Nederlaag die tot nadenken stemt

Turkije-Nederland (3-0), 6 september 2015 in Konya, kan een ijkpunt zijn in de geschiedenis van het Nederlandse voetbal. Enkele bespiegelingen daarbij. 'We zijn in de maling genomen door Cruijff.'

Cruciale fout Van Oostveen

Na de afgang in Konya zei KNVB-directeur Bert van Oostveen dat hij vierkant achter bondscoach Danny Blind staat. Wat kon hij anders zeggen? Zo bekneld als Blind nu al is, zo bekneld zou zijn meerdere zich kunnen, of nee: moeten, voelen - al mag de vraag zijn hoeveel zorgen Van Oostveen zich hoeft te maken met een raad van toezicht boven zich die nog nooit door een ingrijpende maatregel is opgevallen.

Van Oostveen is een technocraat zonder voetbalachtergrond. Zijn eerste daad in zijn functie als baas van de bondscoach was eind 2011 het verlengen van het contract met Bert van Marwijk, met meteen maar vier jaar. Een half jaar later moest dat na het mislukte EK 2012 worden ontbonden. Louis van Gaal kwam, maar volledig op diens voorwaarden en volgens zijn regie. Na een jaar al zei Van Gaal doodleuk dat hij na het WK 2014 zou stoppen - dat de KNVB en Van Oostveen het maar wisten.

Van Oostveen wilde Hiddink en niet de bereidwillige, jongere Ronald Koeman. Hij wees Blind al aan als opvolger en loofde na Hiddinks ontslag zijn trainerskwaliteiten. Met al een bedenkelijk rapport in deze portefeuille lijkt Van Oostveen een cruciale buitenstaandersfout te hebben gemaakt: goed werken op het trainingsveld en een overkoepelende bondscoach (kunnen) zijn, dat is nog iets anders.

Onderwijl laat Van Oostveen de relatief onbekende Jelle Goes als technisch manager een nieuw plan voor het Nederlandse voetbal maken. "Ik heb er geen enkel vertrouwen in dat daarmee een omslag wordt gemaakt", zegt analist en oud-trainer Aad de Mos. "Daar zitten mensen zonder ervaring. Goes gaat in Australië kijken, en bij het rugby. Dat zijn dooddoeners."

Donkere jaren?

Het is snel mode geworden om te verzuchten dat we verzeild raken in donkere jaren als die van de beginjaren tachtig. Het was de tijd waarin twee WK's, van 1982 en 1986, en het EK 1984 werden gemist - de tijd waarvoor Feyenoord-verdediger Ben Wijnstekers, een doorsnee back van goede wil, in het collectieve geheugen als het symbool is gaan gelden.

Om meer redenen zijn de tijdvakken moeilijk of niet te vergelijken, maar toch vooral vanwege de wijdverbreide migratie van voetballers in deze tijden. Het buitenland is voor velen weggelegd, al lang niet meer voor slechts de topspelers. Dat zou een reden kunnen zijn om aan te nemen, of in elk geval te hopen, dat het nu zo erg als toen niet zal worden. In het buitenland kunnen meer spelers weerbaarheid opbouwen en inhoud, en in aanraking komen met andere voetbalgedachten. Toch?

Maar de eerste twijfel borrelt al op. Een topper zal centrumverdediger Stefan de Vrij in zijn stiel nooit worden. Maar dat hij naar Lazio Roma ging, naar het land van de verdedigers, dat zou hem toch ten goede komen? Veel is er nog niet van te zien. En goed, Georginio Wijnaldum speelt nog pas kort bij Newcastle United, maar waarom zou hij daar, bij die sinds jaar en dag moeilijke club met vaak irreële ambities, wezenlijk beter worden?

Er gaat zo ontzettend veel geld in het voetbal om, en daar kunnen ook voetballers van dit slag van profiteren. Maar geld neemt begrenzingen in kwaliteit niet weg. Bij een groter talent als Memphis Depay was bovendien ook in Konya te zien hoe lang de weg naar de top nog kan zijn - als, de voorzichtige vraag zij toch al gesteld, hij daar kan komen.

En o ja, de kwalificatie voor het WK 2018 belooft, met Frankrijk als zwaarste tegenstander, ook een heidens karwei te worden.

'We zijn eigenwijs'

Hoe is het toch mogelijk dat tegenstanders vaak zoveel meer inhoud hebben dan Nederlandse spelers? Hoe is het mogelijk dat trainers, nu Blind weer, ouderwetse opstellingen blijven maken, met tot twee keer toe drie lichte middenvelders?

"We zijn in de maling genomen door Cruijff", zegt Aad de Mos. "Hij wilde vroeger met buitenspelers spelen, voor zichzelf. Daarmee kon de ruimte voor zijn acties worden gecreëerd. Van Gaal heeft er later Playstationvoetbal van gemaakt. Toen ik met Mechelen in de finale van de Europa Cup II tegen Ajax speelde, liet ik mijn spelers zien dat van elke pass van Ajax vooraf te bepalen was waar die heen zou gaan."

De Mos ziet veel jeugdvoetbal. "Nederlandse ploegen van onder 14, 15 en 16 jaar komen onmiddellijk in de problemen, als de tegenstander met variaties speelt. Voor wat Nederlanders willen spelen, moet je een Cruijff in je team hebben, of een Messi. Haal Messi maar eens weg bij Barcelona. Je kunt Nederlandse trainingen uittekenen: passen en trappen, positiespel en een partijtje."

Maar trainers moeten met de internationale resultaten toch ook voelen dat het niet werkt? "We zijn eigenwijs", zegt De Mos. "De gedachte dat het op onze manier kan, zit diep. Het is maar de vraag of kijken naar het buitenland, wat ze nu zeggen te willen, dan kan helpen. Ik vind bondscoach Löw van Duitsland echt een vernieuwer. Je ziet bij Duitsland nog steeds andere dingen. Hoe zij aanvallen, is niet uit te tekenen. Bij ons zijn Narsingh en ook Depay makkelijk te verdedigen."

De assistent stoeit

Een teleurstelling dan nog van misschien persoonlijke aard. Marco van Basten pleitte onlangs in Voetbal International voor realistischer voetbal, voor oog voor andere elementen die in de eenzijdige Nederlandse voetbalbeleving vaak niet op waarde worden geschat. Eindelijk zo'n geluid, van iemand ook nog met zo'n statuur. Maar niets is ervan te zien, nu hij assistent-bondscoach is - en kennelijk toch knikt, als een gebrekkig bewapende ploeg wordt geformeerd.

"Ik loop er zelf ook mee te stoeien. Ik ben me ervan bewust dat het niet strookt", zegt Van Basten. De middenveldstrijder Nigel de Jong is bekeken bij AC Milan, vertelt hij. Dat was 'niet imponerend'. Maar de neo-international Davy Klaassen op de belangrijke positie van controlerende middenvelder, zoals tegen IJsland (0-1) en gaandeweg ook weer tegen Turkije? "Daar is ook een lange discussie aan voorafgegaan."

Van Basten haalt het eerste doelpunt van Turkije aan, en vermengt dat met herinneringen aan zijn vroegere jaren als speler. "Jeffrey Bruma stapte verkeerd in. De vraag is of hij dat over vier jaar nog doet. Misschien niet, of wel. Ik speelde bij Ajax met Peter Boeve en Sonny Silooy. Bij die jongens duurde het ook een tijdje, hoor, en de oudere Ronald Spelbos draaide meteen mee. Dit is een moeilijk moment voor het Nederlandse voetbal."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden