Moordaanslag? Totaal vergeten! Geheugenverlies

Geheugenverlies veinzende verdachten ontlopen soms zware straffen door goedgelovige rechters. De 62-jarige Peter van B. liet zijn vrouw achter op de spoorweg, maar de rechtbank oordeelde onlangs opvallend mild: 102 dagen cel.

Met het geheugen lijkt het net zo gesteld als met voetballen, zeggen hoogleraar rechtspsychologie Harald Merckelbach en neuropsycholoog Marko Jelicic van de universiteit Maastricht: iedereen heeft er verstand van. De praktijk is anders.

De Assense wurgmoord (zie kader) noemen Merckelbach en Jelicic een 'hilarisch voorbeeld van dokters die de wetenschappelijke literatuur over geheugenverlies aan hun laars lappen'. Drie deskundigen waren unaniem in hun oordeel: de verdachte leed aan dissociatieve amnesie, waardoor hij tijdelijk zijn wil niet meer kon bepalen.

Maar de psychiater vergat volgens de Maastrichtse psychologen een cruciaal punt in zijn analyse: ook al wordt in een acuut bedreigende situatie een handeling onbewust geïnitieerd, al na driehonderd milliseconde raakt de 'bedreigde' persoon volkomen doordrongen van wat hij aan het doen is en kan hij tegenmaatregelen nemen. De Assense wurgmoord duurde veel langer: de ruzie begon in de woonkamer en eindigde in de tuin.

De tweede in de zaak geraadpleegde expert, een klinisch psycholoog, haalde Freud erbij en concludeerde dat iemand die zijn agressie maar lang genoeg onderdrukt, vroeger of later wel een keer door het lint zal gaan. Maar uit recent onderzoek is juist gebleken dat mensen die hun woede inhouden op langere termijn ook minder agressief zijn dan mensen die hun woede uiten.

De derde deskundige stelde een zeer cryptisch rapport samen dat Jelicic en Merckelbach bestempelen als 'wartaal'.

,,Maar geen van drieën kwam ook maar op het idee dat deze man zijn geheugenverlies mogelijk veinsde'', zegt Merckelbach. ,,In dit voorbeeld zie je hoezeer rechters leunen op het oordeel van deskundigen.''

VERVOLG OP PAGINA 2

Moordaanslag? Totaal vergeten! Geheugenverlies Rechters zouden kritischer moeten zijn tegenover getuige-deskundigen

VERVOLG VAN PAGINA 1

,,En dat is hen ook niet kwalijk te nemen. Je kunt moeilijk van hen verwachten dat ze de literatuur zelf gaan lezen.''

De Maastrichtse psychologen constateren dat er een heleboel schort aan de actuele kennis van veel zogenoemde getuige-deskundigen in de rechtszaal. ,,Een deel van hen baseert zich op oudere, freudiaanse literatuur'', zegt Jelicic. ,,Zij denken dat je bepaalde, ernstige gebeurtenissen op commando weg kunt drukken. Volstrekt achterhaald.''

,,Maar de meesten zijn te goeder trouw'', vergoelijkt Merckelbach. ,,Zij willen graag helpen. Het zijn eigenlijk hulpverleners, die hun steentje willen bijdragen. Neem die deskundige in de Puttense moordzaak met zijn befaamde 'sleeptheorie'.'' Op het lichaam van het slachtoffer was sperma aangetroffen, maar niet van de twee verdachten. Als bewijs van hun schuld werd aangevoerd dat het technisch mogelijk was dat zij sperma van een ander hadden 'gesleept' uit het lichaam van het slachtoffer. ,,De rechtbank veronderstelde dat het om een erkende theorie ging, maar die deskundige heeft dat ter plekke bedacht, om het openbaar ministerie te helpen.''

Zonder dat rechters in de toekomst zelf in allerlei wetenschappelijke literatuur zouden moeten gaan duiken, vinden Merckelbach en Jelicic dat zij wel een wat kritischer houding mogen aannemen tegenover getuige-deskundigen. ,,Rechters proberen zelden vast te stellen of iemand daadwerkelijk deskundig is op het gevraagde terrein'', weet Merckelbach. ,,Hooguit vragen ze wanneer de deskundige geboren is, waar hij domicilie kiest en wat zijn beroep is. Ik vind dat rechters een paar stappen verder zouden moeten gaan, en ook moeten vragen of hij over het onderwerp heeft gepubliceerd, of hij de literatuur kent, en wat de relatie is tussen zijn deskundigheid en het voorliggende probleem.''

Geheugenverlies waaraan verdachten of daders zeggen te lijden, kent verschillende verschijningsvormen. Zo is er organische amnesie, waarbij het gaat om een ziek of ontregeld brein dat informatie niet meer goed kan opslaan. Dan is er het geheugenverlies met een emotionele achtergrond: de dissociatieve amnesie, waarbij handelingen, bewustzijn en herinneringen ontkoppeld zouden zijn geraakt. Deskundigen grijpen nogal gemakkelijk deze vorm van amnesie aan om het gedrag van verdachten te verklaren. Maar volgens Jelicic en Merckelbach is dit type ,,zo zeldzaam als vogelpoep in een koekoeksklok''.

Geveinsde amnesie, de derde variant, is de meest voorkomende, menen de Maastrichtse psychologen. Het behoort tot het standaard reactiepatroon van mensen die zich voor een ernstige misstap moeten verantwoorden, zoals de verdachte in de zaak van de spoorwegovergang in Culemborg (zie kader). ,,Hoe plausibel is het verhaal van die man?'' vraagt Jelicic zich retorisch af. ,,Als je op zo'n moment een black-out hebt, slalom je niet om de slagbomen heen maar rijd je er dwars doorheen. Ik vrees dat we hier te maken hebben met een gezonde vent, die op een effectieve manier van zijn vrouw af wilde komen''.

De Maastrichtse wetenschappers vinden het vreemd dat niet veel vaker verdachten die claimen geheugenverlies te hebben aan tests worden onderworpen. ,,Simulanten denken: 'Ik moet geheugenverlies veinzen, dus ik moet slecht scoren in zo'n test'. Die geven expres verkeerde antwoorden, zozeer dat ze onder kansniveau presteren. Als je een munt 25 keer opgooit, en het is maar drie keer 'kop', dan is er iets met die munt aan de hand. Als iemand maar drie goeie antwoorden geeft op 25 vragen, dan weet je dat hij de boel in de maling neemt'', zegt Jelicic.

Dokters zijn minder geschikt om simulanten te ontmaskeren, meent Merckelbach. ,,Zij hebben een soort truth-bias: geloven hun patiënten altijd op hun woord. Ze treden hun met open vizier tegemoet, terwijl verdachten er alle belang bij hebben om de boel te verdraaien en te liegen. Bijvoorbeeld om strafvermindering te krijgen of om hun straf zelfs te kunnen ontlopen.''

Daarnaast speelt volgens Merckelbach de pathology-bias de dokters vaak parten. ,,Psychiaters hebben altijd de neiging om pathologie, ziekte te zien, ook wanneer er niets aan de hand is. Beroemd is het onderzoek van professor Rosenham, die zijn studenten naar een psychiatrische kliniek stuurde, waar ze moesten zeggen dat ze meenden stemmen te horen. Die studenten werden direct opgenomen, en kwamen er vervolgens ook niet meer uit. Want op het moment dat ze zich weer normaal gedroegen, mochten ze niet weg vanuit het idee: er moet toch iets met hen mis zijn.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden