Na The Muslim Jewish Conference heb ik weer hoop

NATASCHA VAN WEEZEL

Lieve papa,

Salaam Aleikum! Ik ben net terug van The Mus-lim Jewish Conference in Berlijn. De afgelopen dagen (en nachten) voerde ik niet alleen constructieve gesprekken over het Israëlisch-Palestijns conflict met deelnemers uit onder andere Amerika, Australië, Argentinië, Pakistan, Egypte, Tunesië, Turkije en Zuid-Afrika, ik heb ook leren schelden in het Urdu én ik heb een slaapplek geregeld in Tétouan voor het geval ik ooit weer naar Marokko wil.

Hoewel het af en toe gevaarlijk veel op joods-islamitische groepstherapie leek, vond ik de discussies over het verschil tussen antizionisme en antisemitisme (wist je dat sommige mensen denken dat zionisten het hele gebied tussen de Nijl en de Eufraat in een 'Joods kalifaat' willen veranderen?) en persoonlijke verhalen over islamofobie buitengewoon leerzaam.

Mijn nieuwe vriendin Aleena, die oorspronkelijk uit Islamabad komt en tegenwoordig in Londen woont, vertelde dat ze in een metrostation niet te dicht bij het spoor durft te staan, omdat ze bang is dat iemand haar vanwege haar hijab voor de trein zou willen gooien. Ook heftig: de Joodse Jack uit Istanboel overleefde een aanslag op zijn synagoge ternauwernood.

Wat vooral indruk maakte waren de momenten buiten de officiële sessies om.

Ondanks een nijpend slaaptekort gingen we donderdag met een groepje iets drinken in een hippe Berlijnse bar in jarentwintigstijl. Aan de muur hingen posters van Bertolt Brecht en Marlene Dietrich. De moslima's dronken cocktails zonder alcohol en praatten over mannen. Ze waren het erover eens dat Tunesische mannen het leukste zijn: charismatisch en doortastend. Libische mannen vonden ze te arrogant, Algerijnen te opschepperig en Marokkanen noemden ze relaxed maar lui. Ze waren benieuwd hoe het zat met de jongens in Israël en vroegen daar mijn mening over. Binnen 'de dialoog' ben ik gewend om het over de verschillen en overeenkomsten van onze religies en culturen te hebben, maar nooit eerder was het zo ontspannen. Juíst omdat het zo gewoon was, voelde het aan als heel bijzonder.

The Muslim Jewish Conference was het medicijn dat ik nodig had tegen het gif van de waan van de dag. Het kwam net op tijd, want hoewel ik me al jaren inzet voor co-existentie zakte de moed me steeds vaker in de schoenen als ik Joden hoorde zeggen dat Arabieren niet te vertrouwen zijn of wanneer ik las dat bepaalde moslims spijkerbroeken van Calvin Klein boycotten omdat de ontwerper Joods is.

Op onze laatste avond wilde ik een ijsje halen. De ijswinkel op de Potsdamer Platz ging net dicht en de twee meisjes met wie ik was (ze droegen allebei een hoofddoek) drongen bij de verkoper aan om een uitzondering voor mij te maken. Hij maakte een wegwerpend handgebaar en riep nogal luid 'Shouf Shouf' (weg, weg). Dat de meisjes uit Pakistan kwamen en dus geen Arabisch spraken kon de man misschien niet weten, maar het denigrerende van de situatie maakte me woedend. Ik was hem zeker aangevlogen als mijn conferentiegenoten me niet hadden tegengehouden. Lieve papa, ik droom van een wereld waarin zulke dingen niet langer voorkomen. Na mijn Berlijnse avontuur ben ik daar zekerder van dan ooit tevoren.

Liefs, Natascha

Vader Max en dochter Natascha van Weezel, beiden journalist, schrijven elkaar wekelijks over wat hen bezighoudt.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden