Moorden als memorie

Het is het onopvallendste monument van Parijs en het lijkt wel alsof het niet bedoeld is om gezien te worden. In de lage kademuur langs de Seine aan de Quai du Marché-Neuf, op de hoek met de Pont Saint-Michel en recht tegenover de prefectuur van politie, is een kleine bronzen plaquette bevestigd. 'Ter herinnering aan de talrijke Algerijnen die werden gedood bij het bloedig neerslaan van de vreedzame demonstratie van 17 oktober 1961.' De plaquette werd pas in 2001 geplaatst. Wat moet onder 'talrijke Algerijnen' worden verstaan? Volgens de politie aanvankelijk twee. Volgens latere onderzoekers tussen de 30 en 200. In ieder geval werden in de dagen na 17 oktober 'talrijke' lijken van mishandelde Français musulmans d'Algérie, zoals de officiële benaming van Franse burgers van islamitisch-Algerijnse origine luidde, stroomafwaarts in de Seine gevonden.

De demonstratie van 17 oktober vond plaats in een chaotische periode uit de Franse geschiedenis. De Algerijnse bevrijdingsoorlog naderde zijn doel. De Algerijnse bevrijdingsbeweging FLN verbrak in augustus 1961 een staakt-het-vuren op het Franse grondgebied en pleegde tal van aanslagen op politieagenten. De extreem-rechtse terreurbeweging OAS, die tegen de naderende onafhankelijkheid van Algerije was, pleegde aanslagen op willekeurige doelen, op Algerijnen en hun sympathisanten én op vertegenwoordigers van de Franse staat, tot president De Gaulle aan toe.

Bij de begrafenis van een door de FLN gedode politieman zei Maurice Papon, de Parijse prefect van politie, dat "voor elke klap tien klappen teruggegeven zullen worden". Deze Papon hield zich in de jaren '50 al bezig met het martelen van Algerijnse onafhankelijkheidsstrijders en was als hoge politiefunctionaris in de Tweede Wereldoorlog verantwoordelijk voor de deportatie van Franse Joden uit de regio Bordeaux. Voor zijn aandeel in de Jodenvervolging werd hij pas na een lange ambtelijke carrière in 1998 veroordeeld.

Op 5 oktober 1961 kondigde Papon voor Parijs een avondklok voor Frans-Algerijnen af. Ja, u leest het goed: een avondklok voor Frans-Algerijnen. In 1961, in Parijs. Hen werd 'ontraden' 's avonds naar buiten te gaan.

In de avond van dinsdag 17 oktober kwamen tussen de 30.000 en 40.000 Frans-Algerijnen uit de banlieue en de toen bestaande bidonvilles rond Parijs naar verschillende verzamelpunten in het centrum van de stad om vreedzaam te demonstreren tegen de avondklok. De politie en de gendarmerie traden keihard op en arresteerden 11.000 demonstranten. Hoewel de kranten van 18 oktober melding maakten van de demonstratie, weerspiegelden de artikelen niet de ernst van de gebeurtenissen. De toen geldende censuur leidde tot zelfcensuur bij journalisten. Het televisiejournaal, dat onder staatsbestuur stond, besteedde er vrijwel geen aandacht aan. Van de weinige foto's van de demonstratie zijn de beste gemaakt door Élie Kagan, een legendarische Parijse persfotograaf. De cartoonist Willem, die hem gekend heeft, vertelde me dat Kagan zijn volgeschoten fotorolletjes op straat verstopte om te voorkomen dat ze bij politieafzettingen in beslag konden worden genomen. Dagen later haalde hij ze op. Zijn foto's laten de slachtoffers van het politieoptreden zien.

17 oktober 1961 werd vergeten en pas in de jaren '80 'ontdekt'. Dat was vooral te danken aan 'Meurtres pour mémoire', een misdaadroman uit 1984 van de thrillerauteur Didier Daeninckx. De demonstratie vormt de achtergrond van die roman. Waarom wordt Frankrijk tot dusver zwaarder door islamofascistische terreur getroffen dan andere Europese landen? Dagen als 17 oktober 1961 bieden een deel van de verklaring.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden