Na het vertrek van IS uit Irak probeert Hawija de draad weer op te pakken

Kinderen op een meisjesschool in Hodh Sitta bij Hawija tonen hun blijdschap: ze hoeven geen hoofddoek meer om Beeld Judit Neurink

Hawija, het laatste Iraakse bolwerk van IS, probeert de draad weer op te pakken nadat de terreurgroep werd verdreven. Correspondent Judit Neurink ging als eerste westerse journalist op bezoek.

Ahmed al-Muheiri was graag petrochemisch ingenieur geworden. In plaats daarvan is de 24-jarige Irakees de jongste leider van de Jiburi-stam, een van de invloedrijkste tribale groeperingen in de Iraakse regio Hawija. Met dank aan Islamitische Staat, de soennitische terreurbeweging die 32 van zijn familieleden oppakte. Onder hen zijn vader, twee ooms en twee neven. Zij worden nog steeds vermist en zijn vermoedelijk dood.

Muheiri werd zelf ook opgesloten, maar kwam na anderhalve maand vrij. Daarop werd hij de nieuwe sjeik. "Het is Gods wil dat ik dit werk al zo jong doe", zegt hij, terwijl hij een slok neemt van de geurige koffie die voor hem is ingeschonken. Daarna gaat het bekertje rond in de ontvangstkamer.

De jonge sjeik werd stamhoofd op een moment dat Hawija - de stad en vijfhonderd omliggende dorpen - stevig in handen was van IS. Pas een paar maanden later, oktober 2017, werd dit laatste Iraakse bolwerk van de terreurgroep bevrijd door het Iraakse leger; een operatie waarbij 1400 IS-strijders zich zonder gevecht overgaven.

Vandaag is Hawija een spookstad, want de veiligheidsdienst staat bewoners nog niet toe terug te keren. Niet omdat de stad in puin ligt, al is de schade aanzienlijk, maar omdat het leger de bevolking niet vertrouwt vanwege de grote aanhang die de groep er had. Een deel van de regio is ook nog niet veilig; in bergachtig gebied zitten IS-cellen. Deze week werd een tribale leider van de Obeidi-stam gedood. En bij een negendaagse operatie ontdekte het Iraakse leger onlangs nog een IS-kliniek, een bommenfabriek, tunnels en een operationeel centrum. Tal van IS-strijders werden opgepakt of gedood.

Speciale kampen

In tientallen vrijgegeven dorpen is intussen wel vrijwel iedereen die IS overleefde teruggekeerd, met uitzondering van IS-aanhangers. Hun huizen zijn vernield, hun gezinnen worden niet toegelaten; die zitten nu onder bewaking in speciale kampen. De jonge sjeik Ahmed, wiens positie ook inhoudt dat hij conflicten onder stamleden oplost, is daar geen voorstander van. Hij zou gezinnen liever onder strenge observatie in de gemeenschap hebben om te voorkomen dat ze zich buitengesloten voelen en openstaan voor slechte invloeden. "Anders hebben we over tien jaar een nieuwe crisis."

Hawija speelde in 2013 en 2014 een belangrijke rol in soennitische protesten tegen Bagdad. Soennieten, onder Saddam Hussein leidend in Irak, voelden zich achtergesteld door de door sjiieten gedomineerde Iraakse regering. Sjeik Ahmed zegt dat mensen uit zijn dorpen zich maar mondjesmaat aansloten bij IS, maar erkent dat veel soennieten in Hawija de IS-strijders wel degelijk verwelkomden. "Zij zagen hen als vertegenwoordigers van de soennitische revolutie. Maar toen we zagen wat IS werkelijk is, keerden mensen zich af." Hij beschrijft de kenmerken van de IS-staat: 'Ontvoering, plundering en moord'.

Sjeik Ahmed is blij dat het recht is wedergekeerd. "Onder IS wisten we niet waarom mensen werden ontvoerd en wat er met hen gebeurde."

Tekst loopt verder onder de foto

Sjeik Ahmed: 'Burgers melden iedere verdachte.' Beeld Judit Neurink

Daarom werkt iedereen nu nauw samen met de ooit gevreesde veiligheidsdienst, de mukhabarat, en heeft de sjeik de medewerker daarvan zojuist begroet als een oude vriend. Wat helpt is dat de dienst moderniseerde. Jongere mensen werden aangenomen; zij vertonen zich veel in de dorpen om vertrouwen te wekken. Het maakt dat sjeik Ahmed ook optimistisch is over de weerbaarheid van zijn regio. "Voorheen werd het bijna nooit gerapporteerd als iemand zich verdacht gedroeg, maar nu melden burgers iedere verdachte."

Samenwerking met de mukhabarat is noodzakelijk om de terugkeer van IS te voorkomen, zegt hij. "Als we horen dat iemand voor de soennitische revolutie is, laten we die niet vrij rondlopen. We accepteren geen enkele groep meer, religieus of niet, die tegen de regering handelt. De soennitische revolutie is dood."

Nieuwe strijdgroep

Behalve met (slapende) cellen is IS in Hawija ook nog actief in een nieuwe strijdgroep, die alleen bekend is van haar witte vlag met een leeuw erop. Volgens kapitein Moath Obeidi, een veiligheidscoördinator bij de Iraakse veiligheidsdienst, gaat het om een onmogelijke coalitie van strijders. Koerden, Arabieren, Turkmenen en Iraniërs - van wie sommigen met IS werkten, anderen vochten tegen de terreurgroep - zouden er onderdeel van uitmaken. Wat ze gemeen hebben, is hun vijand: het Iraakse leger en sjiitische milities die aan de overheid zijn gelieerd.

"Dit is een typisch geval van 'de vijand van mijn vijand is mijn vriend'", zegt Obeidi. Het Iraakse leger werkt samen met Koerdische peshmerga-troepen en mariniers om de groep uit te roken, 'maar de ruige natuur werkt niet in ons voordeel'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden