Monsterlijk

Vluchten kan niet meer. Volgend jaar wordt in Berlijn begonnen met de bouw van het holocaustmonument van Eisenman. Het is een eigentijdse Stonehenge, met opvallend meer stone dan henge: een woud van megalieten. Er vlakbij komt een documentatiecentrum met een bibliotheek die plaats moet bieden aan een miljoen boeken over de holocaust. Aangezien er wereldwijd niet meer dan vijftigduizend titels over de holocaust zijn verschenen, zal het bui-tengewoon lastig worden om de kasten te vullen. Hiermee is de grootheidswaan van het project ten voeten uit getekend.

Met het monument wil Duitsland op nationaal niveau boete doen voor de vernietiging van zes miljoen Joden. Omdat de daad monsterlijk was en de gevolgen verpletterend zijn, moest ook het monu-ment aan die eigenschappen voldoen. Dat is gelukt. Het wordt een walgelijk ding. Maar het kan, hoe walgelijk ook, geen uitdrukking geven aan de betekenis van de holocaust.

Toch zullen veel Duitsers het monument bezoeken, bij wijze van zelfkastijding en loutering. Dat lijkt nobeler dan het is. Want het gaat om zelfkastijding met andermans pijn. Het gaat om pijn van de slachtoffers, pijn die bij betreding van het monument in leen wordt genomen en die bij vertrek renteloos wordt ingeleverd.

Zelfkastijding was het leidmotief van de meeste inzendingen. Zo was er een plan om de Brandenburger Tor, symbool van het Pruisische militarisme en Duitslands grote nationale trots, te verpulve-ren tot gruis. Volgens een ander ontwerp moest een deel van Hitlers Autobahn worden bestraat met kinderkopjes, waardoor Duitse automobilisten vaart zouden moeten minderen, om aldus welhaast letterlijk bij de vermoorde Joden 'stil te staan'.

Veel inzendingen werden afgewezen, omdat ze niet groots en niet spectaculair genoeg waren. Het Duitse holocaustmonument moet nu eenmaal wedijveren met zijn Amerikaanse tegenhangers, die zo super en mega zijn dat de holocaust zelf erbij dreigt te verbleken. De Verenigde Staten, van New York tot Boston en van Washington tot Houston, raken volgeplempt met holocaustmonumenten en musea waar bezoekers een dagje concentratiekamp kunnen meemaken. Dit gebeurt met zo grimmig mogelijke middelen. Hoe waarheidsgetrouwer, hoe beter. Wanneer vergassing niet op het programma staat, dan alleen omdat het dodelijk zou zijn voor de klandizie.

De directeur van het museum in Washington bezit kilo's haar van Joden die in Auschwitz werden vergast. Hij zou er een moord voor doen om dit haar in een glazen vitrine tentoon te stellen, zoals dat in Museum Auschwitz ook gebeurt. Maar de nabestaanden van de slachtoffers maken bezwaar. Zij vinden dat het niet zou getuigen van respect voor de doden.

De doden? Och ja, de doden. We zouden ze bij alle heisa bijna vergeten. Naarmate hun nagedachtenis krimpt, worden onze rituelen bombastischer. En naarmate onze monumenten in omvang toenemen, sterven zij in onze herinnering verder af. Vroeger spraken ze tot ons, maar we hebben ze overschreeuwd en overbluft. De doden van Auschwitz zijn nooit zo dood geweest als in deze jaren.

Berlijn kan het zonder Eisenman stellen. Het heeft talrijke kleine holocaustmonumenten die in hun bescheidenheid het hart van de bezoeker raken. In de Lindenstrasse bijvoorbeeld werd in de openlucht het interieur van een verwoeste synagoge nagebouwd. Op het gras staan stenen banken in rijen opgesteld, her en der onderbroken door een boom. De Joden die hier eens hun gebeden hebben gezegd, zijn lang gedeporteerd en vermoord. Het gefluister dat wij horen is niet het hunne. Het wordt veroorzaakt door de bomen, die wiegend in de wind de Tora lezen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden