Nageeye ziet wel waar het schip strandt

marathon | interview | Risico's nemen, lef hebben, strijden. Voor succes op de marathon heeft Abdi Nageeye dezelfde ingrediënten nodig als in zijn leven.

Zijn debuut op de olympische marathon was verdienstelijk, maar bij Abdi Nageeye (27) overheerste na de elfde plaats teleurstelling. Zijn belangrijkste les van Rio: het berekenende van een Europeaan loslaten.

Dat had de enige Nederlandse vertegenwoordiger op de olympische marathon al herhaaldelijk gehoord tijdens zijn trainingskampen in Kenia en Ethiopië. Toch besloot hij in Rio niet met de kopgroep mee te gaan uit angst zichzelf op te blazen, met de hoop de topacht binnen te kunnen sluipen. Hij onderschatte in de slotfase de tempoversnelling voorin.

Juist Nageeye leek bij uitstek de man om die voorzichtigheid van zich af te werpen. Al als tiener was hij gewend verregaande beslissingen te nemen. Voor Rio verliet hij vanwege de vele regen en modder zijn Keniaanse trainingsgroep om zich in eenzaamheid zes weken in Sankt Moritz voor te bereiden.

Zo blijft Nageeye de nomade die hij altijd is geweest. Hij genoot zijn opvoeding vanaf zijn vijfde bij een oom in Den Helder. Acht jaar later brachten familieleden hem via een verblijf in Syrië terug in zijn geboorteland Somalië. Daar voelde hij zich ontheemd, zonder toekomst.

Als dertienjarige vluchtte hij tegen de zin van zijn vader naar Ethiopië, waar hij bij de Nederlandse ambassade streed voor een paspoort. Nageeye wilde in Nederland studeren, maar zijn talent voor hardlopen bepaalde anders. "In 2010 kon ik naar het hbo, maar ik realiseerde me dat ik de Afrikanen niet zou verslaan door in de trein te zitten naar school. Je moet in het leven risico's durven nemen. Ik ben niet dom, ik kan later altijd in de atletiek iets gaan doen."

Sindsdien is de fulltime atleet jaarlijks twee tot drie maanden in Nederland, vooral omdat hij voor wedstrijdorganisatoren aantrekkelijk is. Hij moet, zoals gisteren bij de Zevenheuvelenloop, soms kiezen voor de startgelden nu hij zijn A-status bij NOC-NSF heeft verloren. "Waarom zou ik hier trainen? Er is niemand goed genoeg om dat samen met mij te doen."

"Ik voel me Nederlander. Waar ik ook ben, ik lees op mijn telefoon al het nieuws in alle kranten. Door het vele lezen blijf ik goed Nederlands spreken. En ik weet niet alleen wat hier gebeurt, maar ook elders in de wereld. In gesprekken zijn de jongens vaak verbaasd wat ik allemaal over bijvoorbeeld Irak of Iran weet. Nee, de politiek wil ik niet in. Die volg ik liever van een afstandje."

Die afkeer is verklaarbaar. Hij ziet van veraf hoe het hem bekende Syrië lijdt. Van dichtbij ziet hij tijdens trainingslopen in Ethiopië de door opstandige, zich achtergesteld voelende Oromo in brand gestoken bussen. Pas sinds de in Rio als tweede geëindigde marathonloper Feyisa Lilesa op de finishlijn met gekruiste armen een protestteken tegen het regime maakte, is het er voor atleten veiliger.

"We moesten voorzichtig zijn, nu begrijpen de mensen dat de atleten achter hen staan. Het is als 1+1=2 duidelijk wat er aan de hand is. De boeren wordt hun land ontnomen, grote bedrijven kopen het van de regering."

Naar Mogadishu om zijn ouders op te zoeken durft Nageeye niet. "Ik heb ze een paar jaar geleden voor het laatst gezien. Ze waren ziek en moesten naar mij toekomen in Nairobi, daar kon ik hun behandeling betalen"

"In Mogadishu is het gevaarlijk. Ik ben atleet en bekend, de mensen weten dat ik uit de westerse cultuur kom. Het probleem is ingewikkeld. Vroeger had je een burgeroorlog tussen twee stammen, een groot deel van het land was veilig. Nu is zeventig procent van het land onveilig. Zelfs in mijn familie zitten leden van een terreurgroep. Iedereen kent elkaar, dat is het enge ervan."

Als atleet moet Nageeye al die problemen van zich afzetten, hij heeft zich voorgenomen zo relaxed te worden als zijn Keniaanse of Ethiopische collega's. "In het begin maakte ik me druk over de kleinste dingen, dat gaat nu beter."

"Wat ik op de marathon nodig heb om het gat van vijf minuten met de snelste jongens te dichten? Je moet je afvragen of daarvoor zulke snelle tijden nodig zijn. Door meer trainingsjaren, ervaring en hardheid kan ik ook om medailles in de grote wedstrijden strijden. Je ziet vaak atleten met een persoonlijk record van 2.08 of 2.09 in de prijzen vallen. Ik moet er gewoon voor gaan en kijken waar het schip strandt."

"Ik zie het bij de Kenianen en Ethiopiërs met wie ik samen train. Sommigen lopen zich helemaal naar de kloten in een wedstrijd. Ze maken zich niet druk, ze gaan weer hard trainen en proberen het opnieuw. En opeens lopen ze heel hard. Ze zijn niet bang. Wij zijn in het Westen gewend om op ons eigen niveau te lopen, op de klok te kijken, alles te berekenen. Daardoor weet je niet waartoe je lichaam in staat is. Om daar achter te komen, moet je er soms blind in gaan."

Nederlands record niet verbeterd, cheptegei wint zevenheuvelenloop

Met sterke tegenstand hoopte Abdi Nageeye in de Zevenheuvelenloop van Nijmegen zijn Nederlands record op de 15 kilometer (43 minuten, 29 seconden) te verbeteren. Door afzeggingen, onder andere van zijn vriend en meervoudig olympisch kampioen Mo Farah, was het veld kwalitatief echter danig uitgedund. De Oegandees Joshua Cheptegei (42,07) won in onstuimig weer evenals vorig jaar. Nageeye finishte als beste Nederlander in 43,40, zijn snelste tijd in de zes edities waaraan hij deelnam.

De Nederlandse Susan Krumins-Kuijken triomfeerde in haar woonplaats. De specialiste op de baan, die tijdens de Olympische Spelen van Rio de Janeiro de finales van de 5000 en 10.000 meter liep, noteerde 49,30 minuten. Krumins-Kuijken bleef landgenote Jip Vastenburg meer dan een minuut voor (50,42).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden