Mooier dan Pompeii

Een grote uitbarsting van de Vesuvius maakte in het jaar 79 na Christus een einde aan twee Romeinse stadjes. Bijna twintig eeuwen later is Pompeii een toeristentrekker, waar het nabijgelegen Herculaneum ver bij achterblijft. Ten onrechte, zo blijkt uit een bijzondere expositie in Nijmegen.

door Onno Havermans

Eric Moormann was als promovendus in Napels toen de lichamen werden gevonden. Driehonderd mannen, vrouwen en kinderen, vaak in elkaars armen, in door lava overdekte boothuizen. ,,De vondst wekte een enorme emotie op. Het was kort na de aardbeving van 1980 en veel herstelwerkzaamheden in Napels waren nog niet uitgevoerd, geld was verdwenen. De bevolking herkende zich in de slachtoffers van toen.”

Onderzoek van de bijna tweeduizend jaar oude skeletten leerde dat het ging om stakkers die zonder hulp niet tijdig hadden kunnen wegkomen voor de grootste natuurramp uit de klassieke oudheid. In de nacht van 24 op 25 augustus van het jaar 79, een paar uur na de eruptie van de vulkaan, benamen giftige gaswolken en een verzengende hitte hun de adem en verdampte binnen seconden al hun lichaamsvocht.

Tot 1982 gingen archeologen ervan uit dat bijna iedereen uit Herculaneum had weten te ontkomen. In Pompeii werden 1150 slachtoffers gevonden – een op de tien inwoners – maar de wetenschap had daar weinig aan. Hun lichamen konden alleen worden geborgen door in de opgravingen afgietsels te maken van de ruimte die ze ooit hadden ingenomen. Daarbij verdwenen de laatste resten definitief in het gips.

De skeletten uit Herculaneum gaven wél informatie prijs over leeftijd, gezondheid en fysieke gesteldheid van de vluchtelingen. Zo kon ook meer over hun maatschappelijke status worden gezegd.

,,Herculaneum is het stiefzusje van Pompeii en daar moet verandering in komen”, vindt Moormann. De destijds 27-jarige onderzoeker van Romeinse muurschilderingen is nu hoogleraar archeologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen en geldt ook in Italië als autoriteit. Hij werkte mee aan de Nederlandstalige gids bij de expositie ’De laatste dagen van Herculaneum’, na vier Duitse musea nu in Nijmegen te zien.

Het stadje werd rond 1710 bij toeval ontdekt, toen een boer een put sloeg en op het bedolven openluchttheater stuitte. De jaren daarna werden via gaten in de lava tal van schatten geroofd, tot de koning van Napels halverwege de achttiende eeuw opdracht gaf voor opgravingen. Maar na de ontdekking van Pompeii viel het werk in Herculaneum stil. Pas tachtig jaar geleden werden de opgravingen hervat.

Pompeii, op de zuidelijke helling van de Vesuvius, was bedekt door een zes meter dikke laag as en puimsteen. Dat maakte opgraving relatief eenvoudiger, maar de verwoesting is er groter.

Herculaneum, meer naar het noorden, richting Napels, werd bedolven onder 25 meter lava, vast als beton en vrij van zuurstof. Die lawine bewaarde niet alleen de gemummificeerde lichamen, maar ook ander organisch materiaal, zoals het hout in meubels, deuren en steunbalken, etenswaren en papier. Hier werd het echte leven gevonden.

In ’het huis met de herten’ lag een brood, verkoold en bijna tweeduizend jaar oud, maar nog gaaf. Uit de ingemetselde voorraadkruiken in winkeltjes kwamen kikkererwten, olijven en vijgen tevoorschijn. Kozijnen, kasten, bedden en stukjes textiel, in de woon- en eetkamers van huizen, vormen een welkome aanvulling op het beeld van een Romeins interieur, met zijn behang van muurschilderingen. In een van de grootste villa’s ooit gevonden, troffen de opgravers honderden verkoolde tekstrollen aan, een filosofische bibliotheek. De tuin, met tientallen beelden, is nagebouwd in het Amerikaanse Getty Museum.

Herculaneum was een mondaine buitenplaats, met een strak stratenpatroon en tuinen, veranda’s en balkons met uitzicht op zee. Opvallend veel muren staan nog overeind en de bomen en struiken die daartussen zijn opgeschoten geven het opgegraven gedeelte nog steeds allure. Bevreemdend is het wel om van beneden aan te kijken tegen het hedendaagse Ercolano, dat meer dan de helft van zijn Romeinse voorganger bedekt. Een paar meter boven de opgravingen wappert de was en schettert een Italiaans radiostation.

Lang niet alles is toegankelijk. Het bedolven theater, een attractie in de 19de eeuw, is nu te gevaarlijk, net als de meeste gangen die door de eerste opgravers zijn gemaakt. Het forum, het centrale plein van elke Romeinse stad, is nog niet gevonden. Ook mist Moormann de gebruikelijke tempels, ter ere van goden en keizers. Maar het stadje geeft een goed inzicht in het alledaagse leven van toen. Met waterleiding, riolering, vloerverwarming, huizen van baksteen en beton, een pannen dak boven de verdiepingen en een aparte opgang voor de huurders, een theater en een sportpark, badhuizen, winkels en eettentjes met ingemetselde voorraadkruiken. Daarin zaten de linzen en de vijgen en de goedkope wijn, waarvan de prijs op een van de muren is blijven staan.

De vondsten sluiten goed aan op de collectie van Museum Het Valkhof in Nijmegen. De oudste Romeinse stad van Nederland ontstond in de periode dat Pompeii en Herculenaum werden verwoest. Nijmeegse archeologen zijn al dertig jaar actief in de landstreek rond de Vesuvius. ,,Alles wat daar vandaan komt is veel rijker”, verzucht conservator Annelies Koster. ,,Wij hebben wel muurschilderingen, maar dat zijn brokstukjes. Uit het museum in Napels zijn grote stukken gekomen. En prachtige bronzen en marmeren beelden, twee kostbare papyrusrollen, verkoolde etenswaren.”

De stukken zijn in bruikleen afgestaan door het Napolitaanse museum. Met trots, maar ook met enige spijt, erkent conservator Maria-Luisa Nava. ,,In de zaal met de beelden uit de Villa dei Papiri staan nu twee lege sokkels. We missen de atleten. Wanneer ze straks terug zijn, laten we ze nooit meer gaan.”

’De laatste uren van Herculaneum’, tot 18 maart 2007 in Museum Het Valkhof, Nijmegen: www.museumhetvalkhof.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden