Review

Naar deinende verdommenis te mogen blijven gaan

In haar nieuwe bundel 'Timiditeiten' demonstreert Anneke Brassinga opnieuw speels en gloedvol haar taalverliefdheid. Elk woord lijkt eerst op de tong geproefd en met liefdevol ambachtelijke hand opgekalefaterd te zijn voordat zij het in het gedicht laat scheep gaan. Als vanouds hanteert zij vreemde samenstellingen ('eenaangeboterd'), ongebruikelijke woorden ('vermemeld' voor 'vermolmd'), fantasiewoorden ('zwogen', 'zulfer') en archaïsmen ('schenkelen', 'wedervinden', 'gij'). Voeg hierbij de woordspelingen, registerwisselingen en de associatief geluste zinnen en het beeld van een gepassioneerde en barok op haar taalmateriaal betrokken dichteres is compleet.

Ook haar liefde voor de muziek is uit eerdere bundels bekend. Geheel in deze lijn opent 'Timiditeiten' met een sterke afdeling 'Adagio Hammerklavier', geïnspireerd op Beethovens Hammerklavier-sonate. In het openingsgedicht wordt het adagio waar het speciaal om gaat aldus geïntroduceerd: ,,het eindeloze onafzienbare adagio / van de Grobetae Sonate für das Jammerklavier''. 'Jammerklavier' lijkt een flauwe woordspeling maar is het niet. Want er zijn, zo besluit het gedicht, 'vormen van geluk, ongeluk incluis, / ,,too great at times for extrovert expression''.' Als de expressie van groot geluk en kennelijk vooral ongeluk niet mogelijk is, dan rest de dichter inderdaad weinig anders meer dan jammeren en janken.

Pas helemaal aan het eind van de bundel komt Brassinga op dit janken terug, waar zij de dichter voorstelt als 'dorpsgek, met verwoed gejank / begroetend elke utopie'. Zo creëert hij met zijn 'strompellijn' van inkt 'een eigen heilstaat': ,,aspect van schone onbegoochelende / waarheid die de gek slechts janken kan // terwijl hij een voor een laat varen / nieuwe dromen, in het koude bad van Zijn en Tijd verzuipt''. Daar staat nogal wat! De dichter als dorpsgek - want 'verstandige' mensen denken en doen zo niet... - die als enige illusie de heilstaat van het gedicht overeind houdt en daartegenover alle andere illusies een voor een laat varen, ja ze desnoods verzuipt. En dat alleen omdat de schone waarheid (daar durft Brassinga het nog over te hebben, gelukkig!) erin uitgesproken, nee uitgejankt wordt. Een voorbeeld van haar illusieloosheid: 'Adagio sostenuto', dus langzaam en gedragen:

,,Nu oud en krank en dodelijk vermoeid wij zijn

en onverdroten onvolgroeid en kind gebleven

in overvloed van armoe, zonder vrucht van schoot,

op 's levens slagveld bij elk streven wondgeslagen

zonder ooit loutering in wijsheid te zien dagen -

nu dobberen wij verlaten, vergeten en weemoedig

met onszelf begaan, een zee van tranen over

waar aan de verre kust Geluk te wachten staat.

Wij hopen er nooit aan te komen, met dit serene

mee

naar deinende verdommenis te mogen blijven

gaan.''

Een archaïsme hier, een vleugje tale Kanaüns daar, en lange, soms vreemd meanderende volzinnen plus een beetje pathetiek: helemaal Brassinga. Let trouwens op de prachtig functionele verwatering van het metrum in de tweede strofe. Strofe 1 is geheel in alexandrijnen gesteld (regels bestaande uit zes jamben). Strofe 2 laat dit dobberend en zomaar deinend in een zee van tranen los, alsof de dichteres het overgeeft aan de elementen. De slotregels zijn essentieel: liever langzame ondergang dan zoeken naar misplaatst en illusoir geluk!

De toespelingen op illusieloosheid zijn zonder tal: 'je laat varen alle illusies', al zijn ze dan 'op hun mooist nu'. Of: ,,Op zo'n moment moet men bedenken: aarde, water, lucht en vuur, // vier elementen zijn er. De rest is illusie''.

In de laatste bundels hebben dood en rouw thematisch een steeds belangrijker plaats ingenomen in Brassinga's werk; ongetwijfeld heeft het bewust uitbannen van illusies hiermee te maken. Opnieuw memoreert zij af en toe geliefde doden, in 'Tot God' bijvoorbeeld, dat beslist begint met: 'God allemachtig, je kan me gestolen worden' en verderop de reden daarvoor aangeeft: ,,jij ratst gestaag de lieve levens / van wie mij lief zijn en met wie ik delen mag / de razernij om afscheid dat jij ons proeven doet / al in de eerste kus - jouw dood, jouw as, jouw roet''. God is schuldig, dat blijkt wel uit dat drie keer 'jouw' aan het slot!

Zeer de moeite waard is de afdeling 'Het warme zwart', dat gedichten bevat bij ernaast afgedrukte foto's van Freddy Rikken. Foto's van een masturberende vrouw, een opgehangen vrouw, van vier agenten van de mobiele eenheid op IJsland, wapenstok in de aanslag, met voor hen een rustig fouragerende kip: het levert allemaal prachtige gedichten op.

Meer dan eens roept Brassinga de schoonheid aan, de bundel bevat trouwens ook een afdeling 'De schoonheid': kom daar nog eens om tegenwoordig. Maar deze kekke en gekke, vitale en speelse, hartstochtelijke en ernstige poëzie kan dat hebben. Zelfs het gedicht 'Smartlap' waarmee de bundel eindigt is in deze context niet misplaatst (wel een beetje camp).

Een van de mooiste foto's van Rikken, een bijna levensgroot portret van de oude Ge rard Reve, levert ontroerende regels op, maar pakt tegelijk vilein geestig uit met: ,,Hij kijkt ons aan, gepijnigd en bedrogen: / zijn ziel verkocht aan een geloof, is hij zijn eigen loochenaar. / Er is geen terug. De schone was hangt buiten''. Wrang humoristisch is ook de slotregel van 'Bergweitje voor bejaarden': ,,Stil mag je staan, lang en in vrede razen.''

Kortom, de ernst neemt nog steeds toe bij Anneke Brassinga, maar kan toch zo weer omslaan in 'oovral feest', 'ontucht / en aangeschoten', 'ziedaar op 't dak hij staat / te luchten, krikt subiet mijn apenprammen in'. Wat een heerlijk barokke mengeling van gevoelens en toch overal op niveau! Dat is zo ongehoord spannend aan haar poëzie: dat zij eufoor en buiten zinnen kan zijn en tegelijk volkomen nuchter en bij de pinken. Fascinerend en behoorlijk overdonderend.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden