Na de moord / De klas heeft steentjes in de ziel

Vier maanden geleden werd de 13-jarige Seder Soares doodgeschoten op metrostation Slinge in Rotterdam. De dader is nog steeds spoorloos, terwijl zijn mede-leerlingen nog dagelijks worstelen met het verdriet. ,,Iedereen is moe'', zegt mentrix Riny Leenheer. ,,Ik ook.''

Er gaat een diepe zucht door klas 2b. Het is de zoveelste maal dat een buitenstaander, erger nog: een journalist, komt praten over hun Seder. De leerlingen vallen stil. Hier en daar klinkt zacht gesnik. ,,Pff, journalisten'', doorbreekt een jongen vooraan in de klas de stilte. Hij haalt zijn schouders op en legt vervolgens zwijgend zijn hoofd weer op zijn tafeltje.

,,Je moet niet vergeten dat deze klas de meest vervelende vragen van journalisten heeft gekregen'', legt Peter van Olst, vestigingsdirecteur van christelijke scholengemeenschap Maarten Luther uit. Een van de leerlingen veert op. ,,Dat was echt niet normaal, hoor'', zegt hij. ,,Dan kwamen ze met een camera naar je toe en vroegen ze van alles over Seder. Of we blij waren dat hij dood was. Of we blij waren, ...pff.''

Klas 2b is huiverig geworden voor belangstelling van buitenaf. Niet alleen door de impertinente vragen die journalisten aan de leerlingen stelden in de eerste weken na de moord, maar ook doordat de klas zelf is uitgegroeid tot een verbond. 'Een team', zoals Talha dat noemt. Niemand kan zich voorstellen wat zich in deze groep heeft afgespeeld. Het verdriet dat gedeeld is en de kameraadschappen die daardoor zijn ontstaan.

Nog weken na de dood van Seder droeg de klas een bloemstuk mee, dat ieder lesuur op zijn lege stoel werd gelegd. Nu, zo'n vier maanden na het verlies van hun klasgenoot, zijn de rouwuitingen minder geworden. In het lokaal van 2b hangt een getekend portret van Seder, met zijn foto in de benedenhoek. Op een kast hangt een briefje met een tekening. 'Seder, we never forget you. R.I.P.', staat erop. Binnen de school 'zoemt het nog steeds', zegt Van Olst.

De klas snakt merkbaar naar het geluid van de bel, dit laatste lesuur voor het weekeinde. ,,Iedereen is moe'', zegt Riny Leenheer, de mentrix van 2b. ,,Ik ook.'' Hoewel ze al 24 jaar voor de klas staat, waren de laatste vier maanden onmiskenbaar de zwaarste uit haar loopbaan. Nog steeds kost het ook haar moeite over de gebeurtenissen te praten.

Maar ze heeft het goed gedaan, zo oordeelt Graciano, die het als een van de weinige leerlingen kan opbrengen over Seder te praten. ,,Als je zag hoe de mentrix voor ons klaarstond... Zo'n band krijg ik niet zomaar met iemand. Ze is echt een speciale vrouw. Ze heeft aan iedereen kaartjes geschreven. Bij mij stond er: 'Wat een eer om jou in de klas te hebben'. Dat kaartje heb ik ingelijst.''

Graciano is in die paar maanden veranderd van een jochie in een kerel, zegt Riny Leenheer. De moeder van Graciano meent dat de dood van Seder het beste in haar zoon naar boven heeft gehaald. Hij is gedichten gaan schrijven en maakte voor de herdenkingsbijeenkomst op school een lied, waarin hij al zijn emoties en frustraties over de dood van Seder verwerkte. ,,Met dat lied heb ik de rouwperiode voor mezelf afgesloten. Natuurlijk denk ik nog wel eens: hoe zou het zijn als Seder er nog was. Maar dat zijn momenten'', vertelt Graciano.

En zo heeft iedere leerling het verdriet op zijn eigen manier verwerkt. Waar dat mogelijk was althans, want sommigen zijn dichtgeklapt. ,,Dit soort ervaringen vormen steentjes in de ziel'', weet algemeen rector Diny Roodvoets. De moedige houding van Graciano is eerder regel dan uitzondering, zo stelt Riny Leenheer. ,,Het heeft zo enorm veel energie gekost allemaal. Al dat gedoe er omheen, de pers. We moeten er heel zorgvuldig mee omgaan. Nog steeds komen er leerlingen naar mij toe die volzitten met verdriet. Die zeggen: ik kan het niet.''

De, soms onverwachte, confrontaties met de gevolgen van het misdrijf zorgen daarbij regelmatig voor opwinding en emotie, in de klas én in de lerarenkamer. Zo werden een aantal weken geleden door justitie, zonder medeweten van de school, flyers verspreid in Rotterdam, met daarop de foto van Seder. Doel is om de gouden tip te verkrijgen, waarop een beloning van 30000 euro staat. ,,Sommige kinderen liepen de supermarkt in en zagen plotseling die poster hangen. Die zijn zich wild geschrokken, waren helemaal overstuur'', zucht Leenheer. Zelfs Graciano was van slag, zegt hij. ,,Zo'n poster overvalt. Het is wel onze Seder die daar hangt. Ik hoop maar dat het helpt om de dader te pakken.''

Want waar Graciano het grootste leed achter zich heeft gelaten, geldt voor veel leerlingen en docenten nog immer: zolang de schutter niet is gepakt, kan er geen streep onder het verhaal, zegt vertrouwenspersoon Kees Grundel. Ook hij heeft de afgelopen maanden overuren gedraaid. ,,Het kan zo niet worden afgesloten.''

Justitie is weinig mededeelzaam over de vorderingen, uit angst 'het onderzoek te frustreren'. Er zitten nog 20 rechercheurs op de zaak, die voornamelijk op zoek zijn naar getuigen van de schietpartij. Een aantal mensen die op de bewakingscamera's van metrostation Slinge werden vastgelegd, heeft zich nog niet gemeld. ,,Maar toch zijn er voldoende aanknopingspunten'', zegt de persofficier van justitie. ,,We hebben zeker de moed nog niet opgegeven.''

Met het onderzoeksteam zijn door de school afspraken gemaakt. Als de dader gepakt wordt, krijgen de leerlingen en docenten dit zo snel mogelijk te horen. Maar de zomervakantie nadert en mentrix Leenheer ziet daar als een berg tegenop. ,,Iedere dag heb ik zoiets van: ik wil naar mijn kinderen toe. Was ik maar op school, dan was ik tenminste bij jullie'', glimlacht ze richting Graciano. Leenheer moet er niet aan denken dat ze tijdens de vakantie op teletekst ziet staan dat de dader gepakt is. ,,Dat is een van mijn grootste zorgen. Natuurlijk zou het hartstikke goed zijn, maar we hebben tot nog toe alles met elkaar gedeeld. Als die dader tijdens de zomervakantie gepakt wordt, zit iedereen alleen thuis. Ik moet er niet aan denken.''

De school is de afgelopen maanden het middelpunt geweest, in alle commotie die de dood van Seder veroorzaakte. Het heeft algemeen rector Roodvoets nogmaals bevestigd in de overtuiging dat het werk en de invloed van de school niet stopt bij de buitenmuur. ,,Wij bezinnen ons de laatste tijd op onze pedagogische opdracht. Het blijkt heel belangrijk dat leerlingen zich veilig voelen. Niet alleen binnen de school, maar ook daarbuiten.''

Daartoe worden door de school tal van initiatieven genomen, om de rol als 'spin in het web' uit te bouwen. Er zijn ouderavonden belegd en er is contact gezocht met andere scholen in Rotterdam-Zuid voor samenwerking op het gebied van veiligheid. Verder werkt de school aan een 'identiteitsnotitie' genaamd 'Meer dan het gewone', met daarin kernwoorden als persoonlijk, balans en samenwerken. Ook zou Roodvoets graag meer instanties van buitenaf bij de school betrekken, zoals nu al met het school-maatschappelijk werk het geval is.

Zonder de moord op Seder had dit hele verhaal bestempeld kunnen worden als geitenwollensokken-proza, erkent Roodvoets. Maar de dood van een leerling plaatst het volgens haar in een ander daglicht. ,,Het is echt nodig. We willen als school echt geen grotere broek aantrekken dan mogelijk is, maar als Maarten Luther straks gefuseerd is met het Johannes Calvijn, hebben we wel de verantwoordelijkheid voor 4500 leerlingen. Als het dan lukt om als school echt midden in de samenleving te staan, zal dat een enorme effect hebben op de leerlingen en daarmee op hun ouders en hun omgeving.''

In de eerste weken na de moord, was het na pauzes op Maarten Luther niet nodig corvee te houden. De aula werd brandschoon achtergelaten door de leerlingen. ,,Dat was uit respect voor Seder'', weet Graciano. Er lag geen propje op de grond en wanneer dat wel zo was, spraken leerlingen elkaar daarop aan. ,,Als je ziet wat een eenheid er in die week was'', zegt directeur Peter van Olst. ,,Het is mooi om te zien dat in ieder mens innerlijke beschaving zit.''

In de klas worden geen grapjes meer gemaakt over het vermoorden van mensen, zoals dat voorheen wel gebeurde. ,,Je zei wel eens tegen iemand: als ik je na school tegenkom, ga je dood'', vertelt een van de leerlingen. ,,Nu doe je dat niet meer.'' Want bij iedere opmerking waarin dood of moord een rol speelt, flitst de gedachte aan Seder door het hoofd.

Toch denkt Roodvoets dat het verstandig is om gedragsregels op te stellen, omdat de herinneringen aan Seders dood op een gegeven moment zullen vervagen. ,,Het slijt, dat is maar goed ook. Maar dat betekent wel dat je met elkaar afspraken moet maken. Gewoon bespreken: jongens, dit doen we niet en dit doen we wel. Gebeurtenissen als die met Seder kunnen uiteindelijk ook verharding in de hand werken. De leerlingen leven nu eenmaal in een maatschappij waarin dergelijke dingen gebeuren. Dat zou uiteindelijk ook hun normbesef kunnen aantasten.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden