Nederland zal moeten leren economische groei zorgvuldiger te spellen

Stilstand is achteruitgang. In die zin is het pleidooi van GroenLinks-leider Femke Halsema voor een meer ontspannen levenshouding, minder werken en vooral minder consumeren een slag in de lucht.

Met zo’n houding zou Nederland zich binnen de kortste keren uit de markt prijzen, de aansluiting met de rest van de wereld verliezen en uiteindelijk niet in staat zijn het juiste antwoord te vinden op het probleem van de vergrijzing.

Dat neemt niet weg dat haar stellingname tegen de uitwassen van de consumptiemaatschappij bijval verdient. Zoals zij het beeldend formuleert: huizen staan overvol met mechanische rotzooi, kleren en troep die we niet nodig hebben. Halsema heeft ook gelijk dat de kredietcrisis in de Verenigde Staten in wezen een consumptiecrisis is. Anders gezegd: de uitwassen van het consumentisme hebben ons aardig in de buurt van een financieel bankroet gebracht. Het roer zal dus om moeten, maar hoe?

Met het stellen van die vraag dreigen we verstrikt te raken in de oude discussie over de economie van het genoeg, uit de jaren zeventig. Dat debat verstomde toen de economische groei stagneerde en we te maken kregen met werkloosheid en een vastlopende verzorgingsstaat. Sindsdien werd groei weer met hoofdletters geschreven.

Groei is echter een ruim begrip. Zo zou Nederland ook kunnen uitgroeien tot een kennis- en dienstenland bij uitstek, met een hoogwaardige technische industrie en veel kleine en slimme bedrijven. Tot een soort Zwitserland aan de Noordzee, zoals de econoom Jaap van Duijn (voormalig topman van Robeco) onlangs de richting aangaf. Daarmee kunnen we tal van problemen pareren en het is nog goed voor het milieu ook. Het komt er echter onvoldoende van, wegens gebrek aan politieke moed en falend ondernemerschap. Politici zouden meer moeten durven investeren in onderwijs en projecten (op het gebied van openbaar vervoer bijvoorbeeld) die zo’n groei stimuleren. En er zouden meer echte ondernemers moeten opstaan, die iets nieuws durven aanpakken. In plaats daarvan is het woord aan managers (beheerders) die, om met Van Duijn te spreken, weinig anders doen dan met bestaande dozen schuiven.

Wie onder dergelijke omstandigheden burgers oproept hun geld aan zinniger zaken te besteden en het wat rustiger aan te doen, loopt het risico het laatste restje dynamiek uit de economie te halen. Dat zal ook Halsema niet willen. We zien daarom met spanning uit naar het manifest van GroenLinks waarin haar op zichzelf sympathieke oproep in perspectief wordt gezet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden