Nasrdin Dchar: 'het is hoogste tijd voor mij op het toneel een Nederlands-Marokkaanse moslim te zijn'

Nasrdin Dchar houdt dit jaar de 5 mei-lezing.Beeld Inge van MIll

Nasrdin Dchar is acteur in films, tv-series en op het toneel, maar hij is ook een betrokken deelnemer aan het debat over de samenleving. In zijn voorstelling DAD, over wat het vaderschap met hem doet, komen die twee samen. ‘Het is de hoogste tijd voor mij om op het toneel te staan als Nederlands-Marokkaanse moslim.’

Nas komt wat later, de kids werken even niet mee.’ Ouders kunnen zich meteen een voorstelling maken bij dit smsje van het theaterbureau van Nasrdin Dchar. Als ouder ben je nooit meer meester over je eigen tijd.

Toen Dchar (38) net een dochtertje had gekregen, besloot hij een voorstelling te maken over deze nieuwe fase in zijn leven. Anderhalf jaar later - hij heeft inmiddels ook een zoontje - gaat de monoloog DAD in première.

Maar het is geen voorstelling geworden over luiers verschonen en flesjes melk opwarmen, vertelt Dchar als hij tien minuten later op Rotterdam Centraal is gearriveerd. Het blijkt de persoonlijkste voorstelling die hij ooit maakte; de eerste waarin hij op het podium staat als Nederlander, als Marokkaan en als moslim.

Eerder maakte hij al de voorstelling ‘Oumi’ over het integreren van zijn moeder.

Dchar: “Deze voorstelling gaat over een jonge Nederlands-Marokkaanse man die vader wordt en daardoor opnieuw in de spiegel moet kijken en zichzelf de grote vragen moet stellen: wie ben ik, waar sta ik voor, hoe verhoud ik me tot de buitenwereld, wat wil ik mijn kinderen meegeven. Om daar antwoord op te krijgen, ben ik gaan graven in de geschiedenis van mijn vader. Want ik geloof dat het kennen van de geschiedenis van jezelf en je ouders je steviger in je schoenen doet staan.

“Daarnaast vind ik het belangrijk om de geschiedenis van deze vergeten generatie, die als gastarbeider naar Nederland kwam, te vertellen. Het is een belangrijke generatie geweest voor Nederland. Alleen is dat nogal ondergesneeuwd door alle problematiek rondom migratie en mensen met een andere achtergrond.”

Wat voor soort vader heb jij?

“Een lieve, zorgzame, doch strenge vader. Met als bijzondere eigenschap dat hij grappig kan zijn als hij het niet zo bedoelt en andersom. In de voorstelling speel ik allerlei personages die een rol hebben in mijn leven: mijn vrouw, mijn vriend Mike, zijn vader Harry, maar ook mijn eigen vader. Ik heb er een lieve man van gemaakt, die zijn struggles heeft, maar ook kan relativeren.”

Is hij trots op jou?

“Ja.”

Vond hij het goed dat je acteur werd?

“Ja, mijn ouders wisten hoe belangrijk het voor me was. Ze zagen dat ik van kleins af aan het podium interessant vond. Maar het verliep nogal met een omweg. In eerste instantie dacht ik: toneel, dat gaat hem niet worden. Ik moest van mezelf commerciële economie studeren. 

Want mijn zus deed dat. Toen stierf een vriend van me. Uit het niets, auto-ongeluk. Ik was achttien. Dat heeft me doen realiseren dat het leven zo weg kan zijn. Je kunt er beter alles uithalen. Ik ben gestopt met mijn opleiding en wilde naar de theaterschool. En mijn ouders zeiden: ‘go for it’.

“En toen werd ik afgewezen. Daarom ben ik in Rotterdam aan de HES bedrijfseconomie gaan studeren en daarnaast gaan spelen. Vervolgens ging het heel snel van het amateur- naar het semi-professionele circuit. Toen ik mijn opleiding afrondde, kreeg ik een rol in de voorstelling ‘De Geschiedenis van de familie Avenier’ en in de tv-serie ‘Shouf Shouf!’.

“Voor mijn ouders was het wel heel belangrijk dat ik dat papiertje had. Want zij hebben het niet. En ze wisten dat je in Nederland een papiertje nodig hebt om aan de bak te komen. Zoals alle ouders wilden ze voor hun kinderen een beter leven.”

Zijn er ook dingen die je anders zou doen dan je vader?

“Zeker. Neem religie. Voor hem is er maar één weg, de islam. Ik ben religieus, islamitisch, maar ik vind het een verrijking om al het andere ook te zien en mee te nemen in wie ik ben. Uiteindelijk gaat het over de grote waarden die religie meebrengt: liefde, respect, fatsoen, hoe je met elkaar omgaat.”

De christelijke waarden?

“Ja, die christelijke waarden….. Voor mij zijn ze universeel: islamitisch, joods, christelijk. Dat terugvallen op christelijke waarden wat je nu ziet, is alleen maar angst.”

Wat wil jij je kinderen meegeven?

“Je komt al gauw in cliché’s terecht: dat ze durven zijn wie ze willen zijn, dat ze hun dromen najagen, dat ze zich niet laten leiden door angst en dat ze nieuwsgierig blijven.

“Ik zou niet voor hen in een witte wijk gaan wonen. Ik geloof niet dat ze daar de beste kansen krijgen. Ik ben zelf in een wit stadje opgegroeid, Steenbergen. Daar heb ik me vaak moeten bewijzen. Ik was toch die jongen met de buitenlandse ouders, de enige Marokkaan in de klas, op voetbal.

“Nee, ik werd nooit anders bejegend omdat ik moslim was. Toen speelde dat geloof helemaal niet. Het ging erom dat ik Marokkaans was. Als ik werd uitgescholden was ik een vieze Turk. Ik heb er altijd tegen opgebokst door net iets beter mijn best te doen dan mijn Nederlandse vrienden. Iets netter te zijn, vaker u te zeggen.”

Overcompensatie?

“Ja. Toen bestond er al een bepaald beeld van Marokkanen. En ik wilde graag laten zien: ik ben een goeie.

“Maar wat ook meespeelde was de achtergrond van mijn ouders. Ze waren gastarbeiders. Als gast moet je je nederig opstellen. Die nederigheid hebben ze aan hun kinderen doorgegeven. Dát ga ik dus absoluut niet aan mijn kinderen meegeven.”

Tekst loopt door onder afbeelding. 

Burgemeester Ahmed AboutalebBeeld ANP

Begrijp je het van burgemeester Aboutaleb dat hij wil dat zijn dochter thuiskomt met een moslim?

“Ik begrijp het wel. Dat hadden mijn ouders natuurlijk ook, al hadden ze meteen een hele goede klik met mijn Nederlandse vrouw. Maar ik vind het wel erg ouderwets voor zo’n man die midden in de wereld staat. Voor mij speelt het niet. Ik hoop dat mijn kinderen iemand treffen die hen op nummer 1 zet. Daar gaat het om in de liefde.”

Voel je je verder verwant met Aboutaleb vanwege de rol die hij in het maatschappelijke debat speelt?

“Nee, want hij kiest een weg die totaal niet de mijne is. De toon die hij soms aanslaat, dat ‘rot op’ toentertijd: dat is gewoon raar. Ik stond te klapperen met mijn oren.

“Tegelijk doet hij het goed als burgervader. Hij staat net als ik voor de wij-samenleving, voor het verbinden.”

Door jouw deelname aan de actie Ieder1 ben je daar een symbool van geworden.

“Ik heb eigenlijk altijd gezocht naar verbinding. Zo ben ik gewoon. Als kind hield ik al een spreekbeurt over rassenhaat, terwijl mijn vriendjes Johan Cruyff als onderwerp hadden.

“Ieder1, vorig jaar september, was echt een uitlaapklep voor me. De theaterzaal was even een te klein podium. Er was zoveel lelijks in het land, zoveel haat. Ik dacht: waarom krijgt schoonheid geen kans? Al die mensen die voor saamhorigheid en een diverse samenleving zijn moeten ook een podium krijgen. Uiteindelijk hebben we op 25 september met tienduizend man door Amsterdam gewandeld. Met een glimlach in plaats van boos.

“We wilden het apolitiek houden, maar moet je zien hoe het politici heeft geïnspireerd. Vooral bij Klaver en Pechtold hoor ik ons geluid terug. Nee, bij Buma, Wilders en Rutte voel ik de steun niet, maar bij Roemer, Klaver, Pechtold en in mindere mate Asscher wel.

Wat vind je ervan dat buitenlanders als probleem centraal staan in de campagne?

“Dat zag je mijlenver aankomen. Wat ik interessanter vind om over na te denken is dat we in een tijd leven waarin een woord als kopvodden genormaliseerd is, waarin het Kieskompas de stelling poneert: de islam is een bedreiging voor Nederlandse waarden. Let wel: niet de radicale islam, maar de islam. 

Dat is toch bizar? Dat is een vorm van dehumanisering van een groep waarvan er inmiddels een miljoen zijn in Nederland. Die uitsluiting gaat alleen maar averechts werken. Niemand vindt het toch leuk om buitengesloten te worden, om een tweederangs burger te zijn. Dit kan tot een selffulfilling prophecy leiden. En dit is dus ook een reden dat ik een voorstelling als DAD maak.

“Tot dit moment heb ik woorden als Marokkaans en moslim bij mezelf vermeden. Alleen toen ik een Gouden Kalf won, in 2011, heb ik mezelf op het podium Marokkaan genoemd. Verder nooit.

“Maar nu vind ik het de hoogste tijd om het theatraal te benoemen. Om op het toneel te staan als Nederlands-Marokkaanse moslimman. Dit is de meest persoonlijke en urgente voorstelling die ik heb gemaakt. En het is te gek om dan in de provincie bij try-outs reacties te krijgen als: je houdt ons wel een spiegel voor. Want dat is mijn doel.”

Is Nederland aan een spiegel toe?

Fel: “Ja, ja. Kijk, dat hele identiteitsvraagstuk, over die normen en waarden, komt voort uit angst om iets te verliezen. Maar we leven nu eenmaal niet meer in het land van vijftig jaar geleden, we leven in een land met heel verschillende mensen. Dus de Nederlandse cultuur is veranderd. Daarmee zeg ik niet dat Kerst verboden moet worden.

“Als de premier die het nooit heeft over kerstdagen opeens oproept om het kerstfeest te behouden, dan lijkt het of hij paranoïde is. Bij mij thuis staat gewoon een kerstboom, hoor. Nederland is in een soort kramp terecht gekomen.”

Tekst loopt door onder afbeelding. 

Nasrdin DcharBeeld Inge van Mill

Vandaar dus je voorstelling.

“Precies. De buitenwereld speelt een grote rol als ik me afvraag wie ik ben. Ik ben Nederlands, Marokkaans, islamitisch, acteur, van alles. Maar het tweede en derde uit die reeks zijn nogal het gesprek van de dag.

“Hoe zorg ik ervoor dat mijn kind dat allemaal mag zijn zonder zich te hoeven verantwoorden, zoals ik steeds moet doen. Mijn vaderschap heeft de behoefte om op te staan alleen maar aangewakkerd.”

Dat opstaan heeft ertoe geleid dat je dit jaar de 5 mei-lezing mag houden.

“Dat toont aan dat ik door wat ik doe deze eer krijg. Ik kon niet geloven dat ik hiervoor gevraagd werd. Dit is zo’n enorme eer. Vorig jaar speelde ik een 4 meivoorstelling in Carré, nu de 5 mei-lezing.

Op televisie zei je ooit: de Tweede Wereldoorlog is ook mijn geschiedenis. Is dat vol te houden, die betrokkenheid bij Nederland?

“Welke geschiedenis moet dan de mijne zijn? Ik ben hier geboren en getogen. Ik vraag me wel af: leren we nog iets van die geschiedenis? Als je kijkt hoe joodse mensen in de jaren dertig, voor de hel losbarstte, werden behandeld is dat bijna één op één met de vluchtelingen nu. Vluchtelingenplaag stond er in een Telegraaf-kop. Pak de kranten uit 1936 er maar bij. “

Denk je wel eens: in dit land wil ik niet meer zijn?

“Nooit. Voor mijn plek in dit land wil ik vechten. Niet letterlijk natuurlijk, maar wel met mijn voorstelling.”

De voorstelling DAD van Nasrdin Dchar gaat vanavond (zaterdag 11 maart) in première in de Rotterdamse Schouwburg. Daarna tournee door het hele land. Info.: www.theaterbureaudemannen.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden