt met papier-maché.

Schilderijen vormen het grootste deel van de tentoonstelling. Zoals die van Bhupen Khakhar, doortrokken van even pijnlijke als ironische weemoed, of de aquarellen-serie van Bastienne Kramer, geïnspireerd op Indiase produktreclames. Mukherjee maakte een 'Lotus vijver' van keramisch werk, Rimzon een installatie van achttien werken in fiberglas, gestanste en uitvergrote afbeeldingen van Indiase votiefjes.

Zowel bij Kramer als Birza spelen in de schilderijen teksten een grote rol. Bij de Engelstalige reclameprodukten van Kramer ligt dat voor de hand. Birza heeft daarnaast op een aantal doeken de tekst bijna fluisterend door de Indiase motieven geweven. Behalve op een van de schilderijen, in rood en zwart, met een onmiskenbaar harde tekst.

“Het is ook wel een samenvatting van het verblijf hier”, geeft Birza aan. “In het begin, als niets lijkt te lukken, krijg je flink de smoor in dit land. Uiteindelijk valt het wel weer mee.” 'Kill India' zegt de tekst op het roodzwarte doek, 'Vermoord India'. Maar dat niet alleen, 'Kiss India' ('Kus India') valt ook te lezen. De dubbele s-klank sist venijnig.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden