’Na een week of vijf krijgen ze het altijd door’

'Het is prachtig om te zien hoe de leerlingen groeien', vindt gymleraar Bouke Voorthuis. ( FOTO WERRY CRONE, TROUW) Beeld
'Het is prachtig om te zien hoe de leerlingen groeien', vindt gymleraar Bouke Voorthuis. ( FOTO WERRY CRONE, TROUW)

Gymdocent Bouke Voorthuis (40) zorgt dat hij af en toe ander soort werk doet. De afwisseling houdt het leuk.

Gymleraar Bouke Voorthuis is ook buiten lesuren veelvuldig langs de lijn te vinden om zijn leerlingen aan te moedigen. Zeker als één van zijn scholieren een belangrijke wedstrijd moet spelen, zal hij niet snel verstek laten gaan. „Het is prachtig om te zien hoe de leerlingen groeien.”

Voorthuis geeft les op de afdeling Sport, Dienstverlening en Veiligheid van het Echnaton in Almere, een middelbare school voor vmbo- en havo-leerlingen. „Sporten staat hier centraal. Ze krijgen veel meer gymlessen en zijn ook tijdens andere vakken met sport bezig. Als afstudeeropdracht organiseert een aantal van mijn leerlingen bijvoorbeeld een sportdag voor een basisschool in de buurt. Ook kun je hier school met een topsportcarrière combineren: Clarence Seedorf zat bij ons.”

Dat Voorthuis zijn leerlingen kan zien groeien, persoonlijk zowel als op sportvlak, is een van zijn grootste motivatiebronnen. „Volleybal bijvoorbeeld is best een ingewikkelde sport, waardoor het spel de eerste weken moeilijk op gang komt.”

„Ik blijf hameren op een goede techniek. Ik weet dat ze het na een week of vijf doorkrijgen. Dan komt er ineens uit wat je ze probeerde te leren en krijgen ze zelfs plezier in het spelletje. Als docent geeft je dat ontzettend veel energie.”

Nieuwe uitdagingen houden het werkt leuk voor hem. „Toen ik vijftien jaar geleden begon op een basisschool, was lesgeven alleen voldoende. Het waren jaren van vallen en opstaan. Er viel nog wel eens een les in de soep, doordat mijn uitleg te lang was bijvoorbeeld. Dat gaat af van de tijd dat de kinderen bewegen. En dat is natuurlijk waar het om draait. Een ander voorbeeld: ik zette twee moeilijke turntoestellen neer, waar ik allebei bij moest blijven. Dat werkt niet als je alleen les geeft.”

Hij kijkt glimlachend terug op zijn beginnersfouten. „Het lesgeven zat me na een aantal jaren in de vingers. Dan gebeuren je dat soort dingen niet meer. Wel moest ik toen op zoek naar nieuwe uitdagingen. Ik nam de coördinatie op me, en begeleidde jonge docenten. Dat hield voor mij het vak aantrekkelijk.” Na tien jaar was het tijd voor een nieuwe omgeving en stapte hij over naar Echnaton.

„Wij proberen met de ouders een band op te bouwen. Geregeld bellen we om te praten over de voortgang van het kind. Heeft de leerling leer- of motivatieproblemen, dan nemen we ook contact op. Soms nodigen we de ouders uit voor een gesprek.”

Dat is belangrijk als leerlingen met zichzelf in de knoop zitten of problemen thuis hebben. „De problemen van een scholier kunnen je als docent best eens zorgen baren. Die zorgen moet je niet mee naar huis nemen. Dat zou niet goed voor je zijn. Ik probeer daarom op school, met ouders, leerling en docent, te zoeken naar een oplossing. Omdat je een band hebt met elkaar lukt dat meestal erg goed.”

Zijn collega’s zijn daarbij een grote steun voor hem. „Als ik een keer mijn dag niet heb, wat bijna nooit voorkomt, of een drukke week voor de boeg, dan steken andere docenten mij aan om positief te blijven. En dan zie ik: oké, het is nu zwaar, maar over een weekje is er weer lucht.” Zijn werk voelt dan ook bijna niet als werk voor hem. „Dat is het natuurlijk wel, maar ik kijk bijna nooit naar mijn loonstrookje of op de klok.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden