Mozart temt de angst in de afdaling

Als u het voorbije weekeinde voor het eerst een rechtstreekse tv-uitzending van een wielerwedstrijd heeft gezien, dan is het voorstelbaar dat u er weinig van begreep. En ook dat u niet snapt waarom sommige mensen dolenthousiast waren dat het Noord-Europese wielerseizoen van start is gegaan met het tweeluik Omloop Het Nieuwsblad en Kuurne-Brussel-Kuurne. Uitleggen hoe dit wielrennen, met zijn kluwen van belangen, precies in zijn werk gaat in een stukje in de krant is haast onbegonnen werk.

Om een aardige indruk te krijgen van die machinaties van het peloton is het een idee 'Verborgen motor' te lezen van psycholoog Martijn Veltkamp. Het is een 220 pagina's tellend boekje over de 'psychologie van het wielrennen'. 'Verborgen motor' kwam vorig jaar al uit, maar is ook voor de ervaren koerskijker geen straf aan het begin van het seizoen. Het scherpt de zinnen weer. Het frist het geheugen op en geeft kans de wielerlust weer tot bloei te laten komen. Het zorgt er ook voor dat je kritisch kijkt naar wat er allemaal rondom dat peloton af gebazeld wordt ¿ helaas blijft 'Verborgen motor' daarvan ook niet verschoond.

Veltkamps intenties zijn eenvoudig. Hij schrijft dat hij met zijn boek 'meer inzichten probeert te geven in de mentale aspecten van sporten door voorbeelden uit verschillende grote wielerwedstrijden te koppelen aan psychologische onderzoeken die het verloop van de wedstrijd verklaren'. Veltkamp behandelt thema's als sociale dilemma's, angst in afdalingen, het 'mentaal breken' in de achtervolging, motivatie, wilskracht en doping. Sommige zijn verassend (Gianni Bugno temde zijn dalingsangst door te luisteren naar Mozart), andere zijn wat obligaat, twijfelachtig of zeer mager. Zo noemt hij de wielrenner Andy Schleck 'een twijfelaar' omdat oud-coureur Mario Cipollini de renner uit Luxemburg ooit zo karakteriseerde in een interviewtje op een website.

Interessanter bijvoorbeeld is de uiteenzetting van het principe van 'tit-for-tat' (voor wat hoort wat), als een renner uit een vluchtgroep demarreert en de achtergebleven personen zich afvragen wie de kastanjes uit het vuur gaat halen. Ga ik het doen? Wacht ik af? Kunnen die anderen de kolere krijgen?

Veltkamp betoogt dat je als renner het beste snel kunt reageren op de uitval, om zodoende te laten zien aan je concurrenten dat je bereid bent te werken om de vluchter terug te pakken, waardoor je concurrenten je zullen vertrouwen ¿ en ook gaan meewerken. Bijgevolg voordeel: in de finale zou die renner van dat vertrouwen misbruik kunnen maken door er zelf in een onbewaakt ogenblik vandoor te gaan om te winnen.

De psychologische processen die Veltkamp beschrijft, zijn vaak terzake doende, alleen zijn de voorbeelden niet altijd even gelukkig en soms is ook de gevolgtrekking dubieus. Zoals wanneer hij de hechte sfeer van de CSC-ploeg (door lessen van een marine-commando die schaafde aan de teamgeest) als oorzaak noemt voor het gedrag van renners die elkaar de hand boven het hoofd hielden 'waar het doping betrof'. Dat is niet exclusief voor CSC, dat gold voor zo'n beetje alle ploegen die de voorbije twintig jaar in het peloton rondreden. Dat is de wieler-omerta.

Als ervaren pelotonbeschouwer moet je wel blijven opletten, en tot je nemen wat van belang is en wat nieuw is. Als instromer kun je genieten van wat het peloton je kan verschaffen. En dat is veel. 'Verborgen motor' is daarbij een goed instrument.

De verborgen motor, over de psychologie van het wielrennen van Martijn Veltkamp. Uitg. Prometheus, 220 blz, 19,95 euro.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden