Nederland wil vooral Oost-Europa sussen

Op de Navo-top, vandaag en morgen in Wales, zal Nederland pleiten voor beperkte maatregelen tegen Rusland, zodat Moskou geen vijand wordt. Ook zal ons land aandacht vragen voor de Afghanistan-missie. Die zou voor andere landen een voorbeeld kunnen zijn hoe een krijgsmacht internationaal opereert.

Wat wordt de Nederlandse inzet tijdens de Navo-top vandaag en morgen in Wales? Op basis van gesprekken met politici en ambtenaren maakt Trouw een inschatting. De belangrijkste lijn bij het hoofdthema op de agenda - Rusland - is dat er vooral niet te ferme stappen genomen moeten worden. Dan verzuurt de relatie alleen maar verder. De wens van Polen en de Baltische staten om Navo-bases en bondgenootschappelijke troepen op hun grondgebied te stationeren wordt door Nederland niet gesteund.

Die troepen zouden Rusland moeten afhouden van het inmengen in of intimideren van met name Letland en Estland. De defensiecommissie van het Britse Lagerhuis concludeerde dit jaar dat die landen nu eigenlijk nauwelijks verdedigd kunnen worden, en dat men na de Russische acties in Oekraïne verdere agressie niet kan uitsluiten.

De noordoostelijke lidstaten twijfelen of zij in zo'n geval wel op solidariteit kunnen rekenen. Wordt een aanval op Tallinn als minder erg dan een aanval op Berlijn of Parijs gezien? Door nu al gevechtsklare troepen in het oosten te plaatsen zou de gehele Navo automatisch in een conflict worden meegezogen, en juist die wetenschap zou het Kremlin van avonturen moeten afhouden. Wie vrede wil moet zich voorbereiden op oorlog, zoals het spreekwoord luidt.

Maar in Den Haag gelooft men daar niet in. Rusland zal de Baltische staten niet aanvallen want dan treedt de collectieve verdediging van de Navo in werking. Op de vraag of - om die verdediging ook in Russische ogen voldoende afschrikwekkend te laten zijn - er dan niet stevige verdedigingsvoorbereidingen nodig zijn, wordt meestal sussend teruggegrepen op de eerste bewering.

Nederland ziet de Baltische en Poolse wensen als begrijpelijke overbezorgdheid. De landen hebben vroeger onder Russische terreur geleden, maar zijn nu veilig onder de Navo-paraplu. Veelzeggend is dat de Nederlandse militaire maatregelen in Oost-Europa een geruststellingspakket worden genoemd, en niet een afschrikkingspakket. Het draait meer om sussen van de Balten dan om afschrikken van Rusland. De maatregelen, zoals het eerder uitvoeren van al geplande patrouilles boven de Baltische staten of gezamenlijke oefeningen met enkele duizenden militairen, worden in dat licht dan ook als fors gezien.

De Nederlandse deelname aan nieuwe Navo-eenheden, waar afgelopen weekeinde over werd gesproken, betekent geen significante beleidswijziging. Nederland zou al voor de crisis in Oekraïne uitbrak, bijdragen aan de roterende Navo-reactiemacht voor 2015. Nu worden er plannen gemaakt om die macht - als een compromis tussen Oost en West - nieuw leven in te blazen. Als al geplande deelnemer voor 2015 doet Nederland hier ook aan mee.

Hetzelfde geldt voor een door de Groot-Brittannië geleide expeditiemacht. Londen wil dat al jaren. Om noordelijke landen warm te krijgen wordt het nu wellicht iets meer tegen Rusland gericht. Nederland doet vooral mee om de samenwerking tussen de Nederlandse en Britse mariniers te verdiepen.

Eigenlijk ligt de belangstelling binnen de Nederlandse veiligheidswereld nog steeds bij stabilisatiemissies in zwakke staten. De heersende gedachte is dat Nederland daar goed in zou zijn en dat landen als Afghanistan en Mali opknappen van een aantal jaren westerse militaire aanwezigheid. Daarom stuurt Nederland daar wel militairen heen, maar niet naar Estland, want dan zou de situatie met Rusland escaleren.

Nederland zal vandaag ook de lijn uitdragen dat de krijgsmacht internationaal juist een model is. Er wordt veel samengewerkt met andere landen, en Nederland doet relatief vaak mee aan missies in zwakke staten. Een opsteker voor de Nederlandse delegatie is het deze week gepresenteerde plan om honderd militairen naar Afghanistan te sturen die daar intensief met de leidende Duitse eenheid gaan samenwerken. Die taak is ook waar de Nederlandse krijgsmacht de afgelopen jaren op is ingericht, met veel lichte eenheden die het moeilijk zouden krijgen tegen een goedbewapende en getrainde tegenstander. Dat is een andere koers dan bijvoorbeeld Polen, dat de prestaties en inrichting van haar krijgsmacht juist afmeet aan het vermogen Rusland in de eigen achtertuin af te schrikken.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden