Musea vernieuwen te weinig, vindt de Raad van Cultuur. Een droom over verbeteringen.

Wat is er mis in museumland? Op het eerste gezichtniet zo veel. Musea hun tentoonstellingen en trekken redelijke bezoekersaantallen. Tegelijk is er onrust over dat bezoek: het bezoekersvolume stagneert, de gemiddelde museumbezoeker wordt steeds ouder en de aansluiting met jongeren lukt onvoldoende. Op den duur dreigt het instituut museum zo zijn maatschappelijke relevantie te verliezen. Vandaar de opmerkingen van de Raad van Cultuur over het belang van inhoudelijke vernieuwing in musea: zonder vernieuwing namelijk geen nieuwe bezoekers.

Het boekje Het Gedroomde Museum geeft een recept voor deze vernieuwing. Tiziana Nespoli, hoofd tentoonstellingen van het Zoölogisch museum van de Universiteit van Amsterdam, en onafhankelijk tentoonstellingsmaker Arnoud Odding, graven naar de wortels van het museum en komen uit op een gedroomd museum van de eenentwintigste eeuw. Een museum dat het vooral van een verandering in mentaliteit moet hebben.

,,Musea zijn ooit begonnen als verzamelingen en studiecollecties”, legt Odding uit. ,,Wetenschappers en geïnteresseerde burgers raakten daaromheen in gesprek. Zo ontstond een belangrijk centrum van culturele overdracht. Aan de ene kant ging het erom kennis te verspreiden, maar anderzijds ook om gezamenlijk te komen tot nieuwe inzichten. Dat laatste aspect is verwaarloosd geraakt. Het museum hoort een plek te zijn waar je met mensen van mening kunt verschillen over kunst, over de natuur of over wetenschap. Het is nu te veel een plek waar je met een vraagteken naar binnen loopt en met een uitroepteken naar buiten komt, zo van: zo zit het dus! Wij vinden het belangrijker dat je ook met nieuwe vraagtekens naar huis gaat, omdat daarmee een kiem wordt gelegd om opnieuw na te denken over belangrijke en minder belangrijke zaken. Een voorbeeld daarvan was de tentoonstelling 'Neo' over neo-stijlen in het Centraal Museum in Utrecht. Daar werd niet alleen het kunstgeschiedenisboek gevolgd, maar waren ook kostuums te zien van hedendaagse Gothic-meisjes. Dat geeft geweldig te denken.”

Het probleem in musea is volgens beiden niet wát er gepresenteerd wordt, maar hóe dat gebeurd. Nespoli: ,,Musea tonen doorgaans de meest gangbare wetenschappelijke stromingen, verhalen en denkbeelden. Die draagt men uit als objectieve, vaststaande waarheden. Maar waarheid is nooit objectief. Elke waarheid is een waarheid binnen een cultureel bepaalde manier van denken op een bepaald tijdstip. Wij denken dat het museum die zogenaamde objectiviteit in de presentatie los moet laten om een functie te blijven vervullen in de overdracht van cultuur en culturele waarden. Zo'n grote omslag is daar ook niet voor nodig, want het kan met dezelfde collectie. Zolang je de subjectiviteit maar durft toe te laten en de bezoeker ruimte geeft zelf met interpretaties te komen.”

Een veel gehoorde klacht over musea, ook uit musea zelf, is dat tentoonstellingen zo ver vooruit moeten worden gepland. Daardoor zijn sommige tentoonstellingen gebaseerd op verouderde gedachten over het museum. Een flexibeler groep museummedewerkers zou hiervoor een oplossing kunnen bieden. Odding:

,,Een museum heeft baat bij een kleine, wendbare organisatie. Een kleine, vaste kern zorgt voor de continuïteit van het museum, voor de programmering en voor het beheer van het gebouw en de collectie en dergelijke. Daaromheen bouw je een netwerk van mensen die over de inhoud nadenken, waarbij je specialisten uitnodigt al naar gelang zij nodig zijn.” Nespoli: ,,Wij denken aan een 'netwerkconservator' als centraleidee voor de uitvoering: een groep van mensen uit verschillende hoeken van de samenleving die ideeën aandragen voor een tentoonstelling. Zo'n groep van leken en specialisten kan op nieuwe gedachten komen, wat een totaal andere programmering mogelijk maakt.”

Geen vaste specialisten meer in dienst, daar staan de musea vast niet om te springen. De educatieve afdelingen van de musea waarschijnlijk al helemaal niet, gezien de grote investeringen die op dat vlak zijn gedaan. Moet die educatieve staf worden ontslagen? Odding: ,,Welnee, educatie is ontzettend belangrijk! Het probleem is dat educatie te veel wordt gedefinieerd als mensen feitjes bijbrengen. Je moet educatie zien als het prikkelen van mensen tot vragen stellen, tot verwondering. Om met Plutarchus te spreken: leren is geen put vullen, maar een vuur onsteken. In de Nederlandse musea doen we net het omgekeerde.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden