Navo-acties zijn riskant precedent

Er is geen juridische grond voor de Navo-acties tegen Joegoslavië. Volgens het internationaal recht kan alleen de VN-Veiligheidsraad tot dergelijk geweld besluiten. Dat is niet gebeurd. Door de acties toch stilzwijgend te accepteren, wordt aan de stoelpoten van de VN gezaagd.

De militaire acties van de Navo tegen Joegoslavië krijgen steeds meer kritiek. Er is alle reden om ook de internationaal-rechterlijke argumenten voor het ingrijpen onder de loep te nemen. Want dan gaat het over de vraag hoe wij willen dat staten in de toekomst onderling met gewapend geweld omgaan.

Tot in 1945 de Verenigde Naties werden opgericht had het internationale recht weinig te zeggen over hoe een staat omging met zijn onderdanen. Inmiddels is een stelsel van mensenrechtenstandaarden geaccepteerd. Van een aantal zeer ernstige zaken (denk aan volkerenmoord, slavernij of ernstige mensenrechtenschendingen) is zelfs vastgesteld dat zij de gehele wereld aangaan en dat alle staten het recht (en soms zelfs de plicht) hebben om overtreders te vervolgen.

Het Handvest van de Verenigde Naties introduceerde ook een systeem waarin het geweldgebruik tussen staten aan banden is gelegd. Hoezeer staten het ook met elkaars politiek oneens kunnen zijn, afgesproken is dat militair geweld in de onderlinge verhoudingen niet meer is toegestaan. Op deze regel bestaan twee uitzonderingen. De eerste betreft een situatie van zelfverdediging in geval van een gewapende aanval. De tweede uitzondering betreft militair geweld dat door de Veiligheidsraad van de VN wordt uitgevoerd of toegestaan.

De huidige Navo-actie is niet onder één van deze uitzonderingen te brengen en is daarom in strijd met het VN-Handvest. Van zelfverdediging is geen sprake omdat Kosovo geen staat is, maar een provincie van Joegoeslavië. Bovendien heeft de Veiligheidsraad sinds maart vorig jaar drie resoluties aangenomen met betrekking tot Kosovo. Daarin worden de partijen opgeroepen hun gewelddadigheden te staken, te streven naar een politieke oplossing en mee te werken aan onderhandelingen. Verwezen wordt naar 'Hoofdstuk VII' van het VN-Handvest. Hoewel dit voor menigeen reden is aan te nemen dat de Veiligheidsraad militair geweld wil toestaan om de nakoming van de besluiten af te dwingen, is dat uitdrukkelijk niet het geval. Hoofdstuk VII gaat weliswaar over 'dwangmaatregelen', maar noemt militair geweld pas in laatste instantie. Andere dwangmaatregelen zijn bijvoorbeeld economische sancties. Nergens in de resoluties is een aanwijzing te vinden dat de Veiligheidsraad toestemming geeft voor het gebruik van militair geweld. De gebruikelijke formulering dat 'alle noodzakelijke middelen' mogen worden gebruikt bleef achterwege, en de Veiligheidsraad heeft zelfs uitdrukkelijk aangegeven dat tot het nemen van 'aanvullende maatregelen' om de vrede en veiligheid te handhaven op een later tijdstip besloten wordt.

Ondanks het ontbreken van een mandaat van de Veiligheidsraad is de Navo van mening dat geweld mag worden gebruikt. De gebruikte argumentatie is echter politiek van aard, bezwaren van juridische aard worden weggewoven met een verwijzing naar de door de VN erkende ernst van de situatie en de verlamming van de Veiligheidsraad. En, af en toe wordt een poging gedaan om de acties met een beroep op het humanitaire karakter van de interventie toch nog juridisch te rechtvaardigen. 'Humanitaire interventie' wordt dan als een derde uitzondering op het geweldverbod gepresenteerd. Hoewel niet ontkend kan worden dat het internationale recht op dat punt in ontwikkeling is, komt deze uitzondering in het VN-Handvest niet voor. De overgrote meerderheid van de internationaal-rechtelijke deskundigen is dan ook van mening dat een beroep op het humanitaire karakter van een interventie de onrechtmatigheid ervan niet wegneemt.

Het kritiekloos accepteren dat het VN-systeem door de Navo en zijn lidstaten wordt genegeerd, leidt tot een gevaarlijke precedentwerking. Een stilzwijgende aanvaarding van eenzijdig geweldgebruik door staten of organisaties draagt een mogelijk failliet van dat systeem in zich. We moeten voorzichtig omspringen met de afspraak dat het geweldsmonopolie in handen van de Veiligheidsraad ligt. Het is aan de Navo en de VN om het unieke van de huidige situatie te benadrukken, om te voorkomen dat de nu gemaakte uitzondering de nieuwe regel wordt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden