Interview

Moskou’s les voor Afrika: vrees het volk

Patrick Bond is hoogleraar economie. Beeld Bram Lammers

Ideologie speelde nauwelijks een rol in de Koude Oorlog, die gruwelijke burgeroorlogen in Afrika voedde. Maar de communistische leer was wel belangrijk in Zuid-Afrika, legt Patrick Bond uit.

Geen conflict in Afrika heeft Nederland meer beroerd dan de strijd tegen de apartheid. In die strijd had de vrijheidsbeweging ANC een belangrijke bondgenoot aan zijn zijde: de Sovjet-Unie. De beweging kreeg allerhande steun van Moskou, vooral via de Zuid-Afrikaanse communistische partij SACP, die deel uitmaakte van het ANC. Ook huidige Zuid-Afrikaanse leiders zijn door die band gevormd. Zowel president Jacob Zuma als diens voorganger Thabo Mbeki kreeg een militaire opleiding in de Sovjet-Unie. Beiden zaten in het SACP-bestuur.

Maar van alle communistische idealen kwam na de afschaffing van de apartheid weinig terecht, zegt hoogleraar economie Patrick Bond. Alleen de anti-imperialistische retoriek is gebleven. “Datzelfde geldt voor bijna alle communistische bewegingen in Afrika die na de dekolonisatie de macht kregen: links praten, rechts doen.”

Hoe groot was de rol die het communisme speelde in de anti-apartheidsstrijd?

“Die rol was diepgaand. De SACP werd opgericht in 1921. In 1927 vroeg de partij de Sovjet-Unie om advies over de koers. Dat was een cruciaal moment, het communisme zocht aansluiting bij dekolonisatiebewegingen. De SACP kreeg van Moskou de opdracht zich voorlopig wat minder te richten op het organiseren van witte arbeidersprotesten, en vooral steun te gaan leveren aan de anti-koloniale strijd.

“De SACP ging ondergronds vlak voor zij in 1950 werd verboden, en ging zelfs op in het ANC. Communisten bezetten veel sleutelposities binnen die vrijheidsbeweging. Daar kwam soms kritiek op. Maar Nelson Mandela schreef naderhand dat het ANC tijdens de bevrijdingsstrijd het talent van de SACP juist hard nodig had gehad, bijvoorbeeld dat van de briljante advocaat Bram Fischer.”

De communisten stonden onder stevige invloed van Moskou?

“In Zuid-Afrika moet je eigenlijk onderscheid maken tussen drie vormen van communisme: stalinisme, trotskisme en Onafhankelijk Links. De SACP werd vooral geïnspireerd door de stalinistische Sovjet-Unie. Veel SACP-leden gingen naar de Sovjet-Unie voor een opleiding en militaire training. Ik bezocht twintig jaar geleden het Lenin Instituut in Moskou. Daar vertelden mensen dat, van alle studenten die er tijdens de Koude Oorlog van over de hele wereld naartoe kwamen, twee Zuid-Afrikanen de meeste indruk hadden gemaakt. Een van hen was de latere president Thabo Mbeki. Het trotskisme is in Zuid-Afrika daarentegen altijd klein gebleven. En onafhankelijke linkse bewegingen kwamen pas vanaf de jaren zeventig op.”

Wat is het verschil tussen de drie stromingen?

“Het communisme van Mbeki en de huidige president Zuma - tot 1989 zaten zij samen in het centrale comité van de SACP, daarna namen ze er wat afstand van - baseerde zich dus op het stalinisme. Die filosofie ging uit van een revolutie in twee fasen: eerst het uitbannen van racisme en imperialisme binnen het bestaande kapitalistische systeem en pas daarna de socialistische arbeidersrevolutie.

“Trotskisten geloven niet in twee fasen, maar in een permanente revolutie, geleid door een revolutionaire voorhoede die de arbeidsklasse helpt zich voortdurend te organiseren. De onafhankelijke linkse bewegingen ontstonden van onderaf, via vakbonden en in de townships. Zij zoeken doorgaans naar een meer democratische revolutie.”

Met de val van de Muur in 1989 kwam er een eind aan de invloed van Moskou op het ANC. SACP-leider Joe Slovo voelde zich dat jaar zelfs genoodzaakt een soort excuus te schrijven voor zijn fervente verdediging van het stalinisme in de decennia daarvoor, vertelt Bond. In het artikel ‘Has Socialism Failed’ onderkende Slovo de stalinistische excessen en zwaktes van de socialistische beweging. In 1994 kwam hij als ANC-minister van volkshuisvesting met een volkshuisvestingsprogramma, “gestimuleerd door de Wereldbank, en dat had echt niets meer met communistisch collectivisme te maken, het zag de allerarmsten over het hoofd”, zegt Bond. “De SACP werd een soort sociaal-democratische partij die nog maar zelden een bedreiging vormt voor het grootkapitaal. Ze voert nog wel actie tegen banken, maar niet meer met het doel die te nationaliseren, slechts om ze te bewegen meer mensen een rekening te verschaffen en om een aantal van die mensen wat schulden kwijt te schelden.” 

De rol van het communisme was met het einde van de anti-apartheidsstrijd uitgespeeld?

“Die van het stalinistisch geïnspireerde communisme wel. De eerste fase van de revolutie was bereikt: een systeem van non-raciaal kapitalisme. En niemand leek nog aanstalten te maken voor de tweede fase: de verheffing van de arbeidersklasse. Het probleem is alleen dat het non-raciale kapitalisme dat in Zuid-Afrika na de apartheid ontstond geen natuurlijk kapitalisme was waarin organisch een zwarte bourgeoisie opkwam, iedereen ongeacht huidskleur handel met elkaar ging drijven, fabrieken uit de grond schoten en zich een sterke arbeidsklasse ontwikkelde. Nee, in plaats daarvan ontstond een parasitaire, corrupte en extreem ongelijke vorm van kapitalisme.

“Meer dan de helft van alle Zuid-Afrikanen leeft nog steeds in armoede. Het systeem kan hun niet eens materiële basisvoorzieningen leveren, zoals voldoende voedsel, een fatsoenlijk huis en gedegen vervoer.”

Had het op het communisme gebaseerde Onafhankelijke Links meer toekomst?

“In de jaren zeventig kwamen nieuwe linkse bewegingen op: de filosofie van zwarte bewustwording, de organisaties rond de rellen in Soweto in 1976, en vanaf de jaren tachtig Township Sovjets. Dat waren townships die zichzelf verenigden en via vakbonden en burgerorganisaties protesten organiseerden. Inspiratie was het ideaal van zichzelf organiserende fabrieken in de Sovjet-Unie. Veel baby’s in de townships kregen toen ook namen als Lenin en Stalin, als eerbetoon. Deze vorm van socialistische revolutie van onderop bleef na de afschaffing van de apartheid bestaan.

“Het beste voorbeeld is het massale protest begin deze eeuw om aidsmedicijnen gratis te maken. De medicijnen kostten vóór de protesten tienduizend euro per jaar. Nu zijn ze gratis en is de levensverwachting gestegen van 52 naar 64 jaar. Een enorme prestatie, gezien de macht van de farmaceutische industrie.

“Deze nieuwe vorm van socialisme lijkt een beter werkend alternatief dan het twintigste-eeuwse communisme met al zijn controversiële aspecten.”

Ook in de rest van Afrika is van klassiek communisme weinig over. Bond meent zelfs dat ideologie vaak een ondergeschikte rol speelde. Anti-koloniale bewegingen als MPLA in Angola en Frelimo in Mozambique noemden zich weliswaar communistisch en kregen tijdens de Koude Oorlog veel steun van de Sovjet-Unie, maar waren nooit werkelijk uit op een socialistische revolutie van het proletariaat. “Simpelweg omdat er feitelijk geen arbeidersklasse bestond. Het waren vooral militaristische organisaties die burgeroorlogen uitvochten om macht. Ze werden allemaal dictatoriaal.”

Bond noemt Thomas Sankara, de voormalige leider van Burkina Faso. “Hij hield prachtige socialistische toespraken en zette allerlei programma’s en campagnes op. Maar uiteindelijk was het allemaal van bovenaf opgelegd, geen arbeidersrevolutie. Sankara bleef toch gewoon een legerleider die met een coup aan de macht was gekomen.”

Praktisch alle communistische bevrijdingsbewegingen in Afrika groeiden uit tot zeer corrupte organisaties. “De linkse retoriek zit diep in hun DNA, maar ondertussen knijpen zij hun bevolkingen uit”, zegt Bond. “Neem president Robert Mugabe van Zimbabwe. Die valt de ene dag in 2005 het Britse imperialisme aan, om de volgende dag met een plan te komen om alle krottenbewoners met geweld de steden uit te jagen. Dat soort tegenstrijdigheden pikten Afrikaanse leiders op in de Sovjet-Unie.”

Wat leerden zij daar dan precies?

“Dat je juist bang moet zijn voor de massa. Niet voor niets moordde Stalin al zijn tegenstanders uit. Hij vormde de socialistische revolutie om tot een systeem van staatskapitalisme, waarin het grootste deel van het volk werd uitgebuit door een bureaucratische toplaag. In Zuid-Afrika zie je onder het ANC iets vergelijkbaars. In de Sovjet-Unie maten Afrikaanse leiders, ook veel kopstukken van het ANC, zich een manier van besturen aan met nogal wat dictatoriale trekken. Die combineerden zij vervolgens met marxistische en anti-imperialistische retoriek, doorgaans holle woorden.”

Het ANC liet Zuid-Afrika volgens u naadloos opgaan in de kapitalistische wereldeconomie, zegt u, en ook de uitbuiting bleef in stand?

“Er zijn wel wat zaadjes van socialisme in de grondwet te vinden, maar Zuid-Afrika is verder een hard en rauw oord. Economisch gezien is het het meest ongelijke land ter wereld, met volgens PricewaterhouseCoopers het allercorruptste bedrijfsleven op aarde, vol uitbuiting van werknemers, vrouwenonderdrukking en milieuvervuiling op een onvoorstelbare schaal.

“Het hoeft dus niet te verbazen dat de Zuid-Afrikaanse arbeiders al jaren worden gezien als de meest militante ter wereld. Denk aan het bloedbad bij de Marikanamijn in 2012. Onder het arme deel van de bevolking bouwt zich steeds meer woede op. Alle corruptieschandalen rond president Zuma verminderen bovendien de legitimiteit van de regering. In geen land ter wereld zijn de condities voor een nieuwe revolutie beter dan in Zuid-Afrika. Het zal moeilijk worden de orde blijvend te handhaven in dit land.”

Wie moet zo’n nieuwe arbeidersrevolutie dan aanzwengelen?

“Hou de partij Economic Freedom Fighters (EFF) in de gaten. Zij omschrijft zichzelf als marxistisch, leninistisch en fanonistisch - zij baseert zich mede op de filosofie van anti-imperialist Frantz Fanon. Zij kaart voortdurend de begrenzingen van het kapitalisme aan. Ook in het parlement. Dat doet de SACP niet.

“Overal in Zuid-Afrika wordt al jaren massaal gedemonstreerd. Maar het zijn vaak lokale, versplinterde protesten. Terwijl ze bijna altijd over dezelfde onderwerpen gaan: gratis basisvoorzieningen zoals elektriciteit en water. De vaak onbewuste ideologie achter deze roep om onvoorwaardelijke toegang tot basisvoorzieningen noem ik commoning. Het uiteindelijke doel daarvan is om de eigendomsrechten op zulke zaken af te schaffen. Daarin ligt de toekomst van communisme in Afrika. De grootschalige #FeesMustFall-studentenprotesten van twee jaar geleden, voor gratis universitair onderwijs, waren er ook een voorbeeld van.

“Wellicht dat de EFF de verbinding gaat vormen tussen al deze protesten, maar misschien ook dat sociale media daartoe in staat zijn. Want op een plaats waar veel revolutionair potentieel bestaat, kan een kleine vonk al een grote opstand veroorzaken.” 

Politiek econoom Patrick Bond (1961) is hoogleraar in Johannesburg. Hij schreef onder andere ‘Talk Left, Walk Right: South Africa’s Frustrated Global Reforms’. Tijdens Mandela’s presidentschap schreef de geboren Noord-Ier voorstellen voor betere gezondheidszorg, huisvesting en de elektriciteits- en watervoorziening.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden