Naar België voor een nier, hoe lang kan het nog?

(Jörgen Caris, Trouw)

De Belgische krant De Standaard luidt de noodklok. Die solidariteit met die Nederlanders is mooi, maar dreigt het Belgische donorsysteem de kop te kosten. In België is iedereen donor tenzij expliciet anders aangegeven.

In Nederland is dat andersom. Je bent pas donor als je je actief laat opnemen in het register. Ondanks het relatieve succes van de regelmatige donorcampagnes heeft Nederland per saldo aanzienlijk minder donoren per miljoen mensen dan onze zuiderburen. De Nederlander omzeilt de wachtlijsten in ons land en laat zich graag helpen over de grens. Soms, zoals uit De Standaard blijkt, ten koste van de wachtenden in België. Volgens de krant stierven er in 2009 maar liefst 19 Belgen op de wachtlijst terwijl er Nederlandse patiënten wel zijn geholpen. In België begint men voorzichtig een quotum voor Nederlandse patiënten bespreekbaar te maken.

Als er inderdaad een causaal verband aangetoond kan worden tussen de sterfgevallen in de Belgische wachtlijsten en het ’voordringen’ van Nederlandse patiënten, dan kunnen we spreken van een merkwaardige onevenwichtigheid. De Europese Unie garandeert voor de leden vrij verkeer van mensen en goederen, maar voor organen kan er geen regelgeving worden uitgestippeld als landen verschillende donorsystemen hebben. Waarom zou België moeten opdraaien voor het Nederlandse tekort aan donoren?

Het ’onevenwicht’ tussen België en Nederland is niet het enige voorbeeld in Europa. Tussen Duitsland en Oostenrijk is er een vergelijkbare situatie ontstaan. Duitsland hanteert hetzelfde donorregistratiesysteem als Nederland. Je bent pas donor als je dat expliciet hebt aangegeven. In het naburige Oostenrijk is het andersom, net als in België. Ook in Oostenrijk, een land met een veel kleinere bevolking dan Duitsland worden veel transplantaties uitgevoerd bij Duitse patiënten.

De organisatie die de verdeling van organen regelt is Eurotransplant. Maar er zijn ook andere Europese vormen van samenwerking, zoals Balttrasplan en Scandiatransplant.

Een match uit het buitenland kan vaak een leven redden. Eurotransplant gebruikt de wachtlijstregistratie om de gegevens van de patiënt die wacht op een orgaan en de gegevens van de beschikbare donor optimaal af te stemmen. Optimaal wordt in dit geval gedefinieerd als ’zoveel mogelijk succesvolle matches maken om zoveel mogelijk levens te redden’. Nationaliteit is hierin ondergeschikt, naar ik vermoed.

Als er een orgaan beschikbaar komt (bijvoorbeeld in België) dan wordt er gekeken naar wie het langst wacht en dat zijn vaak de inwoners van landen zoals Duitsland en Nederland. Daar drukt de grootte van de bevolking het hardst op het kleine, lokaal beschikbare aantal organen, omdat het donorsysteem afwijkt van de landen als België en Oostenrijk.

In praktijk kan het voorkomen dat een patiënt uit Nederland, na maanden wachten, geholpen wordt door een Belgische donor. Het systeem zou uiteraard beter werken als alle aangesloten landen hetzelfde donorsysteem zouden hebben. Dat zou de druk van het solidariteitsbeginsel halen. In proportie zou dan elk land hetzelfde bijdragen. En tot die tijd moet men zich, vrees ik, helaas neerleggen bij de consequenties van het onevenwichtige systeem zoals het nu is.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden