MUIS

'het is stil in huis, pim en mien zijn in bed, moe en zus ook, en jan en lien ook, maar hoor ik daar nog wat? was dat geen muis? hoor: piep, piep, er zijn er vast nog meer, ze zijn bij het gat, daar is vast hun nest, hoor al weer: piep, piep.'

Het is een soort boetedoening of rouwverwerking, ik lees het hoofdstukje 'Wie er bij het gat zat' uit Pim en Mien. Want mijn muis is dood en al begraven. En ik heb het zelf gedaan.

Er was geen houden meer aan. Ik had 'm al een tijdje in de gaten, wist waar hij woonde, onder een stapel plastic zakken achter de ijskast. Ik voerde een soort gedoogbeleid, zette wel vallen, maar liet het voedsel daarin verschimmelen tot zelfs een muis er z'n neus voor optrok, en liet het maar zo. De muis werd mijn huismuis. Soms zag ik 'm 's avonds als ik het licht aandeed langs een leiding slalommen, ik riep dan iets in de geest van 'Wat doe jij daar?'; dat was ons enige echte contact: een asielzoeker die mijn taal niet sprak.

Op een moment leende ik de kat van een vriendin, maar liet hem delen in de sabotage van mijn eigen uitdrijving door 'm zoveel zalm en hart te geven, dat het beest geen enkel oog had voor bewegend grut. Na afloop lagen er weer verse muizenkeutels. Ik keerde de hele keuken om, zeepte alles in, verwijderde ieder kruimeltje, en het enige wat ik voelde, was medelijden met de muis die nu in een door een atoombom getroffen ruimte moest leven. Ik verbeet me. It's a dirty job and someone's got to do it.

Muizen zijn te groot om zomaar uit de weg te ruimen. Ze hebben zelfs een soort aaibaarheidsfactor. Er moet een muizenpaar in de ark zijn meegegaan (geen kakkerlakken of pissebedden), we hebben de muisjes in Disney's Assepoester-film, de muisjes van Beatrix Potter, Mickey Mouse. Kortom de Moord op de Muis.

Alfred Döblin schreef ooit een verhaal over een man die een boterbloem 'dood'trapt en er vervolgens een soort eredienst vol wroeging om instelde. Zo voelde ik mij ook, toen mijn muis uiteindelijk toch in een val liep. Daar lag hij, misschien al uren dood, ruw uit dit leven gehaald. Stommeling, dacht ik, terwijl ik 'm met afgewend gelaat in de vuilniszak kieperde, je had hier een mooi leven kunnen leiden, als je niet zo schichtig heen en weer rende en gewoon uit een bakje at, maar je wilde niet. Eigen schuld! Niettemin, heel het existentieel tekort is weer in mij neergedaald.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden