Muziek moet eerlijk zijn, vindt Tom Freund. En dan mag je het wat hem betreft best Americana noemen.

Op het eerste oog is Tom Freund een typische Americanamuzikant. Met een en een doos vol cd's trekt hij momenteel langs kleine zalen in Noordwest-Europa. Afgelopen zaterdag imponeerde hij op het Take Root-festival in Assen. Daar viel hij op met een soloset van acoustische, persoonlijke ballades, waarbij vooral de poëtische kracht en de rustige arrangementen opvielen. Een tourschema is er niet echt; als je nog een leuke club weet, komt hij graag even langs. Die kleinschaligheid doet karakteristiek aan voor iemand uit de Americana-of 'roots'-scene. Net als het feit dat hij een eigen label beheert waarop zijn muziek uitkomt en waarvoor hij zelfstandig alle organisatie, promotie en distributie regelt. Maar schijn bedriegt. Freund, die werkt met Ben Harper en Victoria Williams, en die momenteel Jeff Buckley's drummer Matt Johnson op de kruk heeft zitten, had succes met zijn eerste plaat, 'North American Long Weekend'. Daarna werd het stiller rond zijn persoon: wie Freund niet op zijn Amerikaanse website opzocht, wist in Europa niet wat er gaande was.

De reden hiervoor was dat Freunds oude platenmaatschappij failliet ging en Freund voor zijn muziek een nieuwe organisatorische basis moest creëren. Met als gevolg een minder bereik voor plaat twee, 'Sympathico', en het meest recente album, 'Copper Moon'. Freund: ,,Toen het bedrijf failliet ging, stond ik weer op vakje één. Voor een deel is dat leuk: het heeft vanuit romantisch oogpunt iets moois om het allemaal zelf te doen en heel direct in contact te staan met je publiek. Aan de andere kant doet het wel iets met je ego om te merken dat je uit het veld wordt gespeeld door muzikanten die niet noodzakelijkerwijze betere muziek maken dan jij. Maar goed, you gotta just keep truckin - gewoon doorgaan.”

En zo wordt dus een 'typische Americana-muzikant' geboren. Niet omdat hij een typische Americanamuzikant is, maar omdat de omstandigheden rond de muziek zo typisch aandoen. Kleinschalig, country-georiënteerd en liefst een beetje kansloos op de grote markt, dat zien de liefhebbers graag. Terwijl hierop het nodige is af te dwingen. De uit New York afkomstige Freund heeft een stevige achtergrond in jazzen theatermuziek, en vouwt zijn rustieke composities eerder rond persoonlijke, soms bijtend persoonlijke stadspoëzie dan om traditionele country-thema's. Freund. ,,Door de thematiek slaat mijn muziek eerder in de steden aan dan op het platteland. In Amerika geeft dat grappige effecten bij het toeren. Ik stuiter continu van de west-naar de oostkust, maar vlieg doorgaans over het gebied waar mijn muziek vandaan komt. Deels heeft dat ook te maken met de persoonlijke teksten die eerder bij de individualistische stad passen dan bij het sociale leven dat met het goede oude platteland wordt geassocieerd. Ik heb de neiging soms dieper in de reflectie over het leven te duiken dan goed voor mij is. Daar zit niet iedereen op te wachten, dat realiseer ik mij terdege.”

Te 'stads' voor roots dus. Moeten we Freund dan in de singersongwriterhoek plaatsen? Freund: ,,Ik houd niet van die term. Het klinkt echt doodsaai: weer zo'n murmelende kwezel op het podium. Daar gaat je avond. Weet je wat het probleem is met al die termen? Elke keer als van een muzieksoort een merk gemaakt wordt, maak je iets stuk. Om alles binnen de lijntjes van een zogenaamd genre te passen worden de scherpe kantjes eraf gehaald en blijven de bands over die het concept het beste steunen. Er wordt gedacht: wat is Americana? Een beetje hillbilly, een beetje country en een beetje blues? En hop, daar gaat de helft van de bands. En andersom: is Neil Young ineens Americana, nu die term bestaat? Was er vroeger een categorische naam voor Neil Youngs muziek? Neil Young was gewoon Neil Young. Er was geen term voor nodig om te categoriseren wat hij deed, kennis van het alfabet was voldoende om hem in de platenbak te kunnen vinden. Stel je eens voor wat je Neil Young aandoet als je hem in het bakje Americana zet. Dan vervreemd je hem van zijn rock-'n-rollkant én van zijn sensitieve, kleine kant en houd je enkel zijn country over. Dat kun je toch niet maken?”

,,Het enige criterium om muziek te onderscheiden is of het over een langere periode zijn gevoelswaarde houdt. Sommige muziek verdampt als je het tien keer hebt gehoord. De inspiratie in muziek komt voor mij van de eerlijkheid van mensen. Wat zij zingen, hoe zij zingen. Van Morrison maakt bijvoorbeeld zeer eenvoudige teksten maar brengt ze met een intensiteit waar je kippenvel van krijgt. Het is zo écht. Die mate van eerlijkheid, van menselijkheid ook, vind je niet veel terug in muziek. Er wordt zoveel onzin verkocht in teksten. Mensen zijn bang voor waarheid, directheid. Muziek kan pijn doen, kan je herinneren aan dingen die je liever vergeten was, of kan je bevestigen in de schoonheid van je handelen op een bepaald moment. Muziek kan alles, als het maar eerlijk is.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden