Monotoon en lawaaierig

Het voorjaar brengt de nodige vogelsoorten weer onze kant op, terug van hun warme overwinteringsoorden. Ik las dat iemand al een gierzwaluw had waargenomen, maar dat zou vreemd zijn want die komen pas in de laatste week van april hierheen. Er zijn uiteraard ook vogels die helemaal niet trekken en gewoon het hele jaar hier blijven. Naarmate de winters zachter worden, lijkt dat een verstandige strategie; dan hoeven ze niet over Malta of Egypte te vliegen. Met veel vogels gaat het slecht, er stonden weer alarmerende cijfers over in de krant. Met andere gaat het goed, soms zelfs te goed.

Een van de steeds minder zeldzame soorten is een klein blauw vogeltje met korte, kekke vleugeltjes en een fier opgeheven snaveltje. Het is twitterbird, een soort die enorm profiteert van de populariteit van populistische voormannen. Of het grote natuurliefhebbers zijn, waag ik te betwijfelen, maar de heren D. Trump en G. Wilders zorgen in elk geval voor een grote verspreiding van het twittervogeltje.

Twitteren is een werkwoord. Ik twitter, jij twittert, wij twitteren, wij hebben getwitterd, enzovoort. Er wordt wat afgetwitterd. Het Engelse werkwoord to twitter wordt door Google Translate vertaald als 'tjilpen, sjilpen, kwetteren, piepen, trillen, giechelen'. Dat trillen en giechelen kan ik niet helemaal plaatsen, maar de vier eerste werkwoorden slaan overduidelijk op vogelgeluiden. Mussen tjilpen. Of sjilpen, wat u wilt. Hun drukke gekwetter is zeer herkenbaar en veel mensen vinden het leuk klinken. Dat is natuurlijk een kwestie van smaak.

Mussengetjilp is niet echt melodieus. Het is een kakofonie van nerveuze en ongecoördineerde kreetjes en klinkt alsof de mussen elkaar willen overstemmen, als harde stemmen op een lawaaiig feest. Het is niet zo mechanisch als het piepende fietspompje van de koolmees, of helder kristallijn als het geluid van het winterkoninkje of zo muzikaal als de nachtegaal.

Maar ondanks deze onvolmaaktheden is het geluid van een groep huismussen zó vrolijkstemmend dat je het kunt missen. In elk geval misten Europeanen die in de negentiende eeuw naar de Verenigde Staten waren geëmigreerd het. Op hun initiatief werd een partijtje Europese huismussen op transport gezet en in 1850 losgelaten in Central Park, New York. Daar vonden de mussen een habitat die ze in Europa goed kenden en waaraan ze zich uitstekend hadden aangepast, en die in de VS een geheel onontgonnen terrein bleek te zijn: de menselijke omgeving. De grote Amerikaanse steden en de vele boerderijen boden een uitgelezen leefomgeving en bijgevolg zijn huismussen in de gehele VS, het noorden van Mexico en grote delen van Canada nu een invasieve exoot, een plaagdier. Hun kwetterende geluid is, volgens de Audubon Society Field Guide to North American Birds, een 'shrill, monotonous, noisy chirping', een schel, monotoon en lawaaierig getjilp. De Amerikanen zijn de mussen en hun gekwetter intussen spuugzat.

Trump c.s. maken ijverig gebruik van het digitale kwettermedium. De noodgedwongen beperking van hun boodschap tot 140 tekens zorgt daarbij voor een soms stuitende ongenuanceerdheid. Het resultaat valt - met dank aan Audubon - inderdaad goed te omschrijven als 'shrill, monotonous, noisy chirping'.

Jelle Reumer is paleontoloog

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden