'Monnik betekent ook gewoon eenling'

Benedictijnen | interview | Als een van de weinige monniken verlaat Thomas Quartier regelmatig zijn abdij in de Achterhoek. Als ambassadeur van het kloosterleven.

Als Thomas Quartier 's ochtends wakker wordt in de benedictijnenabdij Sint-Willibrord, vlakbij Doetinchem, is het eerste wat hij ziet zijn habijt, dat aan een haakje in zijn kloostercel hangt. Hij denkt dan wel eens: "Godsiedikkeme, dit is het en dat blijft het." Maar vaak is het ook een bevrijding. Zo'n gevoel van: "Het is duidelijk wat je aan doet vandaag."

Dat habijt is nog wel een kwestie voor de monnik-theoloog. Wanneer draag je het wel en wanneer niet? Hij hoopt dat mensen die hem in habijt zien denken: "Dat is iemand die ergens consequent voor gaat." Dat ze nadenken over wat een radicale keuze kan betekenen.

Hij weet ook dat het averechts kan werken. Zijn colleges in Nijmegen geeft hij daarom niet in habijt. Voor je het weet, wordt het aapjes kijken en ben je een rariteit. Lezingen doet hij daarentegen wel in 'uniform'. "Je moet een vorm kiezen om theologie te bedrijven. Ik doe dat vanuit deze abdij en maak dat zichtbaar door dit habijt te dragen."

Thomas Quartier (43) is een drukbezet man. Hij geeft les aan de universiteiten van Nijmegen en Leuven en in de zomermaanden ook nog aan de benedictijnse universiteit van Sant'Anselmo in Rome. In de afgelopen drie jaar schreef hij ook nog drie boeken. Vorig jaar verscheen 'Anders leven' (genomineerd voor het beste theologische boek van 2015) over de spiritualiteit van het klooster. In zijn nieuwste boek 'Kiemcellen' maakt hij de stap van het klooster naar de wereld. Wat kan de monastieke spiritualiteit bijdragen aan een betere samenleving?

We hebben afgesproken in de abdij. Naast de deur hangt een bordje: 'U hoort de bel niet, maar wij wel'. Een vriendelijke man doet open. De mis loopt uit, dus Quartier laat even op zich wachten. Na een paar minuten komt hij wat gehaast aan lopen. Hij heeft zijn zwarte habijt aan en begint meteen te praten over de schijnbare tegenstelling waar 'Kiemcellen' in feite over gaat. "Ik ben ervan overtuigd dat contemplatie en in het openbaar je stem verheffen, elkaar niet uitsluiten."

Kiemcellen zijn afgezonderde organismen die wel bij het weefsel en de aarde horen. 'Ze bergen een explosieve kracht in zich om iets nieuws te laten ontstaan', schrijft u in uw boek. Bent u als monnik ook een soort kiemcel?

"Voor mij is iedere monnik een kiemcel. Net zo goed als elk klooster een kiemcel is. We leven afgezonderd, maar hebben wat ik weleens noem 'straalkracht'. Ik hoop dat die 'kiemcel' besmettelijk is. Dat door wat wij hier doen - bidden, samen een gemeenschap zijn - wij de wereld kunnen veranderen".

In het boek citeert u een medebroeder die zegt: 'Het belangrijkste is dat wij er zijn'. Is dat wel genoeg? Moeten u en uw medebroeders niet actief de wereld in?

"Heel veel mensen in de wereld voelen dat wij hier compassie hebben met hen. Compassie betekent niet alleen de barmhartige Samaritaan op straat zijn, het betekent ook ruimte vrij houden voor heiligheid. Dat ook in een wereld die in brand staat God aanwezig kan zijn.

"God is dan een ultieme onvoorwaardelijke vorm van aanwezigheid, die ergens moet kunnen opblinken. Waar mensen bij stil kunnen staan. De mensen weten dat we hier zijn, dat we aan hen denken. Ze kunnen van ons op aan."

Dat is allemaal erg mooi, maar is de wereld er niet veel meer bij gebaat als jullie bijvoorbeeld het gastenverblijf openstellen voor vluchtelingen?

De norbertijnen van de abdij van Berne proberen dat. Dat is idealisme en dat heeft altijd mijn sympathie. Onze spiritualiteit en situatie is anders. Je moet jezelf de vraag stellen of je vluchtelingen er wel een plezier mee doet als je ze hier ergens in de Achterhoek, in the middle of nowhere, neerzet. Verder vraag ik me af hoeveel wij zouden inleveren van onze hoofdtaak, die ruimte vrij te houden. Als ik hier twintig schreeuwende Syrische kinderen heb rondlopen, dan is ons kloosterleven voorbij. Wij engageren ons op een andere manier."

Als een van de weinige monniken van de abdij verlaat Quartier regelmatig de abdij, om les te geven of een lezing te geven. Hij is een ambassadeur van het kloosterleven. In het boek staan zwart-wit foto's van Quartier waarop hij - alleen en in habijt - te zien is in de gangen van het Erasmusgebouw, zijn werkplek bij de Nijmeegse Radboud Universiteit.

Ik had een beetje met u te doen op die foto's. U lijkt een beetje verloren in die lange universiteitsgangen.

"Monnik betekent ook gewoon eenling. De foto's laten mij zien als monastiek theoloog en dat is soms een eenzame weg. Toen de uitgeverij en de fotografe dit voorstelden heb ik er even over nagedacht. Twee medebroeders hebben me overtuigd, ze vonden het horen bij het getuigeniskarakter van het boek.

"Je bent zoals de trappist Michael Casey dat zo mooi zegt 'een vreemde in de stad'. Dat habijt staat natuurlijk haaks op de tijdgeest. Tegelijk laat ik door het te dragen zien dat ik 'heilige aannames' heb die ik probeer te verdiepen. De belangrijkste is dat je het heft van je leven niet in eigen handen hebt, je bent nooit volledig autonoom."

Zou de Radboud Universiteit, die enkele jaren geleden het woord katholiek uit haar naam schrapte, zich niet wat meer druk moeten maken over dit soort heilige aannames?

"Ik denk dat de universiteit haar wetenschappers zou moeten aanmoedigen meer op zoek te gaan naar heilige aannames en die ook uit te spreken. Dat is heel monastiek. Van mij mag de universiteit meer op een abdij lijken. Om te beginnen in sociaal opzicht. Na twintig jaar studie en werk aan de universiteit heb ik de indruk dat het idee van de academia - de gemeenschap - langzaam maar zeker aan het verdwijnen is.

"Verder vind ik dat de universiteit een plek moet zijn waar naar de waarheid gezocht wordt. Dat is voor mij ook een heilig principe. Daar hoef je geen monnik voor te zijn, de oude Grieken deden het ook al.

"Ik haal in mijn boek mijn naampatroon de apostel Thomas aan, de leerling die niet kon geloven dat Jezus verrezen was. Als hij echter niet aan alles was gaan twijfelen, was hij uiteindelijk niet tot geloof gekomen. Je zou wensen dat de hedendaagse wetenschapper het aandurft om wat meer Thomas te zijn, wat meer ruimte te maken voor twijfel, maar daarna ook voor geloof in brede zin.

"Veel staat van tevoren al vast. Tegenwoordig moet je een projectaanvraag zo formuleren dat die al laat zien wat je gaat ontdekken, anders krijg je geen geld."

Het gesprek stokt even. Quartier ziet buiten iemand lopen die hij niet kent. "Even vragen of ik hem ergens mee kan helpen." Het blijkt iemand te zijn die bij het middaggebed van de monniken aanwezig wil zijn.

Eenmaal terug gaat Quartier verder waar hij gebleven was. Feilloos maakt hij het betoog af dat hijzelf onderbroken had.

"De theologie kent ook een agnostisch zoeken, maar ik leef vanuit het oervertrouwen dat mijn zoektocht de moeite waard is.

"Zodra je een woord als agnostisch gebruikt, denken mensen: is hij nog wel christelijk? Natuurlijk ben ik christen, maar het zoeken en dus niet bij voorbaat weten hoort wezenlijk bij het monastieke leven. En dat is een kiemcel, ook. Je weet nog niet wat eruit zal voorkomen, maar die vonk van heiligheid zit er al in. "

Dan luidt er een bel. "Dat is de aankondiging van het middaggebed", zegt Quartier. We moeten afronden.

Wat zegt u tegen mensen die zich in deze verwarrende tijden van Brexit en crisis in Europa afvragen: wat kunnen die elf biddende monniken voor ons doen?

"Ik zou de Europese leiders willen uitnodigen voor een kloosterweekend hier in de abdij. Niet om ze te zeggen hoe het moet, ook niet om ze op te sluiten zodat ze tot rust kunnen komen, maar om hen de mogelijkheid te geven voor zichzelf helder te krijgen wat voor hen heilig en onschendbaar is. Europa kan alleen maar als een idealistische gemeenschap voortbestaan en dat idealisme noem ik heiligheid."

Kiemcellen - van klooster naar wereld van Thomas Quartier is verschenen bij Berne Media, 230 bladzijden, euro 19,90.

Thomas Quartier

Thomas Quartier (1972) werd geboren in het Duitse Kranenburg, vlak over de grens bij Nijmegen. Hij studeerde theologie en filosofie aan de Radboud Universiteit en specialiseerde zich in rituelen rondom de dood. "De dood is de beste levensverzekering voor de religie", zei hij ooit. Tegenwoordig is hij docent rituele studies in Nijmegen en bezet hij de leerstoel liturgische spiritualiteit en monastieke studies aan de Katholieke Universiteit Leuven.

Quartier is lid van de monnikengemeenschap van de Benedictijnenabdij Sint Willibrord in Doetinchem, ook wel bekend als Slangenburg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden