Natuur ruiken, voelen, horen -maar niet zien

Ook mensen die niet of slecht kunnen zien, kunnen soms intens van de natuur genieten. Op speciale excursies ervaren zij stenen, bomen en duinen met alle zintuigen die ze hebben.

Op het eerste gezicht lijkt het een normale excursie op natuurterrein de Loenermark, nabij Apeldoorn. Boswachter John ter Horst loopt voorop en een kleine groep volgt hem. Maar een aantal mensen houdt een blindenstok vast. Voorzichtig, aan de arm van een familielid of begeleider, proberen ze de takken die uit de grond steken te vermijden.

Een wandeling voor mensen die niet goed of helemaal niet kunnen zien, betekent veel gebruik maken van andere zintuigen. De geur van eik en jeneverbes wordt opgesnoven. Handen bestasten de sprieten van de rus, een grassoort. En er wordt aandachtig geluisterd naar het getjilp van roodborstje en tjiftjaf. Boswachter Ter Horst excuseert zich al aan het begin van de wandeling: "Ik zal proberen niet te vaak 'je ziet hier' te gebruiken, maar soms kan ik niet anders."

De organisatie ligt in handen van het Rode Kruis. Adviseur Hanneke Verweij: "We hoorden dat veel blinden en slechtzienden thuiszitten en soms nauwelijks de deur uit komen. Dit kan voor hen een duwtje in de rug zijn - en een leuk dagje uit."

Uit de deelnemers aan deze excursie blijkt dat in elk geval niet: zij zijn geen van allen thuisblijvers. Allemaal wandelen ze graag in de natuur, en doen dat, ondanks hun handicap, ook regelmatig. Gert ten Have bijvoorbeeld, is dol op het bos: "Je ruikt de frisse lucht en hoort als het ware het blad groeien. Het geeft je een gevoel van vrijheid. Ik ben niet altijd blind geweest, dus ik weet wat ik mis." De slechtziende Constant van Dedl wandelt graag op fietspaden. "Het voordeel daarvan is dat ik via de fietspaddenstoelen de weg makkelijk kan terugvinden. Als ik er dicht bij ga staan, kan ik net lezen wat er op staat."

Ria van het Erven is samen met haar vriendin Anneke mee op de tocht. Samen lopen ze vaak in de natuur. Anneke hoopt meer op te steken over het wandelen met alle zintuigen, zodat ze haar vriendin voortaan beter kan begeleiden.

Het eerste wat de deelnemers mogen voelen is een lammetje van vijf weken oud bij een schaapskooi. Ter Horst leidt de hand van Johanna Boerman voorzichtig naar het beestje, dat wordt gedragen door een herderin. "Voelt u? Hier is de rug en hier het hoofdje. En merkt u dat aan zijn oor? Daar hebben ze allemaal een nummer."

Terwijl Ter Horst de rest van de groep meer over de schapen vertelt, wandelt Boerman iets van de groep af en wordt meteen begroet door twee schapen. Voorzichtig voelt ze aan hun koppen. "Wat zijn ze groot! Het is geweldig om de dieren te voelen, nu ik ze niet meer zo goed kan zien."

De boswachter vertelt uitgebreid en enthousiast over de omgeving. Hoe het er nu uitziet, hoe het er vroeger uitzag, inclusief spookverhalen die de ronde doen. Zoals het verhaal van Gloeiende Gerrit, dat dateert uit de achttiende eeuw. Hij woonde samen met zijn broer en beiden hadden een oogje op hetzelfde meisje. Helaas voor Gerrit ging zijn broer er met haar vandoor. Verteerd door jaloezie stak Gerrit tijdens de huwelijksnacht het huis van het jonge stel in brand, waarbij ze in de vlammen omkwamen. Nog steeds zou Gloeiende Gerrit in de omgeving van de Loenermark rondspoken.

Ter Horst vertelt hoe de zandheuvels er uitzien ("Ik weet niet of u zich kunt voorstellen hoe duinen er uitzien...") en hoe de omgeving zo is geworden. Ter Horst: "Er is genoeg te vertellen. Ik probeer ze een idee te geven hoe het landschap is." Hij laat de wandelaars aan een steen voelen. "Deze ligt hier al sinds de IJstijd. Aan de zijkanten is hij gerafeld, maar doordat de steen zo lang is blijven liggen, is hij hier helemaal glad."

Rietje Groenevelt tast voorzichtig naar een eik. Als ze hem gelokaliseerd heeft, gaat ze met haar gezicht dicht tegen de boom staan. De geur van looizuur moet ze ruiken, volgens Ter Horst. "Het ruikt muffig", vindt ze. Iets verderop breekt de boswachter een takje van de jeneverbes en laat deze rondgaan, met een waarschuwing dat die stekelig is. Deze moet naar menthol ruiken, maar niet iedereen herkent dat erin.

De wandeling duurt twee uur, en stopt weer bij de schaapskooi. Rietje Groenevelt vond het een fijne ervaring: "Een boswandeling, maar dan met meer ruiken en voelen." Gert ten Have had liever nog wat steviger doorgewandeld, maar vindt het fijn dat hij nu meer van de omgeving weet. "Je hoort wat er allemaal om je heen staat. En van een steen kan Ter Horst nog een verhaal maken, dat is geweldig!"

Wandelen voor slechtzienden en slechthorenden
De afdeling Rijn- en IJsselstreek van het Rode Kruis verzorgt in samenwerking met andere districten de komende maanden nog meer wandeltochten. Op 28 april is er een bloesemgeurenwandeling voor blinden en slechtzienden in Waardenburg, in de buurt van Zaltbommel. Op 19 mei is er een wandeling voor doven en slechthorenden in Biljoen, bij Arnhem. Tot slot is er op 20 juni nog een geurenwandeling voor blinden en slechtzienden in Zwaluwenburg, in de buurt van Nunspeet. Voor meer informatie of opgeven: www.rodekruis.nl/afdeling/rijnenijsselstreek of 024-3888009.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden