Naar Zuid-Afrika

Dichter Maria van Daalen gaat naar Zuid-Afrika om lezingen tegeven aan vier universiteiten en les te geven aan deSchrijversvakschool. Maar vooral om het graf te vinden van Johanvan der Merwe, de verloofde van haar Oudtante, die dood ging voorze konden trouwen. 'Ach, wat een romantische en treurigegeschiedenis.'

De dichter is een koe, zegt Achterberg. Welnee, de dichter iseen specht. Dat ervaar ik zodra ik verhuisd ben naar Almere. Ikga op een dag naar Amsterdam, per trein, dat is hoogstens eenhalf uur, en kijk, op Centraal Station hangen aldoor dezelfdeenorme posters. Ik zie veel grote, grauwe wolkenkrabbers tegeneen grauwe lucht. Aan een van die woonblokken hangt een kleinebonte specht, een vrolijk kleurvlekje in een doodsombereomgeving. Er staat een zwarte regel tekst naast. 'Waar kan deauteur nog heen?' lees ik, en ik knik. Jawel, de auteur is eenvoortvluchtige, ontsnapt uit het reservaat van de literatuur.Maar, eh, hm. Staat dat op een poster in Amsterdam? Ik schuifmijn bril voorop mijn neus en kijk nog eens aandachtig. Ach nee.Er staat: 'Waar kan de natuur nog heen?' Het is wel fijn om watdyslectisch te zijn, ik heb ook het gevoel dat mijn zieleindeloos tegen de grauwe hersenpan aantikt, maar misschien kanhet geen kwaad af en toe de werkelijkheid eens aan het woord telaten.

Dat is een ferm besluit, en het heeft verstrekkende gevolgen.Goed, ik heb eerst nog op het Singel een vrolijke bespreking metmijn uitgever, ik reis dan in een half uur terug naar mijn nieuweonderkomen, een appartement met tuin, heerlijk -- tot nu toezonder spechten, wel met een groene kikker die een winterslaapdoet onder de houtstapel en die ik bij vergissing eventjes wakkermaakte toen ik hout ging opstapelen - en ik zet mij thuis aan hetwerk. Maar daar wappert de e-mail binnen. Met een verzoek uitZuid-Afrika. Komt u twee weken bij ons lezingen geven aan vieruniversiteiten? Nou nee. U vraagt mij op een tijdstip dat ik inKopenhagen zit, en u kunt bijvoorbeeld ook... En ik noem eenlijst namen van beroemde collega's, en vergeet de zaak. Niet zoZuid-Afrika. Nee, men gaat daar de data wel wat verschuiven. Menheeft daar een helder lijstje opgesteld van wat voor soortdichters men gaat uitnodigen. Twee in totaal, en dan dus 1 manen 1 vrouw, en 2 verschillende dichters qua werk, en 1Nederlander en 1 Vlaming, en de Nederlander, dat ben ik dus. Oh. Hoe komt dat nu weer. Het rare van mijn vak is, dat je niet naardit soort uitnodigingen kunt solliciteren, je kunt ze hoogstensweigeren. Maar als ik kan reizen, dan graag. Of zoals mijngeliefde zuster-die-vroedvrouw-is zegt: 'Je hebt dan misschieneen heel klein inkomen, maar de secundaire arbeidsvoorwaardenzijn prima.' Een opgewekt grapje, want zij weet net zo goed alsik, dat ik als heel erg kleine zelfstandige geen secundairearbeidsvoorwaarden heb, alleen wonderlijke toevalstreffers. Eenkleine bonte specht in een Vinexwijk met hier en daar ineens eenoude bast vol smakelijke beestjes.

Hoe komt het nu dat ik. O ja. De Nederlandse Consul vanMontréal, die mij meermalen heeft horen spreken in Montréal -was die niet overgeplaatst naar Pretoria? En had die niet gezegd,dat ik zou worden uitgenodigd? Ik was het dadelijk weer vergeten,maar hij dus niet. Het loont de moeite om hier of daar een Consulte kennen. Al jaren zeg ik tegen mijn jongere collega's: “Als jenaar een ander land gaat voor een festival, omdat je ervoor bentuitgenodigd als Nederlandse poëet -- denk erom, verwittig deplaatselijke ambassade van het Koninkrijk der Nederlanden of onsNederlandse consulaat onmiddellijk met een e-mail of per fax datje eraan komt. Je kunt misschien een extra lezing geven voor deNederlandse expats, over de stand van de Nederlandse literatuur,en je kunt zeker een uitnodiging verwachten van ambassade ofconsulaat voor een gezellig gesprek. De Cultureel Attaché isalleen maar blij met jou, omdat je de laatste cultureleinformatie bént. 'Beroemdheid' is van geen belang. Je bent, alsauteur, als musicus, als beeldend kunstenaar, ongeveer net zobelangrijk als een zakje Haagse hopjes of een pakje Goudsestroopwafels. Hollands cultuurgoed! Ga niet naast je schoenenlopen vanwege dit soort aandacht, maar bedenk tegelijk, dat jegeen toerist bent. Trouwens, het is in onveilige landen ook nogeens een veiligheidsklepje, als je de ambassade of het consulaatvan tevoren even inlicht.“ Soms vertel ik erbij, dat het mijtweemaal gered heeft uit een hoogst onplezierige situatie. Ookin rare buitenlanden willen de meeste mensen geen last metBuitenlandse Zaken van andere landen.

Dus ik mag naar Pretoria vanwege mijn lezingen in Montréal.En de andere auteur met wie ik reis, is de Vlaming enVSBprijs-genomineerde Peter Ghyssaert. We gaan weg op 20 maart,hij van Brussel naar Zürich en ik van Schiphol naar Zürich,daar in Zwitserland treffen we elkaar en reizen dan samen doornaar Johannesburg. Dat is een nachtvlucht van bijna elf uur. Fijnis dat het tijdsverschil tussen dat deel van Zuid-Afrika enAmsterdam één uur is, dus geen jetlag. De organisatoren sturenons dan ook dezelfde dag per vliegtuig door naar het 'NederlandseBeraad' te Maselspoort buiten Bloemfontein, waar gastheer is het'Department Afrikaans en Europese Tale, Universiteit van dieVrystaat.' En daar zijn onze eerste optredens. Daarna vliegennaar Durban voor eenzelfde optreden aan de 'Skool vir Taal,Literatuur en Linguistiek' van de Universiteit van KwaZulu-Natal,en weer in een vliegtuig voor optredens bij de opleidingenAfrikaans en Johannesburg en te Pretoria, en de afdelingenAfrikaans en Nederlands te Potchefstroom. Een dolle twee weken.

Mijn gastheren in Zuid-Afrika maken zich zorgen dat ik nietgenoeg van hun mooie land zal zien, en mijn studenten aan deSchrijversvakschool, dat ik geen tijd zal hebben om per e-mailwerk na te kijken. Maar ikzelf denk steeds: als ik het graf vanJohan van der Merwe maar kan vinden. Johan van der Merwe. Dienaam komt zoveel voor in Zuid-Afrika, dat ik hem per internetniet vinden kan. Hij is geboren te Bethlehem in Oranje Vrijstaatop 22 juli 1889, en gestorven te Delft aan de 'vliegende tering',zoals een van mijn tantes zegt, misschien in 1918 of 1919. Nieteerder dan 1917 en niet later dan 1921. Hij zal wel een grafjete Delft hebben, maar wie weet, ook een in Oranje Vrijstaat, wantdaar is hij geboren en daar heeft hij schoolgegaan: de 'Gov.tSchool' (Gouvernementsschool?) te Bethlehem van 1903-1905 en hijdeed een examen aan Universiteit Kaap de Goede Hoop in 1905. Zo'nuniversiteit bestaat er nu niet meer, dus misschien is dieintussen opgegaan in een andere. Van 1908-1917 studeerde hij aande TU te Delft.

Hoe weet ik dat. Johan was de verloofde van mijn Oudtante, dezuster van mijn grootvader. Opa en Oudtante gingen van Vlissingennaar Delft toen ze 19 en 18 waren, met het geld dat er was toenOpa het bouwbedrijf van hun overleden ouders had verkocht. OpaGerard ging in Delft Scheepbouwkunde studeren en zus Lien deedhet huishouden. En toen kreeg Gerard een studievriend uitZuid-Afrika en die werd verliefd op zus Lien en verloofde zichmet haar. Maar voordat ze konden trouwen ging Johan dood. Daarnaging zus Lien enkele weken logeren in Zuid-Afrika op uitnodigingvan de familie Van der Merwe. 'Maar', zegt mijn tante, die eendochter is van Gerard, en nu zelf al oud, 'ze kwam pas naanderhalf jaar terug'. Waar is ze geweest, wat heeft ze gedaan?Niemand die het weet. Ach, wat een romantische en treurigegeschiedenis. Ik bel de TU Delft op en vraag naar de archieven.Tja, met die vraag is men wat verlegen, want die zijn er wel,maar eh, met veel spinnen. Niettemin gaat een medewerker voor mijkijken, en vindt Johan bij de allereerste lade. Ik krijg zijnhele cijferlijst ongevraagd thuisgestuurd. En ik besluit om inBloemfontein en Bethlehem maar eens naar het kerkhof te gaan. Devleesbraai en wildsplaas, dat geloof ik wel. Ik ga als een kleinebonte specht eens even in het hout van het verleden hakken.Misschien is ergens in mijn publiek in de komende weken, van 20maart tot en met 1 april, een student die ineens zegt: 'U heetMachelina de Rooij? Wat wonderlijk. De broer van mijnovergrootmoeder was verloofd met een Machelina de Rooij, inDelft, in 1917...'

Want niet veel mensen weten dat 'Maria van Daalen' eenpseudoniem is. Ik heet Maria Machelina de Rooij. Net als mijnOudtante. En nu ga ik dus naar Oranje Vrijstaat. Net als zij,maar dan ongeveer 85 jaar later. Misschien kom ik pas naanderhalf jaar terug?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden