Mumbai laat zich niet opstoken

Na een aanslag met 200 doden staan moslims en hindoes in Mumbai zij aan zij. De animositeit nam de laatste jaren af. Ook dankzij de toenemende welvaart.

Kort na de aanslagen verzamelden zich grote groepen mensen bij de ziekenhuizen in Mumbai, het vroegere Bombay, op zoek naar nieuws over geliefden of bekenden. Onder hen veel moslims die urenlang in de rij stonden voor de bloedbanken. „Het maakt ons niet uit of het een hindoe of een moslim is die ons bloed krijgt; als we hem maar kunnen redden”, zei Abdul Khan, een jonge moslim bij een van de vele ziekenhuizen die de meer dan 700 gewonden hebben opgevangen. Het is een ongewone blijk van harmonie en onderlinge verbondenheid, in een megastad die in het verleden meermalen verscheurd is door rellen tussen aanhangers van beide religies.

Van onderling geweld is dit keer nog niets gebleken. De metropool, het commerciële hart van India met een slordige 18 miljoen inwoners, draait door alsof er niets is voorgevallen. Kantoren en scholen bleven open, en ook de beurs stortte niet in, maar steeg zelfs licht.

Opvallend was ook de snelle hervatting van de treinenloop. Woensdag reden op de door zeven bommen getroffen Western Line weer treinen, weliswaar volgens een beperkte dienstregeling, maar toch. En ze zaten weer bijna net zo vol als anders. „De stad heeft in het verleden meer aanslagen meegemaakt en is er altijd snel weer bovenop gekomen. Mensen moeten naar hun werk. Wat moeten we anders?”, zei een jonge forens op een van de getroffen locaties.

Hoe kan het dat Mumbai zich ogenschijnlijk zo snel herstelt van deze gruwelijke reeks bomaanslagen, die meer dan 200 onschuldige treinreizigers de dood in hebben gejaagd? Het herstel van de treinenloop is het makkelijkst te verklaren. In het krankzinnige spitsverkeer in de megastad is het nagenoeg onmogelijk op per auto op tijd op het werk te verschijnen. De spoorwegen, die per dag meer dan zes miljoen passagiers vervoeren, worden niet voor niets gezien als de levensader van de stad. Maar ook de autoriteiten was er alles aan gelegen om te bewijzen dat zij de situatie snel onder controle hadden, en dat het geen terrorist zal lukken het openbare leven langdurig te ontwrichten.

Mumbai is een stad met grote veerkracht, vooral in tijden van crises, en die zijn er vaak geweest. Het is een stad vol paradoxen, waar puissante rijkdom en bittere armoede naast elkaar wonen en sloppenwijken grenzen aan buurten voor de geslaagde middenklasse. Een havenstad die in z’n eentje goed is voor een flink deel van de belastingopbrengsten van het land, en waar gelukszoekers uit heel India naartoe komen om te proberen een graantje mee te pikken van de economische groei.

Veel inwoners zijn gewoon elkaar te helpen, omdat het stadsbestuur het nogal eens laat afweten of te laat reageert. Zo ging het tijdens de dodelijke overstromingen in de regentijd van dit jaar en vorig jaar, en zo ging het ook na de aanslagen. Sommigen noemen dat de Mumbai spirit, de geest en levenskracht die de inwoners drijft.

„Volstrekte vreemden vervoerden gewonden in hun auto’s, waarbij het ze niets kon schelen of de dure leren bekleding vol bloedvlekken kwam te zitten”, zei Deepa Kumar, die dagelijks de trein neemt naar haar werk. „Het is in dit soort tijden dat deze stad haar hart toont, of mensen nou denken dat Bombay de onbeleefdste stad ter wereld is of niet”, zegt ze, verwijzend naar een recent onderzoek van Reader’s Digest, waar uitkwam dat de inwoners van Mumbai doorgaans laag scoren als het om beleefdheid gaat.

Toch is Mumbai ook een licht ontvlambare smeltkroes van vele religies, waar vooral tegenstellingen tussen hindoes en moslims de afgelopen jaren tot bloedig geweld hebben geleid. Afgelopen weekend nog waren er rellen, nadat een beeld van de overleden vrouw van de oprichter van de hindoe-fundamentalistische Shiv Sena-partij met modder was besmeurd. Radicale aanhangers van de partij bekogelden winkels van moslims met stenen, staken bussen in brand en blokkeerden het verkeer. Shiv Sena wordt ook verantwoordelijk gehouden voor het aanstichten van de sektarische rellen van 1993 in de stad, waarbij naar schatting 900 mensen werden gedood, van wie ongeveer twee derde moslim was. In hetzelfde jaar pleegden vermoedelijke islamitische onderwereldfiguren met banden met Pakistaanse extremisten een reeks bomaanslagen op de beurs van Bombay, treinen, hotels en benzinestations, waarbij zeker 257 mensen de dood vonden en ruim 1100 gewond raakten. Het geweld volgde op een incident in 1992, toen radicale hindoes de 16de-eeuwse Babri-moskee in het in Noord-India geleden Ayodhya afbraken, omdat die gebouwd zou zijn op een belangrijke hindoetempel.

Des te opmerkelijker was het dat diezelfde partij zich na de aanslagen lovend uitliet over de bloeddonaties door moslims in Mumbai. „Hindoes en moslims gingen gisteren hand in hand”, zei een leider van Shiv Sena, een dag na de aanslagen. „In de krant lees je altijd dat er moslimterroristen zitten achter alle subversieve activiteiten die plaatsvinden. Maar deze mensen hebben laten zien wat broederschap is.”

Religieuze leiders van de twee gemeenschappen en waarnemers constateren dat de gemoederen tussen hindoes en moslims de laatste tijd wat minder verhit zijn. Vermoeidheid na tientallen jaren van onderlinge strijd en de stijgende welvaart voor meer mensen, zouden daaraan ten grondslag liggen. „We horen dit jaar steeds vaker geluiden over meer harmonieuze verhoudingen tussen hindoes en moslims in Mumbai, in tegenstelling tot vroeger”, zei Maulana Jalaluddin Umri, een invloedrijke islamitische geestelijke in de hoofdstad New Delhi. „Ze krijgen door dat zich in beide groepen terroristen bevinden, en mensen begrijpen ook beter dat ze niet moeten toegeven aan de tactieken die terroristen gebruiken.”

De verbeterde verhoudingen zouden een verklaring kunnen zijn waarom de terroristen ditmaal juist Mumbai hebben uitgekozen als doelwit; het gaat er te goed. „Naar mijn idee zouden de bommenleggers in Mumbai hun inspiratie weleens ontleend kunnen hebben aan de aanslagen in Londen en Madrid”, stelt Peter Lehr van het Studiecentrum voor Terrorisme en Politiek Geweld van de Britse St. Andrews Universiteit. „Het is een poging om angst en verdeeldheid te zaaien in de hoofden van de mensen en een nieuwe golf van geweld te ontketenen tussen hindoes en moslims. Maar in die opzet hebben zij jammerlijk gefaald.”

Of dat zo blijft, zal nog moeten blijken. Het verleden heeft in India aangetoond dat onbewezen vermoedens of vage geruchten over sektarisch geweld, snel wraakacties van de andere kant kunnen uitlokken. De rellen die ontstonden in de westelijke deelstaat Gujarat in 2002, nadat een treinwagon met hindoe- pelgrims in brand gestoken zou zijn door moslims, zijn daar een voorbeeld van. Meer dan 1000 mensen lieten het leven bij de rellen, van wie driekwart moslim.

De Amerikaans-Indiase journalist Suketu Mehta, schrijver van het boek ’Maximum City’ over Bombay, toonde zich in een interview in 2004 pessimistisch. Volgens hem is sektarisch geweld ingebakken in deze stad. „Steden als Bombay hebben dat soort periodieke uitbarstingen nodig om de opgebouwde energie en frustraties te laten ontsnappen. Eigenlijk is het al te lang rustig.”

Maar veel inwoners van Mumbai waren deze week minder somber. „We zijn hier wel gewend aan crises”, zei de 35-jarige Makarand Bhopatkar, die bedrijfsopleidingen verzorgt. „De stad zal het overleven.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden