Moslim-hoogleraar wil rectificatie interview

AMSTERDAM - Professor Arkoun, de islamitische hoogleraar die dinsdag naar Nederland zou komen voor een serie lezingen over een Europese islam, eist rectificatie van een interview in De Krant op Zondag.

Arkoun heeft vanuit zijn woonplaats Parijs elke verantwoordelijkheid voor het interview afgewezen. Hij eist dat de Krant op Zondag hem de gelegenheid geeft in een eigen stuk de gemaakte fouten recht te zetten. De onrust die is ontstaan kan zijn kandidatuur als eerste moslim op een Nederlandse hoogleraarstoel onmogelijk maken. Een moslim als hoogleraar islam wordt al vele jaren door de moslimorganisaties bepleit. Na jarenlange discussie stelde minister D'Ancona van WVC vorige week voorlopig 50 000 gulden subsidie voor zo'n post beschikbaar. Nadrukkelijke voorwaarde is dat de persoon op die plaats 'een breed draagvlak geniet onder de moslims in Nederland'.

Afgaande op het artikel in De Krant op Zondag hebben de belangrijkste Nederlandse moslimorganisaties de komst van Arkoun als hoogleraar afgewezen. Sommige kranten maakten vanwege de onrust al melding van 'een nieuwe Rushdie-affaire'.

'Sinds Gallilei is de Koran verouderd', kopte de krant boven het interview met Arkoun, dat een halve pagina in beslag neemt. Volgens de vette aanhef zou Arkoun onder andere beweren dat het vieren van de vastenmaand ramadan in Nederland ongezond zou zijn. Volgens de rest van het artikel zou de bekende Algerijnse hoogleraar, zelf een belijdend moslim, tegen islamitische scholen zijn en vinden dat Nederland moet optreden tegen landen die imams (gebedsvoorgangers) naar Nederland sturen.

De mededeling dat Arkoun bovendien al als hoogleraar zou zijn aangesteld legde een bom onder de toch al tere verhoudingen tussen progressieve, westers georienteerde en traditionele moslims. Afgesproken was immers over deze belangrijke benoeming met alle landelijke moslimorganisaties te overleggen. De moskeeverenigingen die in grote meerderheid geen overheidsbemoeienis willen met hun religieuze zaken, ervaren 'de benoeming' zonder overleg van iemand met dergelijke denkbeelden als een klap in het gezicht.

Voorzitter E. Ates van de Turks culturele islamitische federatie, waarbij 85 moskeeverenigingen zijn aangesloten, zegt dat hij inderdaad grote moeite heeft gehad de woede van sommige Turkse leden tot bedaren te brengen. "Het had inderdaad niet veel gescheeld of er waren acties gekomen zoals tijdens de Rushdie-affaire" De TICF zou liever een orthodoxere hoogleraar dan Arkoun zien, maar wijst acties af. Atec verwacht dat zijn achterban zich daaraan houdt. "Wetenschappers dienen in vrijheid lezingen te kunnen houden. Mochten mensen zich misdragen tijdens de lezingen, dan zullen wij dat veroordelen." Volgende week zullen de moslimorganisaties overleggen met het Amsterdams centrum buitenlanders, dat de subsidie voor de leerstoel in de wacht sleepte en voorstelde daarvoor de liberale Arkoun te benoemen. Ates zei nog niet te zijn benaderd om deel te nemen aan de adviescommissie voor de benoeming van de nieuwe hoogleraar in september. Volgens het ACB en de Universiteit van Amsterdam zullen echter alle grote moslimorganisaties daartoe worden verzocht.

De journalist van de Krant op Zondag die in Parijs met Arkoun sprak zegt "zeer ongelukkig" te zijn met de manier waarop zijn artikel in de krant is gekomen. De kop en de introductie zijn door een bureauredacteur geschreven, en deze heeft het artikel zonder medeweten van de journalist bewerkt. "Hij heeft het zo plompverloren mogelijk opgeschreven, zo heeft Arkoun het allemaal niet gezegd." De hoofdredactie van De Krant op Zondag en Arkoun zelf waren gisteravond niet bereikbaar voor commentaar. Professor Arkoun wordt in het westen als een van belangrijkste moslimintelectuelen beschouwd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden