Naar Afrika trekken? Niet meer nodig

Het natuurreservaat in de Zuid-Spaanse Doñana-delta wordt bedreigd door oprukkende rijstplantages en viskwekerijen. Maar die menselijke activiteiten zijn juist goed voor onze grutto's. Ze hoeven niet meer naar Afrika!

De boodschap is ook voor Theunis Piersma wat verwarrend. De hoogleraar trekvogel-ecologie aan de Rijksuniversiteit van Groningen waarschuwt doorgaans voor de oprukkende mens die een bedreiging vormt voor de natuur, in zijn specifieke geval: voor trekvogels. Maar na zojuist afgesloten onderzoek in de Spaanse Doñana-delta, een natuurgebied net onder Sevilla, moet hij die stelling nuanceren. De menselijke activiteiten tasten de natuur daar weliswaar aan, maar zijn tegelijkertijd juist goed voor de Nederlandse grutto's, lepelaars, kemphanen en kleine mantelmeeuwen die daar neerstrijken op hun reis naar Afrika.

Dat zit zo, zegt Piersma. "De Doñana vormt een enorme delta, omringd door bergen. De rivieren zorgen niet voor een min of meer constante stroom water, zoals bij delta's als in Nederland of Roemenië." Het water komt hier 'gepiekter', zoals de hoogleraar dat noemt. De regen valt hier in de vroege winter, waarna het van de bergen stroomt en door een duinenrij aan de kust wordt tegengehouden. De delta vormt zo een soort overstroomgebied. Van het vroege voorjaar tot in de nazomer is er vervolgens sprake van een langzaam opdrogend gebied.

"Het eigenaardige is dat de delta een enorme natuurlijke waarde heeft, maar dat ónze trekvogels er niets aan hebben", zegt Piersma. Als de tienduizenden steltlopers in augustus en september op weg zijn naar landen ten zuiden van de Sahara, kunnen ze geen kant op in dit reservaat. "Het is in die periode zo droog als hop."

Maar dat is aan het veranderen. De kern van de Doñana bestaat uit 70.000 hectare aan wetlands die vijftig jaar geleden al met hulp van het Wereld Natuur Fonds (WNF) zijn aangekocht en beschermd. Daaromheen rukken de menselijke activiteiten op. Delen zijn geschikt gemaakt voor de verbouw van graan, er zijn zoutmijnen, rijstvelden en enorme viskwekerijen. De ontwikkeling heeft de ecologie van de delta een enorme knauw gegeven. Maar met name de twee laatste 'natte' activiteiten aan de randen van de delta, hebben juist een positief effect op de voorbijtrekkende steltlopers.

Viskweek
Piersma: "Die bedrijfstakken houden het water dat in de winter naar beneden komt, namelijk zo lang mogelijk met dammen vast om de natte rijstteelt en de viskweek mogelijk te maken. Daardoor zijn de randen van de delta opeens wél vochtig op het moment dat de trekvogels langskomen." Direct na de oogst van de rijst in oktober strijken de grutto's op de vrijgekomen velden neer om de overgebleven korrels op te pikken. Ook snoepen ze van de larven van dansmug die in de bassins van de viskwekerijen voorkomt. De mantelmeeuwen, lepelaars en kemphanen doen zich te goed aan een andere versnapering: met de vernatting van de delta is de Amerikaanse rivierkreeft opgekomen. Er is plotseling een overvloed aan voedsel.

Die nieuwe omgeving leidt ook tot ander gedrag, constateert Piersma deze week in een artikel in het gerenommeerde Biological Conservation. Grutto's eten doorgaans rijst overdag, en slapen 's nachts. Maar aangekomen in de Doñana-delta gooien ze hun dag-nacht-ritme om. Dit kan te maken hebben met de eendenjacht die in het gebied plaatsvindt. Eenzelfde gedragsverandering is te zien bij de Nederlandse vos: actief in het schemerdonker, behalve in de Oostvaardersplassen. Daar loopt hij vooral overdag rond omdat daar niet wordt gejaagd.

Een andere gedragsverandering springt nog meer in het oog. Uit onderzoek met enkele gezenderde grutto's was al gebleken dat sommige exemplaren niet meer doortrekken naar de landen onder de Sahara, maar in de Spaanse delta blijven hangen. Maar toen Piersma deze winter ter plekke onderzoek ging doen, zag hij op een relatief klein oppervlak wel 25.000 'Nederlandse' grutto's zitten. "Ongeveer een kwart van de populatie neemt dus niet eens meer de moeite om naar Afrika te vliegen, maar weet zich in de winter op één plek Spanje te handhaven." Dat zegt overigens ook iets over de kwetsbaarheid van deze locatie. Gebeurt daar iets, dan zijn 25.000 grutto's hun overwinte-ringsplaats kwijt.

Trekvogels die hun oorspronkelijke route inkorten, is dat goed of slecht nieuws? "Ik denk goed", zegt Piersma, ook al kan hij het hele proces nog niet overzien. "De gruttopopulatie is nog maar een zevende van wat er tien jaar geleden rondvloog, maar ik durf te zeggen dat als de menselijke activiteiten in de Spaanse delta er niet waren geweest, de teruggang nog veel rigoureuzer was geweest."

De inkorting van de trekroute, maakt dat deze minder risicovol is. De route van Spanje naar Afrika is het gevaarlijkst. Dat merkt Piersma in het onderzoek met gezenderde exemplaren. Van de zeven zijn er dit jaar drie op dat stuk van de route gesneuveld. "Door in de Doñana te blijven, komen ze tenminste niet in een Sahara-storm terecht. Het overlevingspercentage komt bij grutto's zo op 90 procent, en dat is natuurlijk mooi."

Veel onderzoekers en beleidsmakers gingen ervan uit dat klimaatveranderingen invloed hadden op het trekgedrag van vogels, maar daarvoor heeft Piersma in zijn onderzoek geen enkele aanwijzing gevonden.

De conclusie van Piersma luidt weliswaar dat de uitdijende menselijke activiteit in Spanje de Nederlandse grutto's heeft geholpen, maar die moet geen vrijbrief zijn om het in het vervolg niet meer zo nauw te nemen met de bescherming van natuur. "Je moet de conclusie anders lezen. Dit onderzoek toont aan dat menselijke activiteiten veel invloed hebben op de ontwikkeling van deze soort. Als je weet wat de negatieve en positieve effecten zijn, kun je ook aan de knoppen draaien."

De rijstbouw aan de rand van de Spaanse delta heeft een positief effect, net zoals de intensivering van de landbouw in Nederland een negatief effect heeft. "Daar kunnen wij als Nederlanders ons op richten. In Spanje kunnen de grutto's massaal op één plek overwinteren, terwijl ze in de zomer in Nederland vanwege hun broedgedrag niet met meer dan drie paren op 1 hectare passen. Hier moeten we het dus vooral in de oppervlakte zoeken."

Dat kan als Nederlandse boeren het helgroene Engelse raaigras in de ban doen, zegt Piersma, en weer kiezen voor kruidenrijk grasland, in combinatie met een iets hogere waterstand. Ideaal voor weidevogels als de grutto. "De nieuwe Gildeboeren nemen daarin nu het voortouw. Maar willen we de populatie van de ondergang redden, dan zijn naast de Spaanse rijstvelden héél veel hectaren Nederlands boerenland nodig."

Volg grutto's met een zender
Coto Doñana was een oud jachtgebied van de Spaanse koning. Juist de beslotenheid ervan heeft in het verleden voor bescherming gezorgd. Precies 50 jaar geleden kocht het Wereld Natuur Fonds (WNF) samen met de Spaanse overheid de wetlands aan om deze te behoeden voor vernietiging. Doñana was daarmee het eerste project van WNF.

Eerste project van WNF
In navolging van de vijftien gezenderde grutto's in 2013, hebben wetenschappers vorige week in Zuid-Spanje opnieuw een elftal aan grutto's van een gps-signaal voorzien. Hierdoor is de trek van de grutto (Limosa limosa) richting Noord-Nederland te volgen op een speciale website. Alle grutto's hebben een Friese (plaats)naam gekregen. De reis van de grutto's Grou, Idzegea, Kollumerpomp, Makkum, Nes, Raerd, Sibrandabuorren, Skylge, Tirns, Wommels en Wyns is te zien op een digitale kaart en wordt in een weblog nader toegelicht door de onderzoekers. Ook de trek van de vorig jaar gezenderde, nog levende vogels (11) is er te volgen. De eerste grutto's worden deze weken in Nederland verwacht. De vogels en de verhalen zijn te vinden op volg.keningfanegreide.nl.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden