Essay

Morrelen aan man en vrouw

Caitlyn Jenner op de cover van Vanity Fair, gefotografeerd door Annie Leibovitz. Rechts: Conchita Wurst. Beeld epa

In het begin was het simpel. Je had Adam en je had Eva. Dat bleek toch een tikje genuanceerder te liggen.

Het is een vrij nieuw fenomeen: de transgender. Van beroemdheden als de supervrouwelijke Caitlyn (vroeger: Bruce) Jenner of de sekse-ambigue Conchita Wurst, tot aan verzet tegen de hokjes man en vrouw: onder de vlag van transgender varen allerlei mensen en ideeën.

Transgender Netwerk Nederland noemt het een 'parapluterm' voor mensen wier "genderidentiteit en/of expressie afwijkt van het geslacht dat hun bij de geboorte is toegewezen. Deze term omvat een spectrum aan genderdiverse mensen, onder wie transmannen, transvrouwen, crossdressers en vele anderen die zich niet (enkel) identificeren als man of vrouw." Pais en vree, ieder zijn ding. Toch verbloemt het gemak waarmee al deze verschillende mensen in een adem worden genoemd een netelige kwestie.

Maar laten we bij het begin beginnen: de vanzelfsprekend gemaakte verdeling in mannen en vrouwen. Zoals in de Bijbel. "En God schiep de mens naar zijn beeld; naar Gods beeld schiep hij hem; man en vrouw schiep Hij hen" (Gen. 1:27).

Verdeling
Volgens Aristophenes in Plato's 'Symposium' waren mensen eerst één wezen dat door Zeus als man en vrouw in tweeën werd verdeeld. Sindsdien zoeken mensen naar hun andere helft om zich weer te kunnen verenigen. Ook in de evolutieleer speelt de verdeling in (en concurrentie tussen) mannen en vrouwen een grote rol. Het is niet zo vreemd, want seks tussen mannen en vrouwen staat ook aan het begin van mogelijk nieuw leven. Man en vrouw, man-zijn en vrouw-zijn, lijken daarmee 'van God gegeven' of 'natuurlijk': diep in de natuur verankerd en vanzelfsprekend. Oer. Niet aan te tornen.

Tornen aan gender, dat is precies wat transgenders doen. Of althans, ze tornen aan de strikte relatie tussen lichamelijke sekse en genderidentiteit. Dat begon met de eerste operaties van transseksuelen. Na de wereldberoemde operatie van Christine Jorgensen in 1952 werd transseksualiteit in 1980 opgenomen in de DSM (het internationale handboek voor psychische stoornissen). Hier ging het om mensen die om behandelingen vroegen om hun lichaam aan te passen aan de sekse waarmee ze zich identificeerden.

Later ontstond het begrip transgender als een kritiek op de eis om óf man, óf vrouw te zijn, een radicaal pleidooi voor meer ambiguïteit en flexibiliteit. In de jaren negentig ontstonden ook in Nederland zulke transgender-initiatieven, met kritiek op sekseregistratie in het paspoort en de eis een 'man met een kut' te mogen zijn. Genderklinieken die transseksuelen behandelden, namen deze kritiek ter harte. Hun websites spreken nu allerlei mensen 'die zich niet thuisvoelen in het hokje man of vrouw' aan; transseksuelen gelden als de sterkste vorm van deze 'genderdysforie'.

Conchita Wurst Beeld epa

Tornen aan gender, dat is ook precies wat genderstudies doen. Sinds jaar en dag - het instituut voor genderstudies waar ik werk bestond onlangs dertig jaar - houdt dit vakgebied zich bezig met het ontrafelen van de 'mythen van gender': de manieren waarop gender vanzelfsprekend, natuurlijk of van goddelijke oorsprong wordt gemaakt.

Maar er is ook een verschil met transgenders. Zij zoeken naar een manier om zichzelf te kunnen zijn los van hun lichamelijke sekse. Genderstudies benadrukken dat gender niet alleen in mensen zelf zit, maar ook in maatschappelijke patronen, bijvoorbeeld wanneer mannen geacht worden te vechten en de competitie aan te gaan, en vrouwen om te zorgen en samen te werken. Gender zit ook in schoenen, brillen en deodorant. Gender zit in de link tussen feminisering en de devaluatie van het werk in onderwijs en zorg.

Hokjes
Gender zit in opvattingen over wat politiek is, en wat 'slechts' persoonlijk. Kortom, als mensen zich 'niet thuisvoelen in het hokje man of vrouw' is er niet alleen iets met henzelf aan de hand. Die hokjes hebben we immers als samenleving zelf gebouwd. Zoals Mounir (voorheen: Monique) Samuel onlangs twitterde: "Veel mensen vragen mij hoe het is om in het verkeerde lichaam te zijn geboren. Maar ik woon in de verkeerde wereld, niet in het verkeerde lijf." Zo wordt het persoonlijke weer politiek.

Een deel van de transgenders zoekt, met alle verwarring van dien, naar een manier van leven waarin ze als man noch vrouw te boek staan. Dit is een moeilijke weg, omdat mensen wier geslacht niet zo duidelijk is, zowel in hun privéleven als in de publieke ruimte soms sterk worden geconfronteerd met de behoefte van anderen hen duidelijk te kunnen plaatsen.

Neem het verhaal van Selm Wenselaers (Tijd, 23 mei), die zich voortdurend moet bewegen tussen verwachtingen over mannen en vrouwen, en wie zij-/hijzelf wil zijn. Op Schiphol zorgt het verschil tussen uiterlijk en paspoort tot verwarring over de fouillering - moet dat nu door een man of een vrouw?

Show
Door dit soort problemen geven transgenders het soms op. Zo vertelde Arianne van der Ven in de VPRO-documentaire 'De ware sekse' (2011) hoe zij het gestaar zat was geworden, en vooral om die reden voor een verdere lichamelijke transformatie had gekozen. Het ging haar niet om een soort van innerlijke essentie van vrouw-zijn.

Ook Maxim Februari is er open over: hij was klaar met de manier waarop mensen hem als vrouw bejegenden. Zich maar al te zeer bewust van het feit dat gender een hokje is dat door de samenleving is gemaakt, koos hij toch voor deze weg.

We zien ook mensen die juist van genderambiguïteit en flexibiliteit een soort show maken, zoals Conchita Wurst tijdens het Eurovisie Songfestival in Kopenhagen, of de jonge Amsterdamse modeontwerper Jelle Haen. Hij zei in juli van dit jaar in NRC Handelsblad: "Ik walg totaal niet van mijn lichaam. Alleen voor de buitenwereld zou een geslachtsverandering iets uitmaken, ikzelf zou me er niet anders door voelen. Ik ben geen vrouw, ik ben geen man, ik ben Jelle." Hier lijkt gender vooral de expressie van een uniek zelf te zijn. Over wie stofzuigt of de was ophangt gaat dit zeker niet.

Er is in Nederland ook een aanstormende generatie jonge transgenders die met hulp van de genderklinieken als adolescent al aan een totale transitie beginnen. Hun vroege lichamelijke overgang - begonnen met puberteitsremmers - maakt het mogelijk om, zoals een van de internationale pioniers van deze behandeling, Peggy Cohen-Kettenis, trots vertelt, vrijwel 'onzichtbaar' te worden: "Ze zien er onopvallender uit en daardoor kunnen anderen zich veel makkelijker met hen identificeren."

Invoelbaar
In een programma als dat van Arie Boomsma wordt het transitieproces dat deze jongeren doormaken voor een groot publiek invoelbaar. 'Hij is een zij', heette het programma waarin transgender-jongeren 'bezig waren meer en meer zichzelf te worden'. Hier is geen twijfel meer over wat dit 'zelf' is: 'man' of 'vrouw'. Dat zien we ook in de wijze waarop Bruce/Caitlyn Jenner - ooit olympisch kampioen tienkamp - dit jaar in de media werd gelanceerd. Zij verscheen als vrouwelijk topmodel op de cover van Vanity Fair met de woorden 'I am Cait'.

Het 'zelf', jezelf zijn, jezelf vinden en uitdrukken, is in de westerse wereld de kern van zingeving geworden. In de media zijn transgenders de kampioenen van deze moderne moraal: tegen alles in weten zij toch zichzelf te vinden en uit te drukken. Hun ontroerende verhalen over hoe ze met veel moeite proberen zichzelf te zijn, raken ons. Maar ze ontnemen ons tegelijkertijd het zicht op een cruciaal verschil tussen transgenders. Een manier om dat te laten zien is nogal banaal, maar wel effectief: follow the money. Waar gaat het geld heen? Waarin wordt geïnvesteerd? En waarin niet?

Beeld thinkstock

In Nederland is een heel apparaat opgebouwd rondom de transitie van transgenders. Hier horen langdurige diagnose- en hulpverleningstrajecten bij, medische kennisontwikkeling, operatiefaciliteiten, farmaceutische kennis en het verstrekken van medicijnen, spraaktherapie, de facilitering van de juridische transitie.

Balans zoek?
Langzamerhand worden ook leerkrachten die iets opmerken in stelling gebracht, krijgen ouders steeds makkelijker het idee dat ze wellicht met een transgenderkind te maken hebben, en wordt de 'toeleiding' naar de genderklinieken zelf dus steeds beter geregeld. Prachtig. Maar is de balans niet zoek?

Als we ons alleen richten op het persoonlijke 'zelf' van de transgenders en een goede begeleiding van hun transitie, en nauwelijks op de politiek van gender, missen we de mogelijkheid om problemen voor transgenders vanuit samenleving en cultuur aan te pakken. Dit geldt vooral voor kinderen en adolescenten.

Kunnen we niet tenminste naast de nu bestaande mogelijkheden om jongeren een gendertransitie te laten ondergaan een 'apparaat' ontwikkelen waarmee we kinderen leren dat niet iedereen op dezelfde manier jongen of meisje is? Kunnen we niet zorgen dat pubers elkaar niet genadeloos afstraffen bij elke lichte afwijking van de gendernorm? En ruimte maken in gymlessen, in sportzalen, op scholen, op vakantiekampen en in de gezinnen zelf voor jongeren die niet 'passen'? Uit onderzoek waarbij ik nauw betrokken ben, blijkt opnieuw dat het scheldwoord 'homo' in brugklassen welig tiert, wat elk 'onmannelijk' gedrag van jongens zo goed als onmogelijk maakt. Meisjes tobben met het etiket 'slet'.

Laten we voorkomen dat een eenzijdige investering in 'onzichtbare' transities van transgender-jongeren de norm wordt. Zorg vooral óók voor veiligheid en ruimte onder jongeren om hun gender in vele variaties te beleven en te betwijfelen. Immers, als gendervariaties uit de leefwereld van jongeren verdwijnen, versterkt dit juist de norm om 'echt' vrouwelijk of mannelijk te zijn. Stop daarom ook geld, tijd, kennis en aandacht in een programma dat jongeren leert ruimte te maken voor álle (trans)genders. Dat lijkt me een goed begin.

Genderhistorica Geertje Mak (1961) doceert aan de Radboud Universiteit. Ze schreef 'Doubting Sex. Inscriptions, bodies and selves in 19th-century herma- phrodite case histories'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden