Moordenaar Chris Hani redt zijn huid maar toont geen berouw

PRETORIA (DPA, Reuter) - Op de dodenlijst van extreem-rechts in Zuid-Afrika stond ook Richard Goldstone, die van juli 1994 tot oktober vorig jaar hoofdaanklager is geweest van het Joegoslavië-Tribunaal in Den Haag.

Dat zei Janusz Walus, de moordenaar van communistenleider Chris Hani, gisteren voor de Waarheidscommissie in Pretoria. Walus, die Hani in 1993 doodschoot, sprak voor de Waarheidscommissie om amnestie te krijgen. Volgens hem stonden op de dodenlijst naast Hani en Goldstone zeven andere personen, onder wie ANC-leider Nelson Mandela. Walus, een Poolse immigrant, zei dat hij de moord uit vrees voor het communisme heeft gepleegd. Hij was lid van de extreem-rechtse Afrikaner Weerstandsbeweging van Eugene TerreBlanche en gelooft nog steeds in de rechtvaardigheid van zijn toenmalige kruistocht.

Voor zijn komst naar Nederland verwierf Goldstone zich een reputatie met zijn onderzoeken naar het geweld in Zuid-Afrika. Die toonden aan dat delen van de veiligheidsdiensten direct betrokken waren bij geheime en illegale operaties tegen het ANC. Met zijn werk dwong Goldstone respect af bij zowel blank als zwart en leverde hij een bijdrage aan de ontmanteling van het apartheidssysteem. Goldstone is nu rechter bij het constitutionele hof in Zuid-Afrika. Hij had van president Mandela verlof gekregen van die functie om het VN-hof op poten te zetten.

Nauwkeurig vertelde Walus hoe hij van dichtbij vier kogels schoot in het lijf van communistenleider Chris Hani, in de hoop daarmee te voorkomen dat de apartheid zou worden afgeschaft. De aanslag in 1993 bracht het land op de rand van een burgeroorlog.

Hani's weduwe Limpho en haar dochter hoorden ineengekrompen in het stadhuis van Pretoria aan hoe Walus voor het eerst de details gaf van de moordaanslag. De blauw-ogige en blonde Walus vertelde de commissie dat hij ook maar de opdrachten uitvoerde van de man met wie hij destijds samenzweerde: Chris Derby-Lewis, de politicus van de Conservatieve Partij die nu ook amnestie heeft gevraagd. Volgens Walus kreeg hij van Derby-Lewis een lijstje met daarop de belangrijkste vijanden van rechts. Bovenaan stond ANC-leider Nelson Mandela, nummer twee was de blanke communist Joe Slovo en Hani was drie. “Derby-Lewis zei me dat we ons zouden concentreren op nummer drie en vroeg me of ik bereid was deze taak op me te nemen. Ik heb me toen bereid verklaard.”

Walus vertelde dat hij een tijdje had rondgehangen bij Hani's woning in een brave buitenwijk van Johannesburg, om de bewegingen van zijn slachtoffer en diens beschermers in kaart te brengen. Op paaszaterdag leek hem de tijd gekomen de man te doden die door zijn opdrachtgever was omschreven als de anti-christ, maar die na Mandela de populairste man van het land was op dat moment. Hij kocht kogels en volgde de auto van Hani op weg naar naar een nabijgelegen winkelcentrum. Daar achtte hij het te druk voor de aanslag en hij wachtte totdat zijn slachtoffers naar Huis reed. “Toen Hani uit de auto kwam, volgde ik hem. Ik wilde hem niet in de rug schieten, dus ik riep zijn naam. Toen hij zich omdraaide schoot ik meneer Hani in de buik. Hij viel op de grond en ik vuurde een kogel af op zijn hoofd, daarna nog twee met de loop tegen zijn slaap.”

De moord dreigde de aanzet te zijn tot een geweldsexplosie in Zuid-Afrika, dat in die tijd behoedzaam naar wegen zocht om zich op een vreedzame wijze te ontdoen van de apartheid. Dankzij precair politiek overleg tussen de betrokken partijen en vooral door de rol van Mandela, die als was hij al president opriep tot kalmte in het land, bleef de situatie onder controle.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden