Mooie boeken, hele mooie

De inhoud, daar gaat het natuurlijk om bij boeken. Maar let bij de private-pressboeken die te zien zijn in Museum Meermanno vooral op de vormgeving, de inkt, de kaft en het papier.

Het is prettig als een boek er mooi uitziet en fijn in de hand ligt. Veel belangrijker is natuurlijk de inhoud.

De letters, daar gaat het om bij boeken. Een ezelsoor meer of minder, koffie- en wijnkringen of aantekeningen in de marge doen toch niets af aan de inhoud?

Paul Cappeleveen denkt van wel. Hij is conservator van de tentoonstelling ’Het Ideale Boek’ in het Haagse Museum Meermanno, waar voor het eerst een grote selectie van de honderdjarige Nederlandse private-pressbeweging te zien is.

Boeken van de private press zijn in kleine oplages gedrukt en bijzonder vormgegeven: fraai versierd, uit lood gezet, op handgeschept papier en met speciale inkt gedrukt. De persen staan vaak bij particulieren thuis en de boeken zijn niet zomaar te koop in de boekhandel op de hoek.

De speciale lettertypen, bijzondere kaften, wijzen van binden en illustraties zijn volgens Capelleveen niet alleen van esthetische waarde. „Natuurlijk gaat het bij boeken om de inhoud, maar het uiterlijk van boeken wordt door deze inhoud gedicteerd. Als het goed is, zie je daar niet direct iets van, maar merk je het wel degelijk in het gemak van lezen”. Elke afwijking in de vorm – te grote witregels, te kleine of juist te grote letters, scheef gedrukte pagina’s – verstoort volgens hem het leesproces.

Deze exclusieve werken staan centraal in deze tentoonstelling. Ze hebben veel weg van de eeuwenoude boeken met sierletters en kleurrijke illustraties, en staan haaks op de idealen van de moderne, massaal en machinaal geproduceerde paperbacks in zo hoog mogelijke oplagen voor zo min mogelijk geld. Private press-boeken zijn dan ook niet gedrukt in torenhoge stapels, maar slechts in lage (50) tot zeer lage (3) oplagen. Dat er niet één ideaal boek is, bewijst de Haagse tentoonstelling, die honderden ervan uitlicht; sommige achter glas, andere om in te bladeren.

Er liggen geen schoolboeken, wetenschappelijke uitgaven of vuistdikke romans – want niet elk genre is geschikt voor de private press – maar wel veel poëzie, novellen en illustraties. Vooral dunne boeken, omdat het werken met handpersen arbeidsintensief en tijdrovend is.

Zo was het eerste boek van de eerste Nederlandse private press – De Zilverdistel geheten – het zeven pagina’s tellende ’Worstelingen’ van Van Eyck. De Zilverdistel is opgericht in 1910 door de dichters J.C. Bloem, J. Greshoff en P.N. van Eyck, naar het voorbeeld van de Engelse Kelmscott Press van William Morris, wiens boeken uitgebreid versierd zijn.

Esthetiek is belangrijk bij de private press, maar staat niet altijd voorop. Tijdens de Tweede Wereldoorlog draaiden de private pressen bijvoorbeeld op een politiek ideaal.

Een van de zalen in Meermanno toont de vele clandestiene en illegale drukken, die geld opleverden voor het verzet. Daar ligt bijvoorbeeld het bekende gedicht ’Achttien doden’ van Jan Campert, maar ook de zeldzame sjablonen van H.N. Werkman, die Capelleveen speciaal voor deze tentoonstelling aankocht .

De laatste zaal van de tentoonstelling laat de mogelijkheden van de nieuwste techniek zien. Voor private press-boeken heb je niet meer per se een ouderwetse handpers nodig. Met geavanceerde computers en printers worden de idealen heel wat sneller bereikt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden