Nederland is hard toe aan nieuwe verhalen

We moeten een voorbeeld nemen aan Amerika, waar biografen veel vaker een positieve insteek kiezen.

’Bernhard, een verborgen geschiedenis’ van Annejet van der Zijl. ’Nina, de onweerstaanbare opkomst van een power lady’ van Eric Smit. Zo maar twee recent verschenen biografieën, de laatste ’ongeautoriseerd’ van de cover schreeuwend. Twee journalisten ontmaskeren de hoofdpersoon. Bernhard kon er niet veel meer tegen uitrichten, Nina Brink wringt zich in allerlei bochten om de publicatie tegen te houden, rectificatie af te dwingen en de biograaf in een kwaad daglicht te stellen. Waarom komen oud-bestuurders en voormalig leiders er in Nederland altijd zo bekaaid van af? En wat zegt dat over onze collectieve trots?

Nederlanders zijn zuinig, ook als het gaat om het vertellen van verhalen. We vertellen te weinig, misschien zijn we het een beetje verleerd. Nergens in de Westerse wereld verschijnen zo weinig autobiografieën als in Nederland. De corporate biography, de geschiedenis van een bedrijf, zéér populair in het Angelsaksische taalgebied, is hier nooit van de grond gekomen. En in geen enkel ander land worden bestuurders en leiders zo kritisch tegemoet getreden.

Het zegt alles over onze volksaard. IJdelheid is uit den boze, verbeeld je maar niets. Ons calvinistische pragmatisme laat geen ruimte voor grootspraak en groot denken. Vermakelijk is dat juist Bernhard en Brink knappe verhalenvertellers zijn. Ze hebben zorgvuldig gebouwd aan de eigen mythe, zoveel is zeker. Het is volkomen terecht dat schelmenstreken en schurkachtigheid in biografieën aandacht krijgen. Voor journalisten is ontmaskeren immers hun raison d’être. Voor uitgevers is dit bovendien een beproefd recept om tot acceptabele oplages te komen. Navrant is echter dat captains of industry en staatslieden door de we-houden-niet-van-koppen-boven-het-maaiveld-cultuur afzien van autobiografieën.

Hans van Mierlo gaat als een briljant redenaar en causeur de boeken in; zonde dat hij nimmer de tijd nam zijn denkbeelden samenhangend te verwoorden in een autobiografie. Bestuurders en politici maken biografen graag het leven zuur. Exemplarisch is de beschrijving van de ontmoetingen van Freddy Heineken met biografe-in-spé Barbara Smit. Soms was hij charmant-humoristisch (’ik doe slaapmiddel in de thee en ga je uitkleden’), soms imponerend-wraakzuchtig (’we zien elkaar bij de rechtbank’) om de biografe te bewegen van haar plannen tot publicatie af te zien.

Nederland moet een voorbeeld nemen aan Amerika, waar biografen veel vaker een positieve insteek kiezen. Verhalen over leiders laten mensen zien van vlees en bloed, die iets goeds van plan zijn en bereid zijn álles te doen om dat te bereiken. In de meeste Nederlandse biografieën staat niet het nobel streven centraal, maar worden karakterologische aspecten uitvergroot. Dat is jammer, want daarmee geven we te veel ruimte aan een als ronduit cynisch te bestempelen roddelcultuur. De essentie van het streven van de persoon verdwijnt naar de achtergrond.

Bestuurders reageren nu als door een bij gestoken op verhalen over hun functioneren, in plaats van met een stiff-upperlip hun eigen mythes te creëren. Als je alles en iedereen met een negatieve bril wilt bekijken, ga je ook vanzelf wat zuurder naar de wereld en naar je eigen leven kijken. Het geeft voeding aan alles wat we eigenlijk niet willen, ook tijdens de debatten in de Tweede Kamer of bij de formatiebesprekingen in Almere en Den Haag. Er ging een zucht van verlichting door heel de wereld – en ja, ook door Nederland – toen Barack Obama begon te vertellen over hoe hij Amerika ziet. Hij ontpopte zich als een ’storyteller’ pur sang. Een verhalenverteller, die ondanks de kredietcrisis de oude Amerikaanse droom tot leven wekte. Zo toon je leiderschap.

Ook Nederland is naarstig op zoek naar nieuw leiderschap. Wordt het dan geen tijd om op zoek te gaan naar nieuwe verhalen? We moeten elkaar durven te vertellen over ambitieuze mensen die doelen willen bereiken, daarbij het lef hebben om fouten te maken en langs de afgrond gaan om hun doel te bereiken. Verhalen waarmee we onze trots voeden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden