Review

Na korte explosie van activiteit raakte Rodenko in vergetelheid

Paul Rodenko (1920 - 1976) is van eminent belang geweest voor de acceptatie van de poëzie van de Vijftigers. Zijn bloemlezing 'Nieuwe griffels schone leien' verscheen voor het eerst in 1954 en is in honderdduizend exemplaren verkocht. Ook andere goedkope bloemlezingen van hem in de Ooievaar-reeks hebben een enorme invloed uitgeoefend.

De kritieken en essays van Rodenko werden daarna, in de jaren zestig, toen er weinig meer van hem vernomen werd, maar moeizaam van formulering gevonden. Willem Frederik Hermans sprak zelfs van ,,volzinnen zwaar als gesmolten olifantenvet'.

Toch is in de terugblik, zoals Odile Heynders overtuigend betoogt in haar monografie over Rodenko (de eerste!), zijn visie op poëzie veel breder en vernieuwender geweest, en daarmee actueler, dan op het ogenblik wordt aangenomen. Voor Rodenko was poëzie iets gevaarlijks, zowel om te lezen als om te maken. De dichter confronteerde zich in zijn ogen met het Niets, de dood, het Andere of hoe het maar werd genoemd. En dat deed dus ook de lezer van zulke poëzie.

Niet eerder zijn Rodenko's bloemlezingen, voorwoorden, essays, kritieken en gedichten (bij elkaar vier delen Verzameld Werk) zo grondig en met respect bekeken. Er komt uit deze monografie een bijna geniale poëziefilosoof naar voren die het ongeluk heeft gehad na een korte, explosieve periode van activiteit in de vergetelheid te zijn geraakt. Er waren anderen, het tijdschrift Merlyn wordt genoemd, die hem doodzwegen, hoewel hij voor meer dan de helft als hun voorloper moet worden gezien. Rodenko zij geprezen, ook al ligt hij nu in de ramsj.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden