Muzikaal is 'Parsifal' bloedeloos

'Parsifal'
De Nederlandse Opera, Koninklijk Concertgebouworkest, solisten olv Iván Fischer met Wagners 'Parsifal' in een regie van Pierre Audi met decors van Anish Kapoor op 12/6 in Muziektheater Amsterdam. Acht voorstellingen t/m 8 juli. Op 25/6 op groot scherm in Oosterpark. www.dno.nl

Zullen we maar meteen met het teleurstellende nieuws beginnen? Dan hebben we dat maar gehad. Ondanks het uitstekende Koninklijk Concertgebouworkest in de bak van het Muziektheater wist dirigent Iván Fischer met de partituur van Wagners 'Parsifal' nauwelijks indruk te maken. Zijn lezing was dinsdag tijdens de première van de nieuwe productie van De Nederlandse Opera gedegen, maar vooral voorzichtig en geremd. Alsof hij de zijden handschoenen niet uit wilde trekken om zijn handen vuil te maken. Of misschien durfde hij dat wel niet, bang om voor pompeus of bombastisch te worden versleten?

De opbouw binnen de drie bedrijven was er niet, en de muzikale spanningsboog over die drie bedrijven heen evenmin. Vreemde ongelijkheden en missertjes kunnen nog aan premièrezenuwen te wijten zijn, maar het is toch wel een zeldzaamheid bij een orkest van deze statuur. Natuurlijk kan dat almaar neutraliseren van fraseringen en dat constante afdekken van climaxen een bewuste keus zijn geweest. Misschien had Fischer een prijzenswaardige zorg voor het welzijn van zijn zangers, maar het knagende gevoel als luisteraar 'iets' gemist te hebben was aan het slot levensgroot.

Vergelijk dat eens met de grandioze mokerslag die Simon Rattle en het Rotterdams Philharmonisch Orkest in 1997 met hun 'Parsifal' in het Muziektheater uitdeelden - drie jaar later eenmalig herhaald in de Royal Albert Hall in Londen tijdens de Proms. Rattles ondraaglijk schrijnende climaxen en zijn magnifiek uitgekiende opbouw waren dinsdag ver te zoeken. Het bloed vloeide mooi op het toneel, maar in de bak bleef het helaas tamelijk bloedeloos.

Jammer, jammer voor de zeer interessante enscenering van Pierre Audi. In door Anish Kapoor ingerichte ruimtes schetste Audi vooral een ontroerend en diepmenselijk portret van Kundry, Parsifal en Amfortas. Wagner zelf zag in zijn personages evenbeelden van Adam (Amfortas), Eva (Kundry) en Jezus (Parsifal), maar bij Audi was het juist Amfortas - een overtuigend prachtige rol van Alejandro Marco-Buhrmester - die Christus-allure kreeg.

Deze Amfortas, slechts gekleed in lendendoek, 'hing' bij zijn uitroep 'Erbarmen!' zelfs even aan het kruis, de voeten als bij een gekruisigde over elkaar heen. Als hij de heilige graal onthult, is dat een smetteloos witte doek waardoorheen bloed druipt - het bloed op de door Parsifal geschoten witte zwaan, maagdelijk bloed op een wit laken. Het is een simpel beeld dat tegelijk alles zegt.

De 'decors' van Kapoor zijn wisselend. De heilige roodbelichte berg in de eerste akte roept veel associaties op met Audi's enscenering van Messiaens 'Saint François d'Assise', inclusief primitieve houten kruisen. Ook daar ging het om een religieuze sekte in opkomst, maar in 'Parsifal' voegt Audi daar in het Kapoor-rood barbarij aan toe (waar was de weerklank daarvan in het orkest?), én de vrouwen van het koor die bij Wagner achter de bühne moeten blijven. De fantastische Falk Struckmann draagt als Gurnemanz deze akte moeiteloos.

De enorme bolle ronde spiegel in het tweede bedrijf levert spectaculaire beelden en kleuren op. Het duet tussen Parsifal - de heerlijk naïef en kloek zingende Christopher Ventris - en Kundry (een zinderende Petra Lang met laaiende topnoten) is door Audi meesterlijk geregisseerd. Helemaal schitterend is het in het derde bedrijf als in de plaats van de spiegel een even groot gapend gat verschijnt, en Kundry en Parsifal zich letterlijk aan elkaar spiegelen. Al even spectaculair is daar de opkomst van Amfortas en de graalridders.

Schuld, boete en verlossing. Wagner pepert het zijn publiek tot vervelens toe in met zijn gezwollen teksten en zijn soms al even gezwollen muziek. Maar Audi geeft daar, zoals te verwachten viel, een prachtige draai aan. Zijn Parsifal heeft veel trekjes van Siegfried, die andere moederloze losbol van Wagner. Siegfried kent geen vrees, Parsifal weet niet wat medelijden is. Uiteindelijk leert hij dat door Kundry en kan hij haar en iedereen van hun wonden verlossen. Maar de 'verlosser' vertrekt en laat een dode gemeenschap achter, waarin alleen de onduidelijke Gurnemanz nog overeind staat.

Het publiek was dinsdag dolenthousiast over deze nieuwe Wagner en onthaalde iedereen met gejuich. En toch knaagt er iets.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden