Na oorlog komt kiesrecht

Door de Eerste Wereldoorlog kreeg de vrouwenbeweging een troef in handen: geef ons kiesrecht, en de wereld komt er een stuk vrediger uit te zien.

CO WELGRAVEN

Het actief kiesrecht voor vrouwen moest nog per aparte wet geregeld worden. De vrouwenbeweging verweet het overwegend confessionele kabinet-Ruijs de Beerenbrouck en de christelijke partijen in de Tweede Kamer dat ze daarmee treuzelden. Toen in november van dat jaar, na de Wapenstilstand, in Duitsland en ook in Nederland een revolutionaire sfeer ontstond, maakten de katholieke RKSP en de protestantse ARP en CHU (de drie voorlopers van het CDA) de weg vrij voor behandeling van het initiatiefwetsvoorstel van het Kamerlid Henri Marchant, partijgenoot van Aletta Jacobs, dat het actief kiesrecht voor vrouwen bevatte. In 1919 namen Tweede en Eerste Kamer het voorstel aan, in 1922 werd de Grondwet gewijzigd. In dat jaar mochten vrouwen voor het eerst naar de stembus voor de verkiezing van een nieuwe Tweede Kamer. Ironisch genoeg profiteerden vooral de confessionele partijen van de vrouwelijke stem.

Het was een stoutmoedig plan om midden in een oorlog een vredescongres te beleggen, weliswaar in een neutraal land - Nederland - maar met deelnemers uit de oorlogvoerende landen. Sommige vrouwen hadden de grootste moeite om eind april 1915 Den Haag te bereiken waar in de grote zaal van de dierentuin (waar nu het Provinciehuis staat) een vrouwenvredesconferentie werd gehouden, mede georganiseerd door de eerste Nederlandse academica Aletta Jacobs. Zo zouden er uit Groot-Brittannië tegen de tweehonderd deelnemers komen, maar slechts weinigen kregen een paspoort van de autoriteiten en doordat er een algeheel vaarverbod in het Kanaal werd afgekondigd, wisten uiteindelijk maar twee Britse vrouwen voet op Nederlandse bodem te zetten.

Dat was een tegenvaller, en het was ook een flinke domper dat sommige feministen uit andere oorlogvoerende landen weigerden te komen, omdat zij deelname aan een vredescongres als verraad zagen jegens hun landgenoten van wie er tallozen aan het front streden. Toch discussieerden bij elkaar ruim duizend vrouwen uit twaalf verschillende landen een paar dagen lang over vrede en oorlog en hun rol daarin. Daarbij werd een verbinding gelegd met het algemeen kiesrecht voor vrouwen, een thema dat al vanaf het eind van de negentiende eeuw door feministen was aangekaart in wat later de eerste feministische golf is gaan heten. Maar het kreeg door het uitbreken van de oorlog een extra dimensie.

Sommigen, onder wie Aletta Jacobs, waren van mening dat een duurzame vrede onmogelijk was zolang vrouwen geen kiesrecht hadden. Zij hadden van nature een grotere afkeer van oorlog dan mannen, omdat zij de soldatenlichamen voortbrachten, zoals de befaamde Amerikaanse feministe Jane Addams het verwoordde. Anderen daarentegen huldigden de opvatting dat de meeste vrouwen net zozeer als mannen bereid waren te vechten; kiesrecht voor hen zou de oorlog absoluut niet hebben voorkomen.

Ondanks deze verdeeldheid wisten de deelnemers het eens te worden over zo'n twintig resoluties, waarvan in bijna de helft een link werd gelegd met het algemeen kiesrecht voor vrouwen. Twee delegaties gingen vervolgens de diverse Europese hoofdsteden af om aan ministers, premiers en staatshoofden (en ook de paus) de resultaten van het vredescongres toe te lichten en aan te dringen op een spoedig einde aan de oorlog. Zo togen Jane Addams en Aletta Jacobs naar Berlijn, waar ze gesprekken voerden met onder anderen minister van buitenlandse zaken Gottlieb von Jagow. Van het bezoek aan de Duitse hoofdstad zijn onlangs beelden opgedoken waarop je Addams en Jacobs ziet lopen bij de Brandenburger Tor - het zijn de enige bewegende beelden die van de Nederlandse feministe bekend zijn.

Concrete resultaten had de rondreis niet, maar volgens de Groningse hoogleraar moderne geschiedenis Mineke Bosch heeft Aletta Jacobs (over wie zij een vuistdikke biografie heeft geschreven) met het vredescongres laten zien dat zij een voortreffelijk organisator was en een gewiekst politica: "Het was buitengewoon knap dat zij vrouwen uit landen die met elkaar in oorlog waren om de tafel wist te krijgen. Terwijl ze toch allemaal verschillende belangen hadden. En ze heeft heel handig gebruik gemaakt van de koppeling tussen de vredesbeweging, die sterk was in feministische kring, en het streven naar algemeen kiesrecht. Die vredesbeweging was voor haar een vehikel om dat kiesrecht dichterbij te brengen. Sommigen hijsen Jacobs op het schild als de grote vredeskoningin. Zo zou ik haar toch niet willen noemen, maar dat beeld kwam haar wel goed uit."

Vrouwen wekten met hun oproep tot vrede ook weerstand op. Toen Jane Addams bij haar terugkeer in de VS vertelde dat Franse en Britse soldaten alcohol en drugs kregen voordat zij ten strijde trokken, werd zij zwaar bekritiseerd. Hoe durfde zij de moed van al die jongens op het slagveld in twijfel te trekken! Zij stierven voor hun vaderland, niet omdat ze dronken waren, was de teneur in menig krantencommentaar.

undefined

Nationaliteit boven sekse

Door de oorlog kwam nadrukkelijk aan het licht dat de vrouwenbeweging niet eensgezind was. Want leden van die beweging waren niet alleen vrouw, maar ze waren ook Duitse of Britse of Française, en soms had die loyaliteit jegens hun land de overhand boven hun sekse. Maar toch antwoordt Mineke Bosch op de vraag of de Grote Oorlog per saldo een negatieve invloed heeft gehad op het feminisme nadrukkelijk nee. "De oorlog heeft een enorme impact gehad: op de cultuur, op de samenleving en ook op de verhouding tussen mannen en vrouwen. Er veranderde veel, ook voor vrouwen. Hun sociale positie is op de langere termijn bezien behoorlijk verbeterd, al was er voor een aantal concrete maatregelen uiteindelijk toch nog een tweede feministische golf in de jaren zestig van de vorige eeuw nodig. Toen is pas de grote slag geslagen."

In de jaren 1914-1918 togen veel vrouwen in de oorlogvoerende landen aan het werk. Noodgedwongen, want er kwamen in bijvoorbeeld Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië talloze banen vrij, omdat de mannen die ze bezetten als soldaat naar het front werden gestuurd. De vrouwen die invielen, voorkwamen daarmee dat de economie van hun land zou instorten. Ook in het neutrale Nederland deed dat verschijnsel zich op kleine schaal voor. Er was weliswaar geen directe oorlog, maar ruim vier jaar lang waren de soldaten wel gemobiliseerd, en daardoor ontstonden gaten in het productieproces.

In Groot-Brittannië sloten de suffragettes, zoals daar de strijdsters voor vrouwenkiesrecht werden genoemd, een stilzwijgend akkoord met de regering, zoals al eerder in deze serie gememoreerd. Vrouwen gingen de fabrieken in, bestuurden bussen en trams en hielden zo de samenleving draaiende. En ze zorgden ervoor dat de lads op het continent voldoende munitie hadden: ze produceerden massaal granaten. In ruil kregen de feministen de belofte dat er direct na de oorlog algemeen kiesrecht voor vrouwen zou worden ingevoerd.

Dat was een opvallende paradox en een moeilijk te verkopen verhaal: aan de ene kant beweren dat vrouwen vredelievender zijn dan mannen - als ze kiesrecht zouden hebben, zou de wereld er een stuk beter uitzien - en aan de andere kant de oorlogseconomie helpen en zelfs gaan werken in de wapenindustrie met het doel kiesrecht te krijgen. Het leidde tot felle debatten binnen en buiten de vrouwenbeweging.

Het Britse kabinet hield woord: in december 1918 al mochten vrouwen naar de stembus om een nieuw Lagerhuis te kiezen. Ze moesten wel dertig jaar of ouder zijn, terwijl mannen al vanaf hun 21ste stemrecht hadden. Dat verschil werd pas tien jaar later weggewerkt. In België mochten vrouwen vanaf 1921 stemmen bij de gemeenteraadsverkiezingen, weduwen van gesneuvelde soldaten - grootoorlogsweduwen - mochten ook bij parlementsverkiezingen hun stem uitbrengen. Pas vanaf 1948 ging dat voor alle Belgische vrouwen gelden. Franse vrouwen hadden toen vier jaar stemrecht. Generaal Charles de Gaulle, oorlogsheld en latere president, voerde dat in oktober 1944 in. In Duitsland en Oostenrijk mochten vrouwen vanaf eind 1918, kort na de revoluties, stemmen.

Ook zonder Eerste Wereldoorlog zou het vrouwenkiesrecht er uiteindelijk wel zijn gekomen, meent Mineke Bosch: "Misschien had het wat langer geduurd, had het wat meer voeten in de aarde gehad, maar het zat er natuurlijk gewoon aan te komen. In landen als Finland en Noorwegen was het al voor de oorlog ingevoerd."

Volgens de Groningse hoogleraar heeft de vrouwenbeweging zich tijdens de oorlog uiteindelijk geheel gefocust op het kiesrecht, waardoor andere zaken die misschien minstens zo belangrijk waren in de schaduw geraakten, zoals arbeid en huwelijksrecht. "Toen dat kiesrecht in landen als Groot-Brittannië, Duitsland en Nederland was geregeld, begon de eerste feministische golf te verlopen. Terwijl vrouwen nog lang niet dezelfde rechten hadden en ze per saldo nauwelijks in het arbeidsproces waren opgenomen. Want toen vanaf november 1918 de mannen die de oorlog hadden overleefd terugkwamen, eisten die hun baan op en konden de vrouwen vertrekken; die moesten weer naar het aanrecht. Het was het bekende draaideureffect. Al met al bleef de traditionele moederschapsideologie na de oorlog nog redelijk intact."

undefined

Een vrouw in de Kamer

In het neutrale Nederland was geen rechtstreeks verband tussen de Eerste Wereldoorlog en de invoering van het vrouwenkiesrecht. Wel speelden de revolutie in Duitsland en de couppoging van de sociaal-democratische voorman Pieter Jelles Troelstra in november 1918 een rol. De grote politieke stromingen bereikten in 1917 een historisch akkoord, waarbij de confessionele partijen de gelijkberechtiging van het bijzonder onderwijs kregen en de liberalen en sociaal-democraten het algemeen kiesrecht voor mannen en vrouwen. Maar bij de benodigde wijziging van de Grondwet werd nog niet het actief kiesrecht van vrouwen geregeld, alleen het passief kiesrecht: een jaar later werd Suze Groeneweg van de SDAP het eerste vrouwelijke lid van de Tweede Kamer. Op haar stemden 569 mannen. Aletta Jacobs, die kandidaat stond voor de Vrijzinnig-Democratische Bond - het D66 van een eeuw geleden - werd tot veler verrassing niet gekozen. Een man die lager op de VDB-lijst stond, wist meer voorkeurstemmen te vergaren.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden